woensdag 14 november 2018

Wijsheid en geloof van Godfried Danneels: Hoezeer je hebt bemind

Vaak lijkt het alsof voor ons maar één zaak geldt: nog meer werken en nog meer verdienen. De productiviteit en de efficiency opvoeren. De mens en zijn inspanning, zijn kennis en vaardigheid: dat staat centraal. Maar de kerk nodigt ons uit ook eens de andere kant op te kijken. Als je lang genoeg naar een icoon van Maria en haar kind kijkt, verander je vanzelf. Dan kijk je niet hoeveel je met eigen inspanningen hebt verdiend, maar hoeveel je uit Gods hand – onverdiend – hebt gekregen. Niet hoeveel je koortsig zelf gaat presteren, maar hoeveel God ons gratis schenkt. Niet hoeveel ik volgend jaar zal doen, maar hoezeer ik zal beminnen. Op de liefde zullen we worden geoordeeld, en alleen die blijft over de dood heen. en die liefde voed je meer door met je ogen te kijken dan met je handen te bewerken. Meer door stille beschouwing dan door erop los te beuken. Daarom is het goed om lang en rustig naar Maria te kijken, de wegwijzende.

Uit het boek: Een jaar met kardinaal Godfried Danneels (uitgegeven in 2009)

woensdag 7 november 2018

Chiro Korbeek-Dijle 75 jaar

Week 2018-45 - Chiro 75 jaar0001

Pastoor Tussen Ijse, Voer En Dijle

Inhaling

Op 22 maart 1986 overleed in zijn pastorij in Neerijse pastoor Pieter Palmaerts. In Korbeek-Dijle wou pastoor Marcel Lievens, toen 79 jaar, op rust gaan. Het aartsbisdom had in die tijd reeds problemen om alle lege plaatsen van parochiepriester op te vullen. Daarom trachtten zij de onderpastoors die er links en rechts nog waren als verantwoordelijke pastoor voor meerdere parochies tegelijk te benoemen. Marcel Struyf, 39 jaar, onderpastoor in Haacht, werd de uitverkoren man om pastoor te worden tegelijkertijd van Neerijse en van Korbeek-Dijle. Marcel kreeg onderdak in de pastorij van Neerijse en zou van daar uit ook Korbeek-Dijle bedienen.

Op zondag 12 oktober 1986 werd hij als pastoor ingehaald in Neerijse. Deken Verdée van Heverlee was er bij, evenals burgemeester Verheyden van Huldenberg en zijn schepenen en, als bezige bijen, uiteraard ook de zusters Philomena en Antonia. De mensen van Neerijse waren blij, na zoveel maanden zonder herder, opnieuw een pastoor in hun midden te hebben. De kerk was te klein om alle opgekomen parochianen en vrienden een plaatsje te bieden voor de eucharistieviering, waarin Marcel Struyf officieel tot pastoor van Neerijse werd aangesteld. Te klein was ook de gemeentelijke feestzaal in Neerijse waar door het gemeentebestuur van Huldenberg een receptie werd aangeboden.

Veertien dagen later, op zondag 26 oktober 1986, werd Marcel Struyf als pastoor ingehaald in Korbeek-Dijle. Om 15u werd de pastoor opgewacht aan de Kleinebroekstraat, aan de grens met Neerijse. In stoet ging het dan naar de kerk waar de aanstellingsmis plaats vond om 16u. Nadien was er een receptie, aangeboden door het gemeentebestuur van Bertem, in de Parochiale Gebouwen. De mensen van Korbeek-Dijle waren in uitbundige feeststemming. ’s Zondags voordien was het afscheid gevierd van pastoor Lievens en de smaak van het vieren had hen helemaal te pakken. Er werd veel gedronken en gedanst. Zelfs de nieuwe pastoor werd verleid tot een dansje met zijn moeder.

clip_image002

Raf De Coster, gemeentesecretaris, heeft toen herhaaldelijk bijkomende drank moeten laten aanrukken. Marcel Struyf, eenvoudig van aard, geboren en opgegroeid in het landelijke Willebringen, kon blijkbaar goed overweg met het gewone volk en genoot onmiddellijk de sympathie van de Korbekenaren.

De kerk van Korbeek-Dijle

Wat hem in Korbeek-Dijle bij zijn eerste kennismaking was opgevallen, was de lamentabele toestand van de kerk. Hij moet toen gedacht hebben: wat een erfenis! Maar, vermits hij van aanpakken weet heeft hij met grote vastberadenheid zijn schouders gezet onder het project, dat reeds lopende was, om de kerk te herstellen. Onder zijn stuwende kracht kwam alles in een stroomversnelling. Er werd een akkoord gesloten met het gemeentebestuur van Bertem: de gemeente zou de restauratie van de buitenkant van de kerk bekostigen en de parochie moest zorgen voor de binnenrestauratie. Honderden mensen hebben ertoe bijgedragen dat de binnenherstelling tot een goed einde kwam. Het is ongelooflijk hoe de bezieling van een pastoor die, in overall, zelf de leiding van de werken nam, talloze Korbekenaren – ook sommigen die zeker niet de dorpel van de kerk plat liepen – ertoe bracht lijfelijk mee te werken of een geldelijke bijdrage te storten of ze te inspireren om de nodige fondsen hier en elders bij mekaar te zoeken. Er was weinig of geen geld bij de start en, al liepen de kosten hoog op, bij de voltooiing van de binnenwerken – en hier waren de nieuwe glasramen inbegrepen - konden alle rekeningen worden betaald. De parochie heeft geen frank moeten lenen. Deze stunt van de pastoor heeft een speciale en blijvende band gecreëerd tussen hem en zijn Korbeekse parochianen. Zie foto van de pastoor in overall met lasbril en gasbrander, toen werkend aan de nieuwe centrale verwarming van de Korbeekse kerk.

clip_image004

Tijdens de werken aan de kerk hadden de misvieringen plaats in de Parochiale Gebouwen. Op paaszaterdag 25 maart 1989 werd voor de eerste maal opnieuw de mis opgedragen in de vernieuwde kerk. Wij kwamen samen om 21u in de Parochiale Gebouwen. Daar werd het vuur gewijd en in stoet werd het H.Sacrament, door fakkels begeleid, overgebracht naar de kerk, waar de plechtige paasviering werd verder gezet.

Tocht naar het Beloofde Land

De pastoor houdt van innovaties. Nadat de schilderwerken van de ondertussen gedroogde kerkmuren waren uitgevoerd – weer met parochiale mankracht – werd op zondag 30 augustus 1992, feest van Sint-Bartholomeus en Korbeekkermis, om 9.30u een openluchtmis opgedragen in het Broek, helemaal op het einde van Ormendaal. Het afgelegen Ormendaal was voordien een beetje verwaarloosd op kerkelijk gebied en kwam nu in het middelpunt van de belangstelling. Na de openluchtmis trok een vernieuwde H.Sacramentsprocessie, met alle attributen eigen aan de tocht naar het Beloofde Land, naar de gerestaureerde kerk. Er van uitgaande dat de Israëlieten toch niet helemaal zonder natte kleren door de Rode Zee zijn getrokken, mogen wij zeggen dat het realiteitsgehalte van onze processie bijzonder hoog was. Bij het vertrek van de processie vielen er een paar druppels, maar geleidelijk aan druppelde het meer en meer en tenslotte regende het pijpenstelen. Maar zonder verpinken werd de geplande tocht, met al haar haltes onderweg, volledig afgewerkt. In de namiddag was er een groot volksfeest voorzien, dat dan wel figuurlijk en letterlijk in het water is gevallen. ’s Zondags daarna, op 6 september 1992, werd de viering van de voltooiing van de restauratiewerken nog eens overgedaan in de kerk, met de gemeentelijke mandatarissen als officiële genodigden, gevolgd door een receptie in de Parochiale Gebouwen.

O.L.Vrouw-ten-Puy-kapel

Ondertussen was de pastoor ook aan ’t werk geschoten in Neerijse. Neerijse bezit naast haar tweetorige neoromaanse kerk nog een zeer mooi gebedshuis in rococostijl, de O.L.Vrouw-ten-Puy-kapel. Bij de vernieuwingswerken van de toren van deze kapel in 1992 stond pastoor Marcel Struyf weer in de frontlinie. Hij stond op een stelling om het koperwerk te solderen als plots zijn gassoldeerbout ontplofte. Dat had een ramp kunnen zijn. Maar O.L.Vrouw moet hem zeker beschermd hebben. Hij kwam er gelukkiglijk met een licht gekwetst oog van af. ’s Anderendaags stond Marcel met een lapje voor zijn geblesseerd oog weeral op de stelling. Het werk moest vooruitgaan. En als permanente mei plaatste Marcel terug een haan bovenop het kruis van de nieuwe toren.

Tien jaar pastoor

Toen Marcel Struyf tien jaar pastoor was in Neerijse en Korbeek-Dijle wilden wij dit niet onopgemerkt laten voorbijgaan. In Neerijse werd hij gevierd in de loop van oktober 1996. In Korbeek-Dijle gebeurde de herdenking op zondag 10 november: een eucharistieviering in het teken van onze dankbaarheid om 9.30 u, gevolgd door een receptie in de kerk. Op die receptie ging het er nogal vrolijk aan toe. In de mis hadden wij als evangelie het verhaal van de bruiloft van Kana gekozen, en bij het begin van de receptie hebben wij met een ingenieus apparaat uitgetest of ook de pastoor water in wijn kon veranderen. Het lukte perfect, tot groot jolijt van alle aanwezigen. Daarmee was de toon van het verdere verloop van de receptie gezet. Nog enkele grappige en lichtvoetige toespraakjes van Maria Maginelle, Steven Poels, Gilbert Vandezande en mijzelf, met de pastoor als (lijdend) voorwerp, hielden de stemming constant op peil. Een geschenk en een etentje rondden deze viering af.

Vijfentwintig jaar priester

Twee jaar later was Marcel Struyf 25 jaar priester. In Korbeek-Dijle werd dit gevierd op zondag 21 juni 1998 met een dankmis in de kerk om 10.30 u, gevolgd door een receptie. De pastoor kreeg twee mooie kazuifels cadeau en werd nog getrakteerd op een etentje.

In Neerijse werd zijn zilveren priesterjubileum gevierd op zondag 11 oktober 1998. Totaal onwetend over wat hem te wachten stond kwam de pastoor tegen 10.30 u naar de kerk om de mis op te dragen. Hij zag en voelde dat er wat gaande was: een bomvolle kerk, heel veel kinderen. Dat was hij niet gewoon. Alvorens de eucharistie te beginnen wou hij toch wat meer weten. Men heeft dan wel een tipje van de sluier moeten lichten. Het werd een viering waarin de schoolkinderen een zeer actieve rol speelden. Na de mis trok iedereen naar de gemeentezaal waar een fotocollage over het leven van de pastoor werd tentoongesteld. Enkele erkenbare attributen werden er bij geplaatst, zoals een man in overall, en, voor de verstokte roker, sigaretten en aanstekers. Maar eerst moest de tentoonstelling plechtig worden geopend. Niet met het klassieke lintjesknippen, nee, voor hun technisch aangelegde pastoor hadden de Neerijsenaren een ijzeren draad gespannen, en een kind bood hem een kniptang aan op een kussen. Hij begreep natuurlijk de zinspeling, maar gekscheerde dat de kniptang toch niet van de beste kwaliteit was. Er werd ook getoast en de pastoor werd met geschenken overladen.

Wijsheid en geloof van Godfried Danneels: Kruis of dierenriem?

Paulus zegt niet dat wetenschap en techniek, het zoeken naar de geheimen van de natuur en van de mens, de geneeskunde, de communicatie uit den boze zijn. Wel dat dáár het uiteindelijke geluk van de mens niet is gelegen en dat daar de laatste raadsels over zijn wezen niet worden opgelost. Het meester worden over alles leidt tot niets als het niet gedragen wordt door een fundamentele luisterbereidheid naar wijsheid die van veel verder komt. Wat baat het ons heer te zijn over alles, als we daarbij ons kindschap Gods verliezen? Gods pedagogie om ons te verlossen verliep nu eenmaal niet in de vorm van ‘de zegetocht van de rede’ door de geschiedenis van deze wereld, maar over de dwaasheid van het kruis van zijn Zoon. Dit vraagt een hele omwenteling in ons denken, een langzaam aan leren geloven in de verborgen vruchtbaarheid van het kruis. Geloven wij in de ‘arme middelen’ waardoor God vaak het sterkst werkt? Veertig jaar lang heeft de kerk uit Midden- en Oost-Europa niets anders gehad: geen seminaries, geen boeken, geen catechese, geen organisaties en structuren, bijna geen priesters en geen geëngageerde leken. Alleen een intens geloof ‘dat bloed heeft gekost’ heeft de kerk levend gehouden. Ook bij ons is er geen andere weg: niet de macht van de kerk, haar prestige, haar middelen in geld of personeel, haar public relations of haar aanzien kunnen haar redden, alleen een diepe bekering tot meer geloof in de Gekruisigde.

Uit het boek: Een jaar met kardinaal Godfried Danneels (uitgegeven in 2009)

zondag 4 november 2018

Agenda bijgewerkt

Bekijk onze bijgewerkte agenda op de agenda-pagina.

woensdag 31 oktober 2018

Retrobal

Week 2018-44 - Retrobal0001

Wijsheid en geloof van Godfried Danneels: De heilige sluimert in je hart

Durf naar je binnenkant te kijken. Want in elk van jullie leeft, als een graankorrel gevallen in de goede grond van je hart, een heilige. Al wie gedoopt is en gelooft, draagt de kiem van een heilige in zich. Je zult misschien zeggen: ‘Ik ben niet heilig, je kent me niet, ik ben een arme zondaar.’ En toch: ‘Al was je kwaad rood als scharlaken, ik, zegt de Heer, maak het wit als sneeuw’ (Js 1,18). De heilige sluimert in je hart. Laat het me bewijzen. Telkens als iemand tot je spreekt, over een arm hart, een zacht, mild en barmhartig hart, dan zeg je diep in jezelf: ‘Ach, was ik maar zo! Ik zou graag zo’n barmhartig hart hebben!’ Dat is de heilige die in je spreekt. Je beste ik dat van God komt. Laat deze heilige voluit in je spreken en laat hem zeggen: ‘God, ik ben arm en zwak, maar kijk me aan, kijk naar mijn binnenkant en red mij!’

Uit het boek: Een jaar met kardinaal Godfried Danneels (uitgegeven in 2009)