maandag 24 september 2007

Jan Pelgrims

Vandaag nemen we de draad weer op van onze artikelenreeks over de Korbeekse senioren met Joannes Franciscus Pelgrims (alias de Frits; sommigen noemen hem Jan, weer anderen Susse). Jan Pelgrims werd geboren te Korbeek-Dijle op 8.6.1922. Hij trouwde in 1954 met zijn achternicht Irène De Greef (°Korb.D.1924). Zij hebben samen een zoon: Felix Pelgrims.

Gaan we nu op zoek naar de voorouders van Jan Pelgrims.

De eerste Pelgrims in Korbeek-Dijle was Ludovicus Pelgrims (°Rotselaar 1803/+Korb.D.1859). Hij trouwde te Korbeek-Dijle in 1825 met Anna Maria Berthels (°Korb.D.1802). Zij was een nicht van de grootvader en de grootmoeder van Dolf van den Bettel, Treis Bettel en Teike.
Ludovicus Pelgrims was de zoon van Andreas Pelgrims (+Rotselaar 1812) en Maria Catharina Geerts, landbouwers in Rotselaar.

Ludovicus Pelgrims en Anna Maria Berthels hebben waarschijnlijk de elfjarige Amandus Fagot (Mandus) verder grootgebracht nadat beide ouders van Anna Maria, die vondeling Amandus Fagot in 1814 hadden opgenomen, waren overleden. In 1844 was Ludovicus Pelgrims getuige bij het huwelijk van Amandus.
Volgens de kadasterkaart van Popp (toestand in 1854) woonde Ludovicus op de Veeweide, ongeveer op de plaats waar nu Georgette Vanden Eynde, Luc Beersaerts en Yolande Casteleyn wonen.

Ludovicus en Anna Maria kregen elf kinderen. Zeker drie ervan overleden als baby of peuter.
De jongste zoon, Carolus Pelgrims (°Korb.D.1841/+Korb.D.1919) trouwde met de Leefdaalse Amelia Wittebols (°Leefdaal 1837/+Korb.D. 1904). Zij bleven in Korbeek-Dijle wonen.
Carolus en Amelia kregen zeven kinderen waarvan zeker één als baby overleed.De oudste, Augustinus Pelgrims (den Baa) (°Leefdaal 1865/+Korb.D.1908) trouwde met de Oud-Heverlese Maria Leontina Swaerts (Tinne van den Baa) (°Oud-Heverlee 1866/+Korb.D.1938).
Augustinus en Maria Leontina kregen acht kinderen, waarvan één in 1902 als driejarige kleuter overleed. De oudste, Emiel Henri Pelgrims, geboren te Oud-Heverlee in 1888, verongelukte in 1906, nog vóór hij 18 jaar zou worden, in de kolenmijn van Ransart bij Charleroi. Vijf jaar eerder was daar reeds een andere Korbekenaar, Joannes Franciscus Bruffaerts, de vader van de Witten Boer, om het leven gekomen. De jongste zoon van den Baa en Tinne werd geboren in 1908 toen vader Augustinus (den Baa) reeds was overleden.

Maria Leontina hertrouwde in 1910 met Theophile Matthys (°Heverlee 1864/+Leuven 1912) uit Egenhoven, een broer van mijn stiefgrootvader Engelbert Matthys (Ingel Mattaës) uit Bertem.
Pas tweeëneenhalf jaar getrouwd overleed ook Theophile Matthys. De zes overlevende kinderen van Maria Leontina waren toen tussen 17 en 4 jaar oud. Moeder Tinne heeft het dan alleen moeten rooien, misschien geholpen door, of misschien nog belast met de zorg voor, haar schoonvader Carolus (+1919).

Haar vijfde kind was Felix Pelgrims (de Mens van den Baa) (°Korb.D.1901/+Korb.D.1977) die trouwde met Maria Elisa Vanderveken (Mie Tei) (°Korb.D.1902/+Leuven 1989). Felix was spoorwegarbeider. Felix en Marie kregen zeven zonen, van wie Jan Pelgrims (de Frits) de oudste was. De tweede, Carolus, overleed op tweejarige leeftijd.

Een jongere broer van Felix, Prosper, is, ongetrouwd, nog vele jaren in het ouderlijk huis op Ormendaal (het latere Schuurke) blijven wonen. Hij was alom gekend als Mos van den Baa. Maar Mos heeft zijn huis verkocht aan Frans Mees (Miëske) en Leonie Fagot (Nieke Parre) en heeft voor zichzelf een “chalet” gebouwd in de Leuvenseweg, waar nu Maria Strijmeersch (Merja van de Vleundereer) woont.
Drie zussen van Felix Pelgrims trouwden met een Bertemnaar. Ongetwijfeld zijn er nog kozijns en/of nichten van Jan Pelgrims onder de Gilis’sen, de Van Noppen’s en de Buekenhoudt’s van Bertem (Ik denk b.v. aan de schoonmoeder van politieofficier Roger Crabbé).

Wat betreft de voorouders Vanderveken van Jan Pelgrims kan ik alleen maar in herhaling vallen. In de parochiebladen van 19 en 26 april 2006 heb ik deze familie reeds uitvoerig uit de doeken gedaan. Toch één kanttekening: zowel in de Vanderveken’s, via Dorothea Berthels (Teike), als in de Pelgrims’en, via Anna Maria Berthels (de vrouw van de eerste Pelgrims in Korbeek-Dijle), zit Berthels-bloed.

Maar laten we het nu eens hebben over Jan Pelgrims zelf!
In mei 1940 werd hij als bijna 18-jarige opgeroepen voor een blitzopleiding tot Belgisch soldaat. Van hot naar her maakte hij als rekruut een echte odyssee door Frankrijk. In zijn later leven was hij spoorwegarbeider.
Naar het voorbeeld van zijn vader Felix, die kandidaat was op de lijst Cappuyns in 1938, heeft Jan Pelgrims zich ook in de gemeentepolitiek gewaagd. Bij de verkiezingen van oktober 1952 was hij lijstduwer op de lijst getrokken door Jan Baptist Vandezande. Er was toen maar één tegenkandidaat, Marcel Darche. En Jan Baptist Vandezande overleed vier dagen vóór de verkiezingen! Alle kandidaten waren bijgevolg verkozen, ook Jan Pelgrims.
Bij de verkiezingen van oktober 1958 waren er twee lijsten: nr.1 getrokken door Jozef Van Geel (Lange Jef) en nr.2 getrokken door Marcel Devijver. Jan Pelgrims was 3de kandidaat op de lijst van Jozef Van Geel. Hij kwam in de gemeenteraad door opvolging van Marcel Darche, die overleed 12 dagen na de verkiezingen.
Bij de verkiezingen van oktober 1964 was hij kandidaat op de lijst getrokken door Louis Vandermueren. Hij werd niet verkozen maar werd lid van de Commissie van Openbare Onderstand (C.O.O.).
Bij de verkiezingen van 1970 was hij opnieuw kandidaat op de lijst Vandermueren. Nu werd hij wel verkozen en daarenboven bleef hij lid van de C.O.O..
Jan Pelgrims was medestichter van Voetbalclub Korbeek-Dijle Sport, op 2de Pinksterdag 1957. Hij was ook muzikant in de Koninklijke Fanfare Sint-Cecilia. En hij was, en is nog steeds, een verwoed duivenmelker.
Het jongste kind van Augustinus Pelgrims (den Baa) en Maria Leontina Swaerts (Tinne van den Baa), dat geboren werd nadat den Baa reeds was overleden, was geen zoon maar een dochter: Maria Theresia Pelgrims (Mieke Baa).
Bij de gemeenteraadsverkiezingen van oktober 1964 was Jan Pelgrims geen kandidaat. Hij kon dus ook niet verkozen worden. Hij sympathiseerde wel met de overwinnende lijst van Louis Vandermueren en werd verkozen tot voorzitter van de C.O.O. (Commissie van Openbare Onderstand).


Frits, jij hebt veel meegemaakt in je leven, in en buiten Korbeek-Dijle. Korbeek-Dijle zou Korbeek-Dijle niet geweest zijn zonder de populaire figuur van de Frits die met zijn volkse wijsheid van velen respect afdwong.
Dat je met Irène nog vele jaren samen gelukkig mag zijn!

Cyriel Letellier

zaterdag 15 september 2007

De Piraten Van De Zee

Op zaterdag 8 september 2007 was er in Ter Dijle de jaarlijkse barbecue van de Koninklijke Harmonie Sint-Cecilia van Korbeek-Dijle. Traditiegetrouw werd het feest muzikaal opgeluisterd door de jeugdharmonie onder leiding van Hans Dewit.


Als thema hadden zij gekozen voor: “De piraten van de zee”. Uitgedost als echte piraten toonden ze in een prachtig bootdecor – een creatie van Jaak en Pol – hun beste muzikale kunnen.






In combinatie met de fijn verzorgde barbecue: een uiterst geslaagde avond!

C.L.

woensdag 12 september 2007

Korbeek Kermis 2007

Op zondag 26 augustus 2007 werd voor de eerste maal het ganse Korbeekkermisprogramma afgewerkt in de Parochiale Gebouwen. De door het koor begeleide openluchtmis om 10.30 u op de vernieuwde parking had als thema: Geloven … een kostbare plant!


In het openingsgebed baden we samen:
God, beide plantjes (“Ik heb geen tijd” en “Ik honger naar graag gezien worden”) woekeren vaak in onze tuin.
Soms hebben we geen adem en geen kracht genoeg
om elke dag de aarde van ons leven te ver-lucht-en.
Geef ons in deze vakantietijd
de adem om de spade in de grond te steken.
Geef ons in deze zomertijd
de kracht om te durven spitten,
en wat dieper te graven naar de essentie van ons leven.
Misschien mogen we dan wel een Bron ontdekken,
een schat heel diep in onszelf.
Misschien ontdekken we wel Jouw onuitputtelijke adem en kracht
om elke dag de aarde van ons leven te ver-lucht-en.

En bij de offerande bad de priester:

Heer, onze God,
Alles wat we hier vandaag in ons hart dragen en op het altaar plaatsen is een uiting van ons geloof
en van onze bereidheid om ons te blijven inzetten voor elkaar.
Geef dat wij in dit brood en deze wijn
Jezus mogen erkennen en ervaren, levend in ons midden.
Dat Zijn brood ons de kracht geeft om te blijven geloven
in een wereld waar het goed is voor allen.
Dit vragen wij U vandaag en alle dagen van ons leven.

Op het einde van de mis was priester Jos Geyskens heel gul met een kommetje wijwater om de parking in te zegenen en de mensen in de besprenkeling te laten delen.
Tenslotte zorgde de Chiro met haar kampdans voor een artistieke noot.



In de namiddag was er de fietsrally van de Oud-Chiroleiding, een optreden van de Koninklijke Harmonie Sint-Cecilia van Korbeek-Dijle en een zeer gesmaakt entertainment van het muzikale duo: Frans en Frans. De kinderen vonden hun gading op een springkasteel en bij de koordjetrek-stand van de Landelijke Gilde, terwijl barbecuebereiders zorgden voor de inwendige mens.


C.L.

Etentje WERKGROEP ONTWIKKELINGS SAMENWERKING KORBEEK-DIJLE 2007

In Guatemala wordt de verkiezingsstrijd op een heel gewelddadig niveau gestreden. We zouden oneindig kunnen doorgaan: De onrecht­vaardigheid, de duizenden illegale vluchtelingen die alles op het spel zetten om toch maar hun droom te verwezenlijken, ‘the American dream’.
En toch is het mooi te zien hoe sommige organisaties zich blijven inzetten tegen de verdrukking van de ‘indigenas’, de oorspronkelijke en armste bevolking van het land. Gelukkig maakten we in dit prachtige land ook heel wat moois mee: De plaatselijke boeren die samenwerken. De fierheid waarmee de mensen hun percelen land tonen, de moed die ze telkens weer vinden. Vrouwen opgeleid tot de eerste ‘dierenartsen’. Zij verdienen alle steun …


Sam Van Neck

Ik had het geluk een driedaagse bijeenkomst van het ‘Plataforma Agraria’ mee te maken. Een platform voor en van de meest verdrukte bevolkingsgroepen. Het is hoopgevend te zien hoe de mensen ondanks alle verdrukking de moed niet verliezen.

In Guatemala werken ook de Zusters Annonciaden van Huldenberg.

Daarom is het zo belangrijk dat wij allen deze projecten steunen. Hier en nu!
Missiediner op zondag 30 september 2007 van 12.00 tot 14.00 uur in Don Bosco Oud-Heverlee
Op het menu staat er :
- Aperitief, sla met gerookte zalm, scampi en mozarella of courgettesoep
- Steak of zalmfilet met sla of verschillende sausen. Kipfricassee.
- IJstaart, taart of ijs.
Er zijn porties voor volwassenen of kindvriendelijke.
Je kan je bestelling laten noteren bij (briefje in de bus, telefoon, fax, email) (liefst voor 24 september):
- Myriam Maginelle Ormendaal 33 016-22 65 29 myriam_maginelle@hotmail.com
- Maria Maginelle Nijvelsebaan 80 016-47 18 54 frans.vanneck@telenet.be
- Jan Moeyersons Stationsstraat 20 016-47 12 52 wiesgoossens@yahoo.co.uk
- Gard Vermeulen Dam 2 [Tel of Fax] 016-47 70 62 gard@telenet.be


Kan je echt niet deelnemen en de andere vrienden ontmoeten? Je kan toch steunen door een overschrijving: Rekening 734-3460465-96 van Werkgroep Ontwikkelings Samenwerking te 3060 Korbeek-Dijle.


Wij kijken uit naar je komst. Bedankt en smakelijk eten.
De medewerkers van de WOS

zondag 19 augustus 2007

Bijbel en Koran

GELEZEN IN TERTIO van 15.8.2007:
Flarden uit een vraaggesprek van Emmanuel Van Lierde met Martha Frederiks over BIJBEL EN KORAN

Martha Frederiks behoort tot de Nederlandse Hervormde Kerk en is hoogleraar missiologie aan de Universiteit van Utrecht. Haar leeropdracht omvat de interreligieuze en interculturele dialoog.

Aan het woord: Martha Frederiks:
We moeten de Koran in de eerste plaats zien als een gedicht. Hij werd helemaal op rijm geschreven. Hij bevat opvallend minder historische stukken dan de Bijbel. De Koran vertelt geen volledige verhalen. Veeleer moeten we ervan uitgaan dat in het Midden-Oosten verhalencorpussen mondeling werden doorverteld en dat de Koran daarbij aansloot.
Alleen soera (= hoofdstuk) 19,16-22 brengt ongeveer hetzelfde verhaal van de boodschap van de engel aan Maria als Lucas 1,26-38.

Ik citeer beide teksten.

Koran:
En vermeld ook in de Schrift Maryam (= Maria)
toen zij haar huisgenoten ontweek
naar een oostelijke plaats
en een afscheiding plaatste
tussen hen en haar.
Toen zonden Wij tot haar Onze Geest
die voor haar de gelijkenis aannam
van een welgevormd menselijk wezen.
Zij zeide:
Ik neem voor u mijn toevlucht
bij de Erbarmer
indien gij vrezend zijt.
Hij zeide:
Ik ben slechts
de boodschapper van uw Heer
opdat ik u een reine knaap schenke.
Zij zeide:
Hoe zou ik een knaap kunnen verkrijgen
daar toch geen menselijk wezen
mij heeft aangeroerd
en ik geen hoer ben.
Hij zeide:
Zo is het!
Uw Heer heeft gezegd:
Voor Mij is het gemakkelijk.
En het geschiedde
opdat Wij het zouden maken
tot een teken voor de mensen
en een barmhartigheid vanwege Ons.
En het werd een vastgevelde beschikking.
Toen werd zij zwanger van hem
waarop zij zich met hem terugtrok
naar een afgelegen plaats.

Bijbel:
In de zesde maand werd de engel Gabriël door God gezonden naar een stad in Galilea, met de naam Nazaret, naar een jonge vrouw die verloofd was met een man genaamd Jozef, die uit het huis van David stamde; haar naam was Maria. De engel trad bij haar binnen en zei: Ik groet u gezegende, de Heer is met u. Zij raakte geheel in verwarring door wat hij zei en vroeg zich af wat deze begroeting te betekenen had. Maar de engel zei: Schrik niet, Maria, u hebt genade gevonden bij God. U zult zwanger worden en een zoon baren, die u de naam Jezus moet geven. Hij zal een groot man zijn, en Zoon van de Allerhoogste worden genoemd. God, de Heer, zal Hem de troon van zijn vader David geven. Hij zal eeuwig koning zijn over het huis van Jakob, en aan zijn koningschap zal geen einde komen. Maar hoe moet dat dan? zei Maria tegen de engel. Ik heb geen omgang met een man. De engel antwoordde haar: Heilige Geest zal op u komen en kracht van de Allerhoogste zal u overdekken. Daarom zal het kind heilig genoemd worden, Zoon van God. Bovendien, ook Elisabet, uw verwante, is op haar oude dag zwanger van een zoon; zij werd onvruchtbaar genoemd, maar zij is al in haar zesde maand. Want voor God is niets onmogelijk. Toen zei Maria: Ik ben de dienares van de Heer; laat met mij gebeuren wat u gezegd hebt. Toen ging de engel van haar weg.

En Martha Frederiks gaat verder: In de Koran staan de profeten centraal. Die komen ook in de Bijbel ter sprake, al geeft de Koran een bredere interpretatie aan het begrip “profeet’. Zo zijn ook Abraham, David en Salomo profeten.

Jezus is voor de Koran een profeet die op een bijzondere wijze bij Maria werd verwekt. Vooral de theologische invulling van wie Jezus is, verschilt. Voor de Koran is hij niet de zoon van God.
Koran, soera 9,30:
En de joden zeggen:
“Uzayr” is Gods zoon
en de christenen zeggen:
De Masih (= de Messias) is Gods zoon.
Dat is wat zij zeggen met hun monden
in aanpassing aan de woorden van hen
die in vroeger tijd ongelovig waren.
God moge hen bestrijden!
Hoezeer zijn zij in leugen verstrikt.

Wat de kruisiging betreft is de Koran onduidelijk.
Koran, soera 4, 157:
En omdat zij zeiden:
Wij (= de joden) hebben gedood de Masih (= de Messias),
Isa (= Jezus), de zoon van Maryam (= Maria),
boodschapper van God.
Maar niet hebben zij hem gedood
en niet hebben zij hem gekruisigd,
doch voor hen
werd een schijnbeeld van hem gemaakt.

Tien jaar geleden kreeg ik een mooi uitgegeven Koran als geschenk. Ik heb daarin naar verhalen gezocht die ook in de Bijbel aan bod komen. Maar ik vond slechts flarden van verhalen. Bovenstaand artikel bevestigt dat dit helemaal eigen is aan de Koran.
Wie de Islam beter wil leren kennen heeft meer nodig dan de lezing van de Koran.
C.L.

woensdag 8 augustus 2007

Spanning tussen politiek en geloof is heilzaam

Fragment uit een vraaggesprek van Jan De Volder met Steven Vanackere, nieuw Vlaams minister van welzijn, volksgezondheid en gezin.


Op uw website verwijst u naar uw gelovig engagement in uw parochie, maar in een interview met De Standaard zaterdag hield u toch een laag profiel aan. Wat betekent uw geloof voor uw politiek engagement?

“Ik ben actief in een kleine parochiegemeenschap van Neder-over-Heembeek. Ik ben geen aanhanger van het “ietsisme”. Ik geloof in een persoonlijke God, die zich in de geschiedenis manifesteert, en ik sta in een bepaalde traditie. Ik wil dat niet wegstoppen, omdat mensen recht hebben om te weten waar een politicus voor staat en waar hij zijn inspiratie haalt.
Tegelijkertijd wil ik er niet mee te koop lopen. In onze gelaïciseerde samenleving wil ik diegenen die deze inspiratie niet delen, niet voor het hoofd stoten. Als minister wil ik vooral worden beoordeeld op mijn beleidsdaden. Toch merk ik dat het taboe over geloof en politiek vermindert. Iemand als Herman Van Rompuy, die nederig over zijn gelovige zoektocht getuigt, heeft daar zeker toe bijgedragen.”


Op het congres Brussel-Allerheiligen hield u een getuigenis over de link tussen geloof en politiek.
“Ik reflecteerde daar over de stelling van de protestantse socioloog Max Weber, die zegt dat je geen man van Christus kunt zijn én politicus. Het evangelische radicalisme van de Bergrede – niet oordelen, je andere wang aanbieden – zou niet te verzoenen zijn met politiek. Als politicus ben je inderdaad bezig met te oordelen, en mensen op de een of andere manier te dwingen, via belastingen en reglementen. Ik denk dat een politicus de scheiding tussen kerk en staat ook een beetje in zijn hoofd moet maken.”


Hoe lost u die spanning op?
“Niet. Ik vind ze juist heilzaam. De radicale boodschap van het evangelie geeft me het bestendige ongemakkelijke gevoel dat ik nog niet genoeg doe. Is het geen schande dat zes procent van de mensen onder de armoedegrens leeft? Dat de armoede in Brussel nog toeneemt? Ook niet evangelisch bewogen politici zijn daar mee bezig, maar zeker christenen moeten dat een schande blijven vinden. Voor mij is het evangelie een bron van ongedurigheid.
Aan de andere kant is het ook een bron van rust en troost. Als je het evangelie leest, besef je dat niet alles van jezelf afhangt. Dat er iemand met een vaderlijke blik naar je kijkt, dat er vergeving is waar je tekortschiet.”


Wat is uw favoriete Bijbelpassage?
“`Degene die in tranen op weg gaat, de zaaizak om de schouder, zal blij zingend naar huis gaan, de schoven op zijn rug´, zegt psalm 126. Het leven, zeker het politieke, bestaat uit hoogtes en laagtes, uit vreugde en verdriet. Je mag gelukkig zijn, na een zware tegenslag mag je ook weer thuiskomen. Geluk hangt niet alleen van jezelf af, het is ook gegevenheid, genade. Daar put ik veel troost uit.”

C.L.

dinsdag 17 juli 2007

Tony Blair en Nicolas Sarkozy

Gelezen in TERTIO van 20 juni 2007:

Passages uit het artikel van Jan De Volder:

Wordt Tony Blair katholiek diaken?


Dat Tony Blair zich al langer aangetrokken voelt tot het katholicisme staat buiten kijf. Zijn vrouw Cherie is een belijdende katholiek en hun vijf kinderen worden katholiek opgevoed.


Een katholiek eerste minister is vooralsnog ondenkbaar in Groot-Brittanië, waar de "Church of England" een bevoorrechte positie inneemt in de staatsordening.


In een nieuw boek over de Blairs van auteur Garry O'Connor zou staan: Tony drukte zijn sterk verlangen uit na zijn aftreden diaken te worden, en wel in de katholieke kerk.


Ik (franciscaan Michael Seed, secretaris van de Oecumenische commissie van het Aartsbisdom Westminster) bleef hen (de Blairs) geregeld zien door hun hulp in het daklozencentrum, maar ook omdat zij met het hele gezin naar Westminster Cathedral naar de mis kwamen. Dat was hun parochiekerk tijdens hun verblijf in Londen.


Passage uit het artikel van Guido Dierickx:


Sarkozy bekijkt scheiding kerk en staat anders


In Frankrijk trad met Nicolas Sarkozy een president aan die, zoals zijn voorgangers, een trouwe dienaar van de republiek wil zijn, maar die niettemin een heel andere opvatting huldigt over de scheiding tussen kerk en staat. Hij beschouwt de religies niet langer als een bedreiging, maar als een steun voor de republiek, als een steun die erkenning verdient. Hij spreekt een heel ander discours dan zijn voorganger Giscard d'Estaing die zich vanwege het Franse laïcisme nog meende te moeten verzetten tegen de vermelding van het christendom en van de religie in de aanhef van de toekomstige Europese grondwet. Het discours van Sarkozy rekent op de samenwerking tussen de religies en de staat, en lijkt meer op wat men al langer in de meeste westerse landen te horen krijgt.


Wordt die nieuwe opvatting hem alleen ingegeven doordat hij een gelovige katholiek zou zijn? Dat wordt door vele waarnemers betwijfeld. Uit een boek dat hij in 2004 publiceerde, blijkt dat hij gevoelig is en zelfs sympathie heeft voor het christelijke geloof. Duidelijk wordt daarin dat deze intellectueel ook in deze niet ongeletterd is. Geloof verstaat Sarkozy in de eerste plaats als hoop. Die religieuze hoop kan volgens hem niemand missen. Die is ook nodig voor de individuen en voor de samenleving. Waar de hoop ontbreekt, bijvoorbeeld bij de jeugd in de grauwe voorsteden, komt er ruimte vrij voor geweld, drugs en criminaliteit. Zijn eigen religiositeit blijft echter vaag: een spirituele gevoeligheid zonder veel theologische precisie, maar met grote therapeutische voordelen – ook maatschappelijk. Dikwijls komt hij daarop terug: de religie is "apaisant", vredestichtend of kalmerend.


C.L.