woensdag 10 juni 2020

In de Korbeekse beemden


Tussen de Beek en de Dijle profiteren deze grazers van het malse gras, of nemen er wat herkauwingsrust.

In de naam van de Vader, met Luc Van Looy: Onze taak

Onze taak is de noden te zien en er op in te gaan. De geloofwaardigheid van het evangelie, van Christus’ leven, ligt in onze handen. Mensen zien ons bezig, zien ons bidden, zien ons zorg dragen en zeggen hopelijk: ‘Waarachtig deze man of vrouw is een rechtvaardige’ (Lc 23,47).

Onze taak is leven geven, doen zien, doen inzien, geïnspireerd door de houding van Jezus. Leven geven aan mensen die het niet hebben: aan armen, aan uitzichtlozen, aan mensen zonder toekomst, aan ongelovigen, aan mensen die niemand vertrouwen, aan mensen die vastzitten aan de materie.

Onze taak is het mensen gelukkig te maken. Dit lukt enkel wanneer we zijn als nederigen van hart, zachtmoedigen, hongerenden naar gerechtigheid, barmhartigen, zuiveren van hart, vredestichters. Dit kan niet zonder Jezus. In de Bergrede zegt Hij: ‘Jullie zijn gelukkig als ze jullie uitschelden en vervolgen en je van allerlei kwaad betichten vanwege Mij’ (Mt 5,11).

Onze taak is op pad te gaan, door Christus gezonden, zonder iets mee te nemen, enkel het woord vrede mogen we meenemen (Lc 10,5). Vrede brengen is ‘geluk’ brengen: ‘Gelukkig die vrede brengen, want zij zullen kinderen van God genoemd worden’ (Mt 5,9).

Uit het boek: In de naam van de Vader, 365 fragmenten uit homilieën en toespraken van MGR. LUC VAN LOOY (uitgegeven door Halewijn in 2018)

woensdag 3 juni 2020

Gelezen in TERTIO van 20 mei 2020: Leo’s revolutie

Uit een standpunt van Emmanuel Van Lierde

Onlangs was het Hemelvaart, tevens het feest van de christelijke arbeidersbeweging. Die gedenkt dat paus Leo XIII in 1891 op die hoogdag zijn encycliek Rerum Novarum afkondigde. Dat schrijven vormt niet alleen het begin van een meer gesystematiseerde sociale leer van de kerk, maar symboliseert ook een koerswijziging van de rooms-katholieke kerk tegenover de moderniteit en de wereld. De door paus Franciscus beoogde hervormingen naar een missionaire, sociale, barmhartige en nederige kerk begonnen eigenlijk bij Leo XIII.

Paus Leo XIII zorgde voor een onverwachte revolutie. Onder zijn voorgangers Gregorius XVI en Pius IX stond de kerk lijnrecht tegenover het modernisme en vervloekte ze de nieuwe rechten en vrijheden.

Op het rechte pad

Maar toen koos het conclaaf in 1878 voor graaf Vincenzo Gioacchino Pecci (1810-1903). Hij zou een overgangspaus worden want voor die tijd had de kardinaal een al hoge leeftijd: 68. De ironie wil dat Leo XIII 25 jaar op de stoel van Petrus bleef zitten en een kast vol encyclieken publiceerde, die een nieuw tijdperk voor de kerk zouden inluiden. Het komt erop neer dat de katholieken vanaf dan de kern van het evangelie gingen herontdekken en in hun traditie bouwstenen vonden om de moderne verworvenheden te accepteren, waarna ze van binnenuit kritiek konden geven op de ontsporingen van de moderniteit vanuit een oprechte bekommernis om de aberraties bij te sturen en de wereld te verbeteren. Dat proces van nieuwe evangelisatie en van het herontdekken van de eigen bronnen, om van daaruit de dialoog met de wereld aan te gaan, kende een hoogtepunt tijdens het Tweede Vaticaans Concilie. Kerk en wereld kunnen van elkaar leren en in die wisselwerking kunnen ze bovendien elkaar op het rechte pad houden. De wereld kan de kerk van dienst zijn om bijgeloof of machtsmisbruik tegen te gaan, de kerk kan omgekeerd bijvoorbeeld wijzen op het onrecht dat een kapitalistische economie teweegbrengt.

De natuur in Korbeek-Dijle

Copyright Stef Van Wambeke: Blokkenstraat, Meanderende Dijle 
Copyright Stef Van Wambeke: Blokkenstraat, Lasemdel
Copyright Stef Van Wambeke: Wijngaardstap, in de volksmond: Wijwaterstap

In de naam van de Vader, met Luc Van Looy: Inzicht

Deze gave gaat in tegen alle oppervlakkigheid. Het intellect is niet tevreden met uiterlijke verschijningen, met materiële beslommeringen of interesses. Het zoekt het mysterie en wenst het geheim van de mens te ontdekken, te erkennen en te begrijpen in de andere en in de natuur. Het zoekt het goede in moeilijke situaties en ontwikkelt een positieve kijk op de dingen. Het leest, exploreert, zonder vlugge conclusies te trekken.

Het intellect zoekt, maar geeft niet toe aan een ‘ongeveer’, of jammert niet over situaties. Nooit zegt het: ‘Och, er is toch niets aan te doen.’ Het zoekt verder, naar de kern van de zaak, naar objectiviteit.

Intellect is de gave van het stil-staan, van kijken met gesloten ogen. Zo zoekt het naar waarheid, recht, zuiverheid. De bron of voedingsbodem van het intellect is het Woord van God. Want is het er uiteindelijk niet om te doen Christus te kennen, ook in al zijn menselijkheid? Christus nodigt immers uit om verder na te denken. Hij opent horizonten, nieuwe perspectieven.

Uiteindelijk geeft het intellect een versnelling meer aan de mens.

Uit het boek: In de naam van de Vader, 365 fragmenten uit homilieën en toespraken van MGR. LUC VAN LOOY (uitgegeven door Halewijn in 2018)

dinsdag 2 juni 2020

Agenda bijgewerkt

Bekijk onze bijgewerkte agenda op de agenda-pagina.

woensdag 27 mei 2020

Gelezen in TERTIO van 13 mei 2020

1 . Wereldbijendag

Uit een artikel van Ludwig De Vocht

Sinds 2018 gaat telkens op 20 mei de internationale aandacht uit naar het belang van bijen en andere bestuivers. Wereldbijendag verdient in het huidige Internationale Jaar van de Plantengezondheid extra aandacht want bestuivers zorgen ervoor dat planten zaden krijgen en vruchten dragen. De Shakespeareaanse parafrase To bee or not to be vat het belang van bijen voor onze voedselzekerheid kernachtig samen.

Het Beloofde Land wordt in Exodus 3,8 en 3,17 “een land van melk en honing” genoemd. Het woord “honing” duikt in de Bijbel meer dan 60 maal op, maar over bijenteelt wordt met geen woord gerept. Archeologisch onderzoek heeft intussen aangetoond dat die teelt in Bijbelse tijden wel degelijk bestond en dat de bijen afkomstig waren uit het huidige Turkije.

De bloeiperiode van de bijenteelt in Vlaanderen en Brabant viel in de 16de en de 17de eeuw. Circa 30 tot 40 procent van de huishoudens in de Spaanse Nederlanden beschikte over enkele bijenkorven. Veel van onze voorvaders waren imkers in bijberoep. In de 18de eeuw kwam de bijenteelt evenwel in een crisis terecht, onder meer door de overschakeling van honing naar suiker als zoetstof.

Ambrosius (339-397) is de patroonheilige van de imkers. Een legende vertelt dat boven zijn wiegje een zwerm bijen vloog. Die druppelden honing in de mond van de baby waardoor de redevoeringen van de kerkvader “zoet als honing” zouden worden.

Bijen en hun honing waren symbolen voor welsprekendheid. Bij uitstek zijn Gods woorden en daden “zoeter dan honing” (Psalm 19,11).

2 . Terugkeer van de overheid

Uit een artikel van Frans Van Looveren, theoloog en gepensioneerd adviseur in de Kamer van Volksvertegenwoordigers

De samenleving wordt brutaal geconfronteerd met kwetsbaarheid en vergankelijkheid. We waren dat uit het oog verloren en die vergetelheid vertaalt zich nu in een harde landing.

In de coronacrisis zijn er een aantal onderhuidse verschuivingen aan de gang in onze cultuur. Er wacht ons een nieuw ”normaal”, dat noodgedwongen ernstige correcties zal aanbrengen aan onze manier van denken, leven en voelen.

Dienstmeisje van de markt

Wie trekt vandaag de grenzen? De overheid. Zij is terug. Zij is zichtbaar en voelbaar in het samenscholingsverbod, de hygiënische voorschriften, de gesloten landsgrenzen, de strenge handhaving. Als in de coronacrisis iets duidelijk is geworden, dan wel dat onze collectieve en individuele kwetsbaarheid meer bescherming vergt. Dat vraagt om een sterke(re) overheid. En dat vloekt met de ideologie die in de voorbije decennia mainstream is geworden. De overheid heeft zich “teruggetrokken”, zoals dat heet, en geeft ruimhartig vrij spel aan “de markt” om de maatschappelijke problemen op te lossen. Kortom, zij is zich gaan gedragen als het nederige dienstmeisje van de markt.

Wereldwijd werd in de voorbije jaren beknibbeld op de sociale bescherming, die steeds meer werd weggezet als een hinderlijke lastpost voor de ondernemingslust. De verzorgingsstaat was te duur en werd niet meer beschouwd als een vangnet, maar als een hangmat voor luiwammesen. En wat bleek bij de intocht van corona? Onze samenleving had nagelaten te voorzien in voldoende medisch materiaal om voorbereid te zijn op eventuele rampen. De woonzorgcentra waren niet uitgerust om crisissen aan te kunnen.

Het “marktisme” maakte al veel slachtoffers door stijgende ongelijkheid, burn-outs en depressies. Maar pas nu zien we welke gigantische puinhoop het neoliberale samenlevingsmodel heeft veroorzaakt. En het is moeilijk te geloven dat dat model de coronacrisis overleeft. Al bij de financiële crisis in 2008 beet de slang in haar eigen staart. In 2020 heeft zij zich gewurgd. En daar moeten we geen traan om laten.

Toekomstbeeld

De overheid mag niet langer de slaafse maîtresse zijn van de markt. Een sterkere overheid is nodig die ruimte laat voor de economie en ze waar nodig ook stimuleert. Tegelijkertijd moet zij evenwel de grenzen van diezelfde economie strenger bewaken in naam van het collectieve belang. Veel doortastender dan ze in de voorbije jaren deed, moet zij de sociale, medische en economische bescherming, alsook het bestrijden van de armoede ter harte nemen.

Dierenplezier



Onze grijze poes en haar drie rosse vriendinnen brengen leven in de brouwerij.

In de naam van de Vader, met Luc Van Looy: Jongeren en hun vragen

Jongeren zoeken een warm nest, vriendschap en gemeenschap.

In deze kring willen ze iets bijleren, zich spiegelen aan anderen, hun hart toevertrouwen aan het hart van mensen die hen vertrouwen. Intimiteit tegelijk met een onderdompeling in de grote samenleving, is wat ze zoeken. Ze zijn, zoals tijdens de Wereldjongerendagen, bereid om in de intimiteit van de aanbidding bij God te zitten, maar ook om mee te zingen en te dansen met de massa.

Voor volwassenen is het van belang te weten wat jongeren zoeken, elk moment opnieuw. Daarom moeten ze bij hen aanwezig zijn. Alleen wie ‘present’ is, met hart en ziel, kan het juiste woord op het juiste moment tegen de juiste persoon spreken.

Dat is een grote taak voor ouders, opvoeders, leerkrachten, schoolbestuurders en jeugdleiders.

Jongeren verlangen uitgedaagd te worden, ook op het vlak van geloof. Wie de lat te laag legt, bereikt maar kort succes. Om te stimuleren moet de lat juist iets hoger liggen dan wat een jonge mens zonder veel inspanning kan realiseren. Dit is het basisprincipe van onderwijs en wetenschappelijke opleiding, waarom zou dat dan ook niet gelden voor de geloofsverkondiging?

Jongeren zitten met vragen. Ze vinden dikwijls geen woorden om ze goed uit te drukken. Veel minder misschien nog hebben ze de vertrouwenspersonen bij wie ze zich stamelend kunnen uiten. Wie is hen nabij en stelt de juiste vragen zoals Jezus deed in zijn ontmoeting met de Samaritaanse vrouw aan de waterput? Hij werd voor haar bron van levend water.

Uit het boek: In de naam van de Vader, 365 fragmenten uit homilieën en toespraken van MGR. LUC VAN LOOY (uitgegeven door Halewijn in 2018)

woensdag 20 mei 2020

In de vrije natuur

Deze Korbeekse holle weg leidt van het Begijnhof naar het Kinderveld voorbij de Lange Wilg.

De lente straalt in de Korbeekse Ruwaal, die rechts verder leidt naar de Rooistraat onder Leefdaal en de Groebbe onder Korbeek-Dijle.


In de naam van de Vader, met Luc Van Looy: Inzet voor arm en klein

Solidariteit veronderstelt een mentaliteit die eigenbelang overstijgt. Een nabijheid bij zieken en armen, gevoeligheid voor de grote problemen van armoede en onderdrukking, leidt tot concrete bewogenheid tegenover noodlijdende mensen. Dat bevordert een geest van gelijkwaardigheid onder mensen. Solidariteit duikt ook op bij grootschalige problemen zoals rampen, onderontwikkeling, hongersnood, uitbuiting. Ze inspireert allerlei initiatieven, bevordert vrijwilligerswerk en bouwt aan een nieuwe relatie tussen persoon en maatschappij. Dat gebeurt zowel dichtbij als veraf, op grote en op kleine schaal.

Voor een christen betekent het ook bewust deelnemen aan het breken van het brood in de eucharistie. Het breken van het brood is een uitnodiging tot delen met de mens in nood. De geëngageerde christen vindt daarin de inspiratie om zich ten dienste te stellen van de mens in nood. Het lot van alle broeders en zusters wordt daarmee beschouwd als een gedeelde verantwoordelijkheid voor elke christen. Niemand wordt geroepen tot een leven van uitsluitend gebed of verkondiging, de dienst aan de evenmens in nood is een essentieel en integraal deel van het christelijk engagement.

Na een nacht van gebed, trok Jezus eropuit om de mens in zijn reële situatie te ontmoeten, te bemoedigen en te genezen. Zelfs de contemplatieve monnik en slotzuster beleeft de dienst aan de wereld op een heel intense, weliswaar eigen, manier. Spontaan dienstbetoon wordt zelfs beschouwd als een duidelijk teken van een authentieke roeping.

Uit het boek: In de naam van de Vader, 365 fragmenten uit homilieën en toespraken van MGR. LUC VAN LOOY (uitgegeven door Halewijn in 2018)

woensdag 13 mei 2020

In de naam van de Vader, met Luc Van Looy: Maria door Vlaanderen gedragen

De Kerk heeft Maria steeds veel eer bewezen. Het gelovige volk vond in haar een grote toegankelijkheid tot het diepste mysterie dat in elke mens verborgen zit. De relatie met God wordt inderdaad door Maria bemiddeld. Johannes getuigt dat zij het was die de aanzet gaf voor het eerste wonderlijke teken in Kana. De wijn die uit de waterkannen geschonken werd, was de allerbeste.

Doorheen de geschiedenis van het Vlaamse volk, en niet alleen bij ons, heeft Maria in de huiskamer haar plaats gekregen. Op de schouw staat het beeldje van Maria. Maar ook in het openbaar wilde de gelovige gemeenschap getuigenis afleggen. Maria werd in processie door de door de straten van dorpen en steden gedragen. Kapelletjes, groot en klein, werden gebouwd en aan de gevel van woningen hing men Mariabeelden in een kleine nis.

De volksdevotie rond de processies heeft heel wat kunst- en ambachtsontwikkeling meegebracht. Er werden muziekstukken voor de fanfare en Marialiederen gecomponeerd, er werden uniformen voor de groeperingen gemaakt, zonder te spreken over de prachtige gewaden voor het Mariabeeld zelf. Overal werden grotten van Lourdes gebouwd, families kwamen samen in het huis waar de processie voorbij trok en vierden het Mariafeest aan tafel. Deze traditie mag niet verloren gaan en dient, waar mogelijk, op een of andere wijze voortgezet te worden. Op Moederdag mag de ‘grote moeder’ niet in de schaduw komen te staan.

Uit het boek: In de naam van de Vader, 365 fragmenten uit homilieën en toespraken van MGR. LUC VAN LOOY (uitgegeven door Halewijn in 2018)

Bloemenweelde

Bloemen kennen geen ophokplicht of “blijf in je kot”. Dat bewijzen deze aangeplante scheefkelkjes en natuurlijke madeliefjes.


woensdag 6 mei 2020

Genieten van de natuur

Stef Van Wambeke ging wandelen in de Dode Bemde en laat ons mee genieten van de mooie Dijlevallei.



In de naam van de Vader, met Luc Van Looy: De eerste gemeenschap start rond Maria

In haar aanwezigheid in het Cenakel, wellicht ook bij het avondmaal – alhoewel het nergens gezegd wordt – maar zeker toen de leerlingen samen waren na de verrijzenis, zien we de vorming van de eerste christengemeenschap rond Maria. Waarom? Zij verwees als moeder steeds weer naar haar zoon. De leerlingen beschouwden, contempleerden, Jezus in haar.

Diezelfde leerlingen, behalve Johannes, waren allemaal weggelopen of ze hadden afstand gehouden. Maria integendeel was de weg van het kruis gegaan. Zij had veel intenser meegeleefd met wat Jezus overkomen was dan de leerlingen. Zij had ook een diepere beleving van het gebeuren van de verrijzenis. Dit alles was voorspeld bij de opdracht in de tempel en het woord van Simeon: ‘Ook door uw ziel zal een zwaard gaan’ (Lc 2,35), en was een gevolg van de gebeurtenis in Kana en haar meestappen heel de tijd met hem. Op twaalfjarige leeftijd was Jezus zoek, de ouders ondergingen lijdzaam dat Hij hun ontglipte. Onder het kruis leed ook zij onder de zweep van de Romeinse soldaten.

Na de kruisiging en de dood nam zij Jezus op in haar armen (piëta). Zij is erbij bij het bezoek van de Verrezene aan de leerlingen. Zij heeft constant deel aan het luisteren naar zijn Woord en aan het ‘delen van zijn brood’. Gevraagd over zijn moeder zegt Jezus: ‘Mijn moeder en broers zijn diegenen die het Woord horen en het beleven.’ Maria heeft heel haar leven geluisterd en ernaar geleefd.

Uit het boek: In de naam van de Vader, 365 fragmenten uit homilieën en toespraken van MGR. LUC VAN LOOY (uitgegeven door Halewijn in 2018)

woensdag 29 april 2020

Genieten van de natuur


Stef Van Wambeke schoot weer prachtige natuurfoto’s. Op de ene richt hij zijn camera van op de Bredeweg naar de Bertemseweg toe met bloeiend koolzaad vooraan en Leuven en Heverlee op de achtergrond. Op de andere duikt hij van op de Bertemseweg in een diepe en bloeiende holle weg, de Vloedgroep, richting den Dries, de grens van Korbeek-Dijle en Heverlee.

In de naam van de Vader, met Luc Van Looy: Doe maar wat Hij u zeggen zal

Het wonder op de bruiloft in Kana is een manifestatie van Jezus (Joh 2, 1-12). Het gaat niet enkel over water en wijn op een bruiloft, wel over een gelegenheid om de messiaanse wijn aan te bieden. Maria staat voor de mensheid die op verlossing wacht. De wijn is de verwijzing naar het nieuwe Sion. Maria staat voor het volk dat tekenen – mirakelen – wil zien. Jezus brengt het op niveau van zijn goddelijke opdracht, ontvangen van de Vader. Niet een mens, zelfs niet Maria, bepaalt zijn uur. Wel de Vader. Niet vrienden of familie leiden ons leven, God doet dat. Maria en Jezus benaderen het moment op twee verschillende niveaus: wijn voor de genodigden en de wil van de Vader. De verwijzing naar het Laatste Avondmaal is hier aanwezig. Maria is middelares: van ‘vlees’ naar ‘Geest’. ‘Leg alles in handen van Jezus: doe wat hij u zal zeggen.’ Dat heeft Maria reeds gedaan, ze heeft haar eigen lichaam gegeven als moeder voor de redding van de wereld. Hier wordt de samenwerking Jezus-Maria publiek. Het water dat diende voor de zuivering wordt wijn voor de eucharistie, een heel nieuwe zuivering, die niet stil staat bij de zonden maar ze vergeeft. We kijken hier niet naar het verleden maar naar de toekomst. De kleinen komen centraal te staan, alleen de dienaren wisten het. Zij zijn de eersten in het nieuwe verbond. Zij vroegen niets!

In het boek Exodus zegt het volk Israël tegen Mozes: ‘Alles wat de Heer zegt zullen wij volbrengen’ (Ex 19, 8a). Laten we ons uitdagen door deze woorden en ons afvragen wat Hij ons zegt en hoe wij erop kunnen antwoorden.

Paus Franciscus zegt hierover: ‘Wij staan vandaag voor de uitdaging een passend antwoord te geven op de dorst naar God bij vele mensen… Als ze in de kerk geen spiritualiteit vinden die hen geneest, hen bevrijdt en hen vervult van leven en vrede en hen tegelijkertijd oproept tot een solidaire verbondenheid en missionaire vruchtbaarheid, worden ze uiteindelijk bedrogen door een aanbod dat niet humaniseert en geen eer geeft aan God (Evangelii gaudium, nr.89). Het gaat dus niet enkel over een individuele opdracht maar ook over de gemeenschap van de Kerk die ‘alles wat God zegt moet volbrengen’.

Uit het boek: In de naam van de Vader, 365 fragmenten uit homilieën en toespraken van MGR. LUC VAN LOOY (uitgegeven door Halewijn in 2018)

woensdag 22 april 2020

In de naam van de Vader, met Luc Van Looy: Liefde, diep in ons gegrift

Het verhaal van Jezus’ lijden, sterven en verrijzenis is telkens opnieuw beklijvend. Hoezeer een bepaalde mentaliteit vandaag zou willen reageren tegen de aanwezigheid van God, van Christus, toch blijft het een verhaal dat de hele wereld aanspreekt. Het past zodanig op ons mensenleven dat we het telkens weer opnieuw willen horen. Wat sommigen ook beweren, de getuigenissen van de leerlingen dat Christus leeft zijn als een kracht die de hele wereld inpalmt. En die kracht vermindert niet met de tijd.

Is dit misschien het beste bewijs dat wij mensen eigenlijk niet enkel tevreden zijn met wat ons alle dagen omringt? Het lijkt telkens weer dat wij zoeken naar wat van boven is, naar het mysterie, naar God. We mogen misschien soms twijfelen aan het bestaan van God, we horen wel eens zeggen dat de verrijzenis een fabeltje is, toch duikt in ons binnenste telkens weer de vraag op naar zijn levende aanwezigheid.

Pasen betekent dat Christus niet in de dood kon blijven. Hij kon niet zonder ons. Hij moest bij ons terugkomen. Het betekent evenzeer dat wij niet zonder hem kunnen. Hoezeer we ons ook van hem verwijderen, het verlangen naar hem komt telkens weer terug. Zou dat zoiets zijn als een verliefdheid, een liefde die diep in ons gegrift staat? Paus Franciscus spreekt van een verliefdheid als basis, als conditie, voor iemand die de boodschap van het evangelie wenst door te geven. We kunnen niet anders dan naar dit grote verhaal van lijden, dood en verrijzenis te luisteren!

Uit het boek: In de naam van de Vader, 365 fragmenten uit homilieën en toespraken van MGR. LUC VAN LOOY (uitgegeven door Halewijn in 2018)

woensdag 15 april 2020

De natuur in volle glorie


Geen lockdown voor de natuur, maar een tapijt van bosanemonen! Stef Van Wambeke legde deze bloemenpracht in Bertembos op de gevoelige plaat.

In de naam van de Vader, met Luc Van Looy: Een Kerk die naar buiten treedt

De geschiedenis maakt ons duidelijk dat in cultuur en kunst de Kerk prominent aanwezig is, dat ze in onderwijs en ziekenzorg een leidende rol heeft gespeeld. Precies omdat ze midden tussen de mensen staat. Niet dat de mensen altijd hun mantels als een rode loper uitspreiden voor de Kerk. Dat hoeft ook niet. De kerkelijke aanwezigheid op het publieke forum is niet zonder spanning. Ze vergt ook inspanning. De dagbladen en televisie-uitzendingen illustreren dit goed. Het is moeilijk in publiek te spreken, en toch moet dit gebeuren. Ondanks het bewustzijn dat zijn lijden en dood in zicht waren, klom Jezus op de ezel en trad Hij voor het voetlicht.
Spreken is moeilijk, vooral wanneer je zelf kwetsbaar bent. En wie is dat niet? ‘Spreken is zilver’ zegt men, ‘en zwijgen is goud’. Toch moet men als gelovige naar buiten komen, niet met zichzelf, maar met diegene die de wil doet van de Vader. Hij heeft het lijden van al de slachtoffers van de zonde van Adam op zich genomen ofschoon Hij zelf zonder zonden was. Zo heeft Hij ons verlost. Hoe moeilijk dit ook is en hoe schril het soms afsteekt bij wat we er zelf van kunnen maken of bij datgene waarmee we dag na dag geconfronteerd worden, het is wel degelijk van belang dat we de verlossende boodschap van Jezus moedig verkondigen.

Uit het boek: In de naam van de Vader, 365 fragmenten uit homilieën en toespraken van MGR. LUC VAN LOOY (uitgegeven door Halewijn in 2018)

woensdag 8 april 2020

In de naam van de Vader, met Luc Van Looy: Thuiskomen in vreugde

Op een biechtstoel zou moeten staan: ‘Welkom.’ En in de biechtstoel moet een vriendelijke vader zitten die al lang op de uitkijk is naar zijn verloren zoon of dochter. Hij is niet curieus om te vernemen wat men opbiecht, maar de biechteling heeft er nood aan zijn of haar verhaal te vertellen om ervan af te zijn. God zelf keek ernaar uit. Met veel geduld, zoals Sint-Ambrosius zegt: ‘God was niet tevreden na de schepping van het licht, van de dieren, van de wateren, van de zee. Zeven dagen lang zocht Hij naar iets wat hem vreugde zou schenken. Toen Hij de mens geschapen had zei Hij: ‘Dit is waar ik naar gezocht heb. Eindelijk kan ik God zijn, want de mens is het schepsel van wie ik de zonde kan vergeven.’

Bij het buitenkomen van de biechtstoel zou het woord ‘Vreugde’ moeten staan. ‘We zijn weer thuis.’ Maar let wel. Gos is barmhartig maar Hij is ook rechtvaardig. ‘Als God alleen maar rechtvaardig zou zijn, zou Hij ophouden God te zijn. God overstijgt met zijn barmhartigheid en vergeving de gerechtigheid. Wie fouten maakt, zal zijn straf moeten ondergaan, maar dit is niet het laatste woord, wel het begin van een bekering, omdat men de tederheid van de vergeving mag ervaren’ (Paus Franciscus in Misericordiae vultus – Het gelaat van de barmhartigheid, nr.21). we hebben allemaal wel de ervaring van te wachten op iemand, een zoon of een dochter, een vriend of een vriendin, een medewerker of buur. Wanneer die dan uiteindelijk thuiskomt of wanneer we weer in gesprek gaan, dan gebeurt er zoiets als een omhelzing. Dan worden alle tranen weggewist, of maken ze plaats voor tranen van vreugde. Dat gebeurt in het sacrament van de verzoening: Christus wacht op jou, vertel hem hoe het met je gaat, welke je onvrijheden zijn, waar je aan vasthangt, waarvan je je moet – wilt – bevrijden. Wat is het dat je vreugde wegneemt? En neem dan je plaats op in de gemeenschap. ‘We moeten feestvieren en blij zijn, want die broer van je was dood en is weer levend geworden, hij was verloren en is teruggevonden’ (Lc 15, 32).

Uit het boek: In de naam van de Vader, 365 fragmenten uit homilieën en toespraken van MGR. LUC VAN LOOY (uitgegeven door Halewijn in 2018)

woensdag 1 april 2020

Gelezen in TERTIO van 18 maart 2020

“Het is paradoxaal te bedenken dat de mens beeld is van wat niet in beeld kan worden gebracht”

Uit een artikel van Christophe Brabant (deed studies filosofie en theologie en is leraar aan het Gentse Sint-Barbaracollege).

In het Oude Testament is God de onzichtbare bij uitstek. Niemand kan God zien en in leven blijven. Mozes die vraagt om God te zien, mag Hem “van achteren” (Exodus 33,23) zien. Het Oude Testament huldigt de idee dat van God geen beelden mogen worden gemaakt. Afgodsbeelden getuigen van ontrouw aan de Enige. De profeten drijven de spot met wie afgodsbeelden maken. Ze hakken een boom om, kappen er een beeld uit, vallen ervoor op hun knieën en maken met de rest van het hout vuur om het vlees te garen. Van hetzelfde hout snijdt men een afgodsbeeld en maakt men houtskool. God valt niet af te beelden. Zelfs de Godsnaam – JHWH – waarmee de taal naar God verwijst, wordt niet uitgesproken.

Onrechtstreeks kijken

En toch verschijnt de Onzichtbare in het zichtbare, maar dan dankzij een soort onrechtstreeks kijken. Het scheppingsverhaal beweert dat alle levende wezens, met uitzondering van de mens, geschapen zijn “naar hun soort”. Elke plant en elk dier heeft zijn specificiteit en kent zijn gelijke niet. De mens daarentegen is geschapen naar het beeld en de gelijkenis met God. Het is paradoxaal te bedenken dat de mens beeld is van wat niet in beeld kan worden gebracht. In de mens valt – onrechtstreeks – datgene te zien wat onzichtbaar is en de mens zelf overstijgt.

In de naam van de Vader, met Luc Van Looy: Gods verwachtingen

Door het doopsel worden wij geïnitieerd in het leven en de vriendschap van Christus. Daardoor wordt het duidelijk dat de gemeenschap van de gedoopten rond hem samenkomt. We worden geloofsgenoten van hem en van elkaar. De vriendschap met Christus en ons lidmaatschap van het volk van God doen ons ontdekken dat God geen ver verwijderd wezen is. God is op zoek naar ieder mens, maar velen moeten een steun in de rug krijgen om hem te herkennen. Aan ons vraagt Hij om de berg op te gaan om te bidden, zoals Jezus zelf deed na zijn doop en regelmatig aan het einde van de dag. Maar Hij vraagt ook onze stem te verheffen op het publieke forum, in de samenleving, waar de kans zich aandient en waar het nuttig is onze stem te laten horen en op te komen voor het evangelie. En wat is dat dan? Wanneer de leerlingen vragen wat ze moeten doen, zegt Jezus: ‘Geloven in diegene die Mij gezonden heeft’, en later: ‘Dit draag Ik jullie op: dat je elkaar liefhebt’.

Daarover gaat het dus als gedoopten: geloven in de Vader, elkaar liefhebben, meedoen met de gemeenschap van de gelovigen. Dat zal zich het beste uitdrukken in de wekelijkse eucharistieviering en door bij de mensen te getuigen van ons christen-zijn.P

Uit het boek: In de naam van de Vader, 365 fragmenten uit homilieën en toespraken van MGR. LUC VAN LOOY (uitgegeven door Halewijn in 2018)

woensdag 25 maart 2020

Gard Vermeulen vanuit Vietnam - deel 3


Verder naar het zuiden.

Als je de landkaart van Vietnam bekijkt, krijg je de indruk van een lang en smal land, uitgerekt als een elastiekje. Of liever, het lijkt op een elegante dame in een lang gewaad. Inderdaad, 1650 km van Noord naar Zuid of, op Europese maat: van Brussel naar de zuidkust van Spanje. Het huidige Vietnam is een samenvoeging van drie delen. In die noordelijke knotsbol, het berggebied, leven sinds eeuwen Viet-mensen-. Ze zijn van Chinese oorsprong en zijn altijd door de Chinezen geregeerd tot even na het jaar duizend. Later nog verschillende keren met kortere of langere tussenpozen. Nog altijd wantrouwt het Vietnamese regime China, ook al zijn ze beiden communistisch. De grote noorderbuur heeft na de samenvoeging van Vietnam in 1975 nog delen van hun land en enkele van hun eilanden ingepikt.


In de lange smalle lendenen van het land ontstond vanaf de tweede eeuw een vissersvolk: de Cham. Godsdienstig hoorden zij bij het Hindoeïsme, terwijl de Viet (en de Khmer, waarover ik het wat verder heb) Boeddhisten zijn. Het koninkrijk Champa groeide, vocht naar het noorden, vocht naar het zuiden, werd groot, maar schrompelde in elkaar vanaf de tiende eeuw. De Viet namen geleidelijk hun plaats in. Nu leven er slechts her en der nog enkele duizenden verarmde Cham. Toch lieten ze enkele prachtige tempels achter. In My Son zijn ze grotendeels kapot geschoten tijdens de vreselijke oorlog. Bij Nha Thrang floreren ze uitbundig. Zij lijken wel opgaande bloemstengels met ontluikende bloemknoppen en doen mij denken aan Indiase voorbeelden.


Die gruwelijke Amerikaans-Vietnamese oorlog heeft ook verschrikkelijk huisgehouden in Son My. In dat dorp waren de weerbare mannen opgeroepen in het leger, of aan de oogst, of vochten bij de Vietcongstrijders. Een peloton Amerikaanse Mariniers kwamen hier naartoe met de foute informatie dat er een grote vijandelijke strijdmacht in het dorp gelegerd was en dat ze deze moesten uitroeien. De eenheid was maar twee maanden in Vietnam en had al twintig kameraden verloren in sluipmoorden, verborgen mijnen, enzovoort, zonder ook maar aan een gevecht deel te nemen. Ze waren opgejut: nu zou het gaan gebeuren, nu zouden ze die onzichtbare vijand te pakken krijgen. Het bevel van de verre commandant was simpel: schieten om te doden op al wat beweegt. Zij vielen het dorp binnen, vonden alleen kinderen, vrouwen en ouderlingen. Het brutale geweld van opgekropte frustratie barstte los. Meer dan vijfhonderd weerloze mensen werden afgeslacht en de hutten in brand gestoken. Bij het bezoek, na het zien van de Nederlandse documentaire, zijn er geen woorden meer, alleen tranen en stilte. Droeve gedachten over de doden, de levenden, de daders en wij allen, getuigen van geweld. Bidden voor vrede.


Het strand is fijn zand, mooi en 3200 km lang. Maar de oceaan is woelig, vreet het zand steeds verder weg. De rode vlag staat slechts 25 meter ver in zee. Na twee dagen rust aan het strand, ben ik verder op weg naar het zuiden. Ik rijd door die grote vruchtbare vlakte, doorsneden met ontelbare kanalen en zijtakken van de Mekong-delta, zoals de Sai Gon rivier.


Vanaf de zeventiende eeuw verzwakte het grote en machtige Cambodjaanse Khmer rijk van Angkor. Het oostelijk deel van hun gebied kwam meer en meer onder Viet invloed en werd vanaf de achttiende eeuw ook bestuurd door hen. Honderd jaar geleden, onder het Franse koloniale bestuur over de twee landen, werd het wettelijk aangehecht bij Cochinchina dat na de nederlaag van de Fransen het zuidelijk deel werd van Vietnam. 


Ho Chi Minhstad dat vroeger Saigon heette, was toen de hoofdstad van Zuid Vietnam en is wellicht de meest levendige en bekende stad van Vietnam. Het ligt midden die groene laagvlakte. Als ik op vrijdagavond toekom in het centrum van de stad kijk ik verbaasd naar die feeërieke verlichting  van miljarden lampjes. Wat een verschil met de donkere straten in 1996. Toen reden er alleen wat fietsers, vaak zonder licht. Nu moet men de verkeerslichten gebruiken om tussen de motoren over te steken, en zelfs dan … Even verwonderd kijk ik rond en merk alleen jongeren die bij elkaar zitten te praten, berichtjes uitwisselen, vrijen of wat zakgeld bijverdienen als motortaxi à la Uber. En verder zijn er de jonge gezinnen met kleine ukjes of iets ouder. Her en der lopen er wat toeristen rond met grote ogen. Dit is een jonge natie met een exploderende bevolking van negen miljoen mensen.


Zaterdagmorgen om zeven uur (de scholen zijn nog gesloten voor de coronakoorts) zie ik een golvende vloot van acht miljoen motoren (!!!) de stad inrijden. Zij weven door elkaar, complexer als een viltmat, zonder elkaar te raken. Soms stoppen ze zelfs voor het rode licht. En wat ze allemaal vervoeren: kippen, groentebergen, stapels dozen, acht butaangasflessen, recycleerafval en natuurlijk het hele gezin, een kleuter vooraan, vader aan het stuur, en een ukje in moeders armen achteraan.

Ik bespaar je nog maar eens een oorlogstafereel in Cu Chi, al koestert het regime die periode als een kleine mishandelde calimero. Maar ik heb wel een lekkere soeplunch gegeten bij de schoonzus thuis van het brandende napalmmeisje van weleer.


Maar een ander bezoek kon ik niet afwimpelen: het museum van de overblijfselen van de oorlog. Vroeger heette het : Het museum van de Amerikaanse oorlogsmisdaden. De naam is veranderd, maar de inhoud niet. Ik besef maar al te goed hoe het communistisch regime deze en alle andere reizen regisseert en beïnvloedt. De basisidee luidt: Alle misdaden komen van de Amerikanen, alle onschuldige slachtoffers zijn arme Vietnamezen. Larie en apekool natuurlijk. In een ruzie of een oorlog is niemand vrij van schuld.


De lokale gids speelt dat spel mee, anders is hij volgende maand geen gids meer. Breder gezien noemt hij alle prestigieuze verwezenlijkingen en verzwijgt de moeilijkheden. Voorbeeld? Vietnam zou de tweede, soms de eerste exporteur zijn van rijst en de grootste uitvoerder van de beste koffie. Ik kijk naar internet. Vietnam staat voor rijstexport op de vijfde plaats na India, Thailand, Verenigde Staten en Pakistan. De twee eerste landen voeren elk bijna vier keer zo veel uit als Vietnam. Voor koffie staat het land op de vierde plaats na Brazilië, Colombia en Indonesië. Daarenboven produceert Vietnam hoofdzakelijk Robusta bonen, terwijl Arabica het fijnste aroma heeft. Maar dit past niet in het reclamepraatje van het regime.


Vanmorgen ben ik naar een drijvende groothandelsmarkt van landbouwwaren gaan kijken. Het is niet echt een spektakel maar wel een wat achtergebleven “weg” van producent naar verbruiker: De boer brengt per boot zijn waar naar dit deel van de rivier. Even een tussennoot: De rivier die bekend staat als de Mekong splitst hier in negen grote armen met talloze kanaaltjes, zijriviertjes en beekjes er tussenin. Hij heet in het Vietnamees dan ook Cúu Long, de Negen Draken. Terug naar de varende boer. Hij verkoopt aan een groothandel op een grotere boot, die als kenteken in de mast het product draagt waarin hij handelt. Een meloen in de mast? Dan moet je daar zijn om meloenen te kopen en te verkopen. De kleinhandelaars komen later aangevaren, slaan bij elke boot hun voorraad in en varen terug naar hun winkeltje in de stad. Vermits er tientallen toeristenboten komen kijken, zijn er natuurlijk ook boten ingericht als café of restaurant. Zaken blijven zaken!


Over twee dagen verlaat ik Vietnam en blijf nog een paar dagen in Cambodja. Misschien net op tijd. Eergisteren zijn er na een periode zonder, weer dertien gevallen van corona opgedoken, in Hanoi, 1500 km van bij mij weg. De zieken zaten allen op een vliegtuig waarop ook een dame zat, die uit … Italië kwam. Het virus keert nu van Europa weer huiswaarts! Strenger dan in Italië, heeft de regering onmiddellijk allen in quarantaine geplaats, hun familieleden verplicht thuis gehouden en de straat en de wijk afgesloten. Aan de ingang van het hotel hier in het zuiden staat er een fles desinfectant en een thermometer. 36,6 ° geeft mij groen licht!


Net vandaag lees ik in mijn krant: “Angkor Wat, …, lopen leeg”. Het is een financiële ramp voor allen die van het toerisme (moeten) leven. Dat zijn miljoenen mensen wereldwijd, veel meer dan er besmet zijn. Over drie dagen ben ik in Angkor. Als het leeg is, kan ik er niet besmet worden. Deo Volente. Daarna kom ik naar huis. Maar door al die poespas zijn er veel vluchten afgeschaft. Ook voor mij. Ik moet een dag eerder terug keren dan gepland. Het zij zo.


Tot ziens. Gard.





In de naam van de Vader, met Luc Van Looy: Liefde opent het perspectief van Gods Koninkrijk

Wanneer we in het Onzevader bidden ‘uw rijk kome, uw wil geschiede’, dan komt dat nadat we ‘uw naam worde geheiligd’ gebeden hebben. We erkennen dat eigenlijk alles van God afhangt. Dit hebben we gezien in het Oude Testament wanneer Mozes de slang omhoog hield om het volk bijeen te houden (Nu 21, 4-9).

De evangelist Johannes herinterpreteert dat verhaal in het licht van Jezus’ kruisdood (Joh 3, 14). Zoals de slang zal men Jezus omhoog heffen aan het kruis. Door zijn zelfgave bewerkt Hij verzoening en verwerft Hij eeuwig leven. Net als iedereen die in hem gelooft.

De komst van Jezus wijst erop dat de tijd gekomen is om God aan het woord te laten. Hij zegt vaak dat het ‘Koninkrijk van God ophanden is’ (Mc 1, 15). De naam die we aan dit Koninkrijk kunnen geven is ‘liefde’, vanuit het eerste en het tweede gebod. Jezus is gekomen om ons bewust te maken van de liefde van God en ons uit te nodigen deze liefde door te geven.

Om dat te kunnen moeten we herboren worden in de Geest. Daarover zegt paus Franciscus: ‘De Heilige Geest heeft een oneindige verbeelding, juist als Geest van God is Hij in staat om zelfs de meest complexe en onontwarbare knopen van de menselijke geschiedenis te ontwarren’ (Evangelii gaudium, nr. 178).

Uit het boek: In de naam van de Vader, 365 fragmenten uit homilieën en toespraken van MGR. LUC VAN LOOY (uitgegeven door Halewijn in 2018)

zondag 22 maart 2020

Agenda bijgewerkt

Bekijk onze bijgewerkte agenda op de agenda-pagina.

woensdag 18 maart 2020

Hippe gehaakte tas


Beste Ferm-leden,







Nu de lente begint te kriebelen maken we deze

Hippe gehaakte tas







Tijdens onze KVLV-creales op donderdag 2 april 2020 kunnen jullie deze duurzame tas maken!

Kostprijs voor deze les is 13 euro voor Ferm-leden en 18 euro voor niet-leden.

Wij zorgen voor een pakket met daarin T-shirt-garen en haaknaald.

Je kan kiezen tussen volgende kleuren: wit, munt, geel, bordeaux (rood) of roze

We haken deze tas met Hoooked Zpaghetti-garen. Het is een 100% gerecycleerd garen gemaakt van T-shirt textiel. Dit houdt in dat niet alle kleuren steeds voorradig zijn. Bovenstaande kleuren zijn momenteel in voorraad en zijn de nieuwe Ferm-kleuren. Ook de haakpen is gemaakt van gerecycleerd plastic. Deze tas is dus niet alleen hip, maar ook erg duurzaam.

Gelieve in te schrijven vóór 20 maart bij Kristien Peeters (kristien.peeters@telenet.be, tel. 016/47 08 31. Het bedrag mag je storten op rekeningnummer BE13 7343 4601 1739 van Ferm Korbeek-Dijle, met vermelding ‘gehaakte tas’.

We verwachten jullie om 19u30 aan de parochielokalen van Korbeek-Dijle.



Veel creatieve groetjes,

Het Korbeekse Ferm-bestuursteam


Gard Vermeulen vanuit Vietnam - deel 2


Toch nieuwe ervaringen.

Ik schreef het vorige keer al: dit is mijn derde reis in Vietnam. Kan ik dan wel nieuwe ervaringen opdoen? Jawel. De tweede dag al bezocht ik voor het eerst het gebalsemde lichaam van oompje Ho. Dat was een voorspel.

De volgende dag kwam ik in een parelkwekerij terecht. Ik wist wel dat er parels gekweekt woorden, maar hoe? Zal ik je het geheim verklappen? De eerste stap is de kweek van gewone oesters. Er zijn drie soorten die het tot pareloester kunnen scoppen en elk uit een andere streek van de wereld komen, maar allen hier gekweekt worden. Men zaait het zaad in op touwen en hangt ze in het zeewater van de baai van Halong. Ongeveer halfweg hun leeftijd worden ze ingeënt. Dat betekent dat er met een stukje kraal van een andere oester ook een erwtgroot bolletje van oesterschelp ingeplant wordt in de levende drager. De wonde wordt degelijk ontsmet. Dan laat men ze weer in het water, vastgehaakt in een rek dat wat lijkt op de gril waarin men vroeger bakharing bakte. De oesters moeten om de twee maanden opgehaald worden en gereinigd. De helft van hen overleeft de behandeling niet en moet verwijderd worden. Nog eens twee op tien spuwt het vreemde ding uit en slechts drie op tien ontwikkelt een parel na anderhalf, twee of vijf jaar. De tint van de parel is afhankelijk van het ingeplant stukje kraal. Gekweekte parels zijn perfect rond, terwijl de natuurlijke wel wat variëren in kleur en vorm.

Een boottocht tussen de karstbergen van Halong baai heb ik al eerder gemaakt. Het verhaal gaat dat een draak uit de hemel de Vietnamezen ter hulp kwam in een van de talrijke oorlogen uit het verleden en dat dit beest uiteindelijk versteend geraakte in de baai. Toch blijft de tocht in een grot van een der bergen een wow-ervaring midden ingewikkelde stalactieten aan het plafond en stalagmieten op de begane grond. Tussen mijn vijf Nederlandse reisgezellen blijf ik chauvinistisch beweren dat de grotten van Han mooier zijn.

Een gelijkaardig karstlandschap mag ik ook wat verder bewonderen. Uit het vlakke land, met rijstvelden en wat kleine riviertjes, rijzen ook bergen op als een brokkelige muur midden de vlakte. Daar ben ik gaan varen. De dame achteraan in de boot lag lui achterover en roeide met de voeten!

De volgende nieuwe ervaring was eerder pijnlijk of droevig. Tijdens de Vietnamees-Amerikaanse oorlog lieten de Noord-Vietnamese troepen hun bevoorrading van Noord naar Zuid lopen langs veldwegen of paden door de bossen. De Amerikaanse inlichtingdiensten wisten die ongeveer liggen en bombardeerden ze duchtig. Met nog meer uithoudingsvermogen herstelden jonge vrouwen die wegen zo snel mogelijk: putten vullen, hopen grond weer wegwerken, alles aandammen: ’s anderendaags konden de militaire konvooien er weer over rijden. Tijdens zulke werken kwamen tien ongehuwde vrouwen om door een welgemikte bom. Hun herinnering wordt levendig gehouden met een reusachtig monument dicht bij hun graven. Vele Vietnamezen, diep doordrongen van de eerbied en de plicht tegenover voorouders, komen bloemen zetten en wierookstaafjes branden bij de graven van deze vrouwen zonder nakomelingen en dus verstoken van de gepaste eerbewijzen.

Tam Coc is een dorpje van zeshonderd mensen in die vreselijke zone. Om zich te beschermen tegen de bommenregen groeven ze, zoals elk ander dorp, onderaardse gangen uit met inhammen, voor elk gezin eentje: twee bij één meter voor een gezin van vijf personen. Er was ook een school voorzien voor de kinderen en een hospitaal met materniteit. Zeventien kinderen zagen het ‘levenslicht’ onder de grond. De eerste twee gangen werden gegraven op tien en vijftien meter diepte. Toen de vijand bommen ging gebruiken die zich tot zeventien meter diep in de grond boorden voor ze ontploften, maakten ze een derde pijp op drieëntwintig meter. Alles was handenarbeid en ‘s nachts werd de aarde gestort in de oceaan, zodat die boel niet zichtbaar was uit de lucht. Ik ben in de mollenpijpen niet binnen geweest, want zolang kan ik niet meer gebogen rondlopen. De Vietnamezen zijn hooguit 1.65 m groot.

Luxueuzer was het leven en vooral de dood van de keizer in Hué. Dat was de hoofdstad in de negentiende en begin twintigste eeuw. De keizer was echter machteloos onder de Franse heerschappij. De voorlaatste van de rij, Khai Diem, was een verslaafd gokker. Naar het voorbeeld van zijn voorgangers begon hij tijdens zijn leven al het eigen graf in te richten. De kostbaarste materialen, het mooiste landschap, de beste architecten en de verfijnste kunstenaars waren nauwelijks goed genoeg. De kosten rezen hemelhoog en hij vroeg de Fransen om de belastingen te verhogen van handelaars, werklieden, simpele mensen. Het ongenoegen steeg en de communistische partij ontkiemde. De man was ziekelijk en overleed voor zijn mausoleum klaar was. Het is een juweeltje geworden in XXXL-formaat. Er zijn een tiental van deze gebouwen in de omgeving, voor elke keizer een, met enkele uitzonderingen.

Nu ben ik in Hoi An, een ouderwets stadje, waarvan de vroegere zeehaven verzand is. De handel is opgeschoven naar Da Nang, vijfentwintig kilometer verder. Alle Amerikaanse oorlogsbodems legden daar aan als enige toegankelijke haven en werkten als een magneet op noordelijke bombardementen. Zo is Hoi An gespaard gebleven: een geluk bij een ongeluk. Nu is het overrompeld door toeristenzaken: souvenirwinkeltjes, restaurants , massagesalons, kledingzaken en enkele oude gebouwen. Ook met honderden feeërieke lampionlichtjes ’s avonds.

Terwijl de wereld siddert en beeft van de coronaziekte, blijft Vietnam opvallend gespaard. Vorige keer heb ik je verteld waarom. Misschien mag ik schuchter suggereren dat de heibel overdreven is. Want het aantal doden wereldwijd is miniem, vergeleken met een jaarlijkse griepepidemie en de overledenen zijn zeer vaak mensen op hoge leeftijd die wellicht al eerder verzwakt waren. Weliswaar lijkt het besmettingsrisico groter dan bij griep, maar ik voel me hier nog heel goed bij.

Nu de Chinezen reisverbod hebben gekregen van hun eigen regering en de Zuid-Koreaanse vluchten naar Vietnam geschrapt zijn, zijn de grote toeristenstromen verdwenen. Het is hier dus vrij rustig. Ik reis nog wel wat verder en houd je op de hoogte.


Bekendmaking door de aangestelde verantwoordelijke van de parochie van het resultaat van de oproep tot kandidaten voor het lidmaatschap van de kerkraad

Overeenkomstig artikel 7 § 1 van het decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële

organisatie en werking van de erkende erediensten, werd aan alle belangstellenden

meegedeeld

-dat er drie vacatures zijn binnen de kerkraad van de kerkfabriek Sint-Pieter te Bertem (gemeente Bertem).

Kandidaturen dienden schriftelijk ingediend te zijn vóór 01/02/20.

De hierna volgende personen - alfabetisch gerangschikt - hebben zich tijdig kandidaat gesteld:

1. Hendrik Fierens, A.E. Verbiststraat 7, 3060 Bertem

2. Raf Van der Donkt, Corbielaan 29, 3060 Bertem

3. André Vanderveken, Egenhovenstraat 24/0113, 3060 Bertem.

-dat er drie vacatures zijn binnen de kerkraad van de kerkfabriek Sint-Bartholomeus

te Korbeek-Dijle (gemeente Bertem).

Kandidaturen dienden schriftelijk ingediend te zijn vóór 01/02/20.

De hierna volgende personen - alfabetisch gerangschikt - hebben zich tijdig kandidaat gesteld:

1. Marc Frederickx, Veeweide 17, 3060 Korbeek-Dijle

2. Cyriel Letellier, Nijvelsebaan 207, 3060 Korbeek-Dijle

3. Etienne Van Wambeke, Kleine Hollestraat 11, 3060 Korbeek-Dijle.

-dat er drie vacatures zijn binnen de kerkraad van de kerkfabriek Sint-Lambertus

te Leefdaal (gemeente Bertem).

Kandidaturen dienden schriftelijk ingediend te zijn vóór 01/02/20

De hierna volgende personen - alfabetisch gerangschikt - hebben zich tijdig kandidaat gesteld:

1. Lieve Ronsmans, Neerijse steenweg 14, 3061 Leefdaal

2. Henri Simonart, Slagberg 3, 3061 Leefdaal

3. Guido Veeckmans, L. Van Buekenhoudtstraat 22, 3061 Leefdaal.

Overeenkomstig artikel 7 § 3 van het decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële

organisatie en werking van de erkende erediensten, kan binnen de vijftien dagen na de dag

van deze bekendmaking tegen de kandidaten bezwaar ingediend worden bij de door de bisschop aangestelde verantwoordelijke van de genoemde parochies, deken Patrick Maervoet, Jules Vandenbemptlaan 2, 3001 Heverlee. En dit voor 1/04/2020.

Opgemaakt op 29/02/2020. te Bertem.

Deken Patrick Maervoet,

door de bisschop aangestelde verantwoordelijke van de parochies Sint-Pieter Bertem te Bertem,

Sint-Lambertus, Leefdaal, Bertem

en Sint-Bartholomeus, Korbeek-Dijle, Bertem.

In de naam van de Vader, met Luc Van Looy: Diepste pastorale motivatie

Het komt erop aan dat wij ‘verbonden met Jezus zoeken wat Hij zoekt, liefhebben wat Hij liefheeft. Uiteindelijk zoeken wij de glorie van de Vader, wij leven en werken ‘tot lof van de heerlijkheid van zijn genade’ (Ef 1,6). Als wij ons helemaal en altijd willen inzetten, dienen we iedere andere motivatie te overstijgen. Dit is het uiteindelijke motief, het diepste, het grootste, de hoofdreden en de ultieme zin van al de rest. Het is de glorie van de Vader die Jezus heeft nagestreefd zijn leven lang’ (Evangelii gaudium, nr.267).

Ik vraag mij af tijdens deze voorbereidingstijd naar Pasen in het bijzonder, welk gebed eigenlijk het onze zou moeten zijn: ‘Uw rijk kome, uw wil geschiede.’

In het Onzevader worden wij binnengeleid in de mentaliteit die Jezus bezielde. We leren zijn pastorale bewogenheid tot de onze te maken, namelijk om je alleen te laten leiden ‘door de wil van hem die Mij gezonden heeft’ (Joh 5,30). De toegankelijkheid van Jezus voor de mensen langs de weg vindt daar zijn oorsprong. Hij verwacht ook van ons dat wij ‘het menselijke leed aanraken en in contact treden met het concrete bestaan van de ander’ (Evangelii gaudium, nr.270), in het bijzonder van de arme en noodlijdende.

Uit het boek: In de naam van de Vader, 365 fragmenten uit homilieën en toespraken van MGR. LUC VAN LOOY (uitgegeven door Halewijn in 2018)

Gard Vermeulen vanuit Vietnam - deel 1

Weer in Vietnam

Toen ik in 1996 voor het eerst landde in Hanoi, hoofdstad van Vietnam, stonden er op het vliegveld vier burgervliegtuigen naast vele oorlogstuigen. Twee van die vier behoorden bij de president van Algerije, die toen op staatsbezoek was. De grenspolitie werkte in een grote houten keet, waarin zes houten hokjes stonden met op elke tafel rechts vooraan de kepie van de beambte. Hij keek de formulieren na, scande het paspoort en wachtte op groen licht van hogerhand om me door te laten. Nu staat er een ruim modern gebouw, sober en netjes, voor een efficiënte en snelle afhandeling van de mensenstroom.

Dit is de derde keer dat ik dit land bezoek, de laatste keer was negen jaar geleden. Toch ontdek ik steeds nieuwe dingen. Zo heb ik voor de eerste keer Ho Chi Minh gezien in levende, neen dode en gebalsemde lijve. Hij is de meest bekende Vietnamees, symbool van de vrijheidsstrijder tegen de Franse kolonisator en de Amerikaanse indringer van de twintigste eeuw.

Maar de geschiedenis gaat natuurlijk veel verder terug. De Chinezen hebben dit stuk van de wereld al overheerst lang voor onze tijdrekening. Ze zijn dan ook de meest gehate tegenstrever van de Vietnamezen, zij het in zwijgzame stilte. Pas in de elfde eeuw slaagde een generaal er in het Noordelijke deel van het huidige land in te palmen en zich tot keizer te laen kronen. Het verhaal gaat dat een visser ooit een zwaard uit het water haalde en het aan de krijger overhandigde. Het bleek machtige, magische krachten te bezitten. Na de overwinning eiste een grote schildpad het zwaard op . Het dier bracht het naar de diepten van het Kiem meer in het centrum van Hanoi. Daar ligt het nog steeds verborgen volgens de legende.

In de volgende eeuwen kwamen de Chinezen weer, werden weer uitgedreven, breidde de keizer zijn macht uit naar het zuiden waar hij de Champa versloeg, nog later de Khmer gedeeltelijk verdreef uit het verste zuiden van het huidige land. Tot in de achttiende eeuw het huidige Vietnam een geheel werd.

Toen, in negentiende eeuw, kwamen de Fransen. Zij veroverden ook het nabijgelegen Laos en Cambodja en noemden het Indochina. Een jonge man waarvan de vader in de administratie werkte van de marionet-keizer, kreeg de beste opleiding in de hoofdstad van toen. Hij rebelleerde samen met vele andere studenten tegen de Franse overheersing, raakte in de gevangenis en kwam weer vrij, maar mocht het land niet meer verlaten. Toch wou hij weten waarom het Westen zoveel machtiger was dan het Oosten. Hij werd kok op een intercontinentale vrachtboot onder een valse naam. Hij verbleef in Londen, in Amerika, in Frankrijk en na de communistische revolutie in Rusland. Daar stichtte hij de Vietnamese communistische partij. Zijn tweede valse naam was Ho Chi Minh.

Tijdens de tweede wereldoorlog was hij weer in Vietnam, dat nu onder de voet gelopen was door de Japanners. Hij zocht en vond bondgenoten in China en … Amerika. Na de nederlaag van Japan, riep hij op 2 september 1945 de onafhankelijkheid uit van Vietnam. Maar zo hadden de Fransen het niet begrepen en zij bezetten het land opnieuw. De strijd vond zijn hoogtepunt in de slag om Dien Bien Phu in 1953. Frankrijk lag verlamd in de touwen en er kwam een vredesverdrag dat het land voorlopig in twee splitste en waarbij er verkiezingen zouden georganiseerd worden. De Verenigde Staten zagen het ijzeren gordijn in Europa vanaf 1946, het beleg van Berlijn in 1948, de overwinning van Mao Tse Toeng in China in 1949, de Koreaanse oorlog vanaf 1950. Zij vreesden de val van een andere dominosteen.

Amerika zetten een marionettenregering op in het zuiden en verhinderden de volksraadpleging. Corruptie, machtsmisbruik, onderdrukking was er schering en inslag. En er waren weer eens buitenlandse heersers. Ho Chi Minh begon een guerrillaoorlog tegen de Yankees. Die hadden maar twee antwoordden: een bommenregen uit de lucht en de “search and destroy” actie op het land. Wellicht herinner je je nog die foto van het naakte meisje, huilend van de pijn met nog een flard brandend linnen aan de arm: napalm! Er kwam een golf van protest wereldwijd. Het einde van de zestiger jaren was ook de tijd van de flower power: bedrijf de liefde, niet de oorlog. Hoe meer burgers de Amerikanen doodden, hoe meer ondergrondse strijders zich bij de Vietcong voegden.

In volle oorlog, op 2 september 1969, verjaardag van de onafhankelijkheidsverklaring, stierf Ho Chi Minh. Uiteindelijk trokken de Amerikanen zich terug en lieten de slangenkuil over aan het Zuid Vietnamese regime, dat compleet verslagen werd op 30 april 1973. 1 mei kon gevierd worden, ook in Saigon, dat nu Ho Chi Minh Stad heet.

Maar hier eindigt de geschiedenis niet. De Chinezen -weer zij!- betwistten de noordelijke grens en vele eilanden. Zij vielen Vietnam aan en er moest een overeenkomst gesloten worden tussen een grootmacht en de kleine buur. In buurland Cambodia heerste Pol Pot met een schrikbewind. Vele familieleden van slachtoffers woonden in het zuiden van Vietnam. Tenslotte is Vietnam er binnen gevallen om de druk van die zijde te verlichten, maar kwam in de knel, want nu was het zelf een bezetter.

We zijn veertig jaar verder en het land bloeit open. Daar vertel ik je later over.

Ik vermoed dat je je zorgen maakt over mij, zo dicht bij de oorsprong van de coronaziekte. Toch nog duizend kilometer er vandaan. Ik lees inderdaad de angstaanjagende berichten over China, het cruiseschip in Japan, de uitbreiding in Italië, de flop met de Belgische passagiers van de Westerdam die uit Cambodia kwamen en vrolijk met trein en bus naar huis reisden.

Hier is alles vrij rustig. De zestien geregistreerde gevallen zijn allen genezen en kunnen anderen niet meer besmetten. Bovendien worden er drastische maatregelen genomen. Bijvoorbeeld: Chinezen en bezoekers die in China geweest zijn, worden in alle hotels geweigerd. Mondmaskers zijn verplicht bij het bezoek van het mausoleum van Ho Chi Minh. Aan de meeste ingangsdeuren worden de handen verplicht gedesinfecteerd of wordt je temperatuur gemeten. Met onze bus reist ook een sympathieke goedlachse jobstudent die als hoofdtaak heeft om bij elke instap of uitstap een gulp ontsmettingsgel in je handen te spuiten. Ik voel me voorlopig veilig. Tussendoor helpt het kereltje met moeilijke op- of afstappen op een boot of in een grot. Ik word hier op handen gedragen. Ouderdom krijgt hier respect en heeft zo zijn voordelen.

Door de epidemie zijn er veel minder reizigers, zowel in de hotels, bij de bezienswaardigheden als op de vliegtuigen. Cathhay Pacific heeft om de andere dag een vlucht afgeschaft, waardoor mijn medereizigers een dag langer in Vietnam moeten blijven. Ik ga door naar Cambodia en kom op de verwachtte tijd terug. Vier ingeschreven personen hebben die verlenging aangegrepen om hun reis te annuleren, wellicht onderduims om het risico op het virus te ontwijken. Zo trekken we nu door het land in een grote moderne bus met zes toeristen, een lokale gids en een Nederlandse reisleidster, een chauffeur en het hulpje. We worden prima in de watten gelegd.

woensdag 11 maart 2020

Gelezen in TERTIO van 26 februari 2020

1 . Bemin de joden

Uit een Standpunt van Emmanuel Van Lierde

Laten we ons in de komende veertigdagentijd bijzonder bewust zijn van mogelijke aanzetten tot antisemitisme in de christelijke traditie en daar tegen ingaan, bijvoorbeeld tijdens de homilie. Laten we dit jaar bijzonder waakzaam zijn bij het lezen of beluisteren van de Schriftlezingen.

Aswoensdag en Goede Week

Zo luidt het op Aswoensdag tot twee keren toe dat je niet moet bidden of aalmoezen geven zoals de huichelaars en de schijnheiligen dat doen in de synagogen (Mattheüs 6, 1-6,16-18). Als we zoiets horen, moeten we er ons goed van bewust zijn dat Jezus sprak tot zijn medegelovigen, tot andere joden. Als we die uitspraken vandaag correct willen interpreteren, zouden we synagogen beter door kerk vervangen. De hypocrieten tot wie Jezus zich richt, zijn we zelf. Zoals altijd worden we uitgedaagd de Schrift op ons leven te leggen, veeleer dan op dat van anderen. We moeten niet de splinter in het oog van de ander zien, maar de balk in eigen oog. De Bijbel dient niet om anderen te veroordelen, wel om onszelf onder Gods oordeel te plaatsen.

Ook de passieverhalen die tijdens de Goede Week worden voorgelezen of de passiespelen die her en der worden opgevoerd, kunnen ongewild het antisemitisme voeden. Je kunt de kruisdood van Christus noch alle in Jezus’ tijd levende, noch de nadien geboren joden in de schoenen schuiven. De catechismus van het Concilie van Trente stelde dat christelijke zondaars meer schuld trof voor de dood van Christus dan die enkele joden die haar uitlokten. Christus stierf immers voor onze zonden. Denk ook aan het gedicht van calvinist Jacob Revius: “’t en zijn de joden niet, Heer Jesu, die u kruisten, ik bent, o Heer, ik bent die u dit heb gedaan”. Herkennen we onszelf in Petrus, Judas of de massa die roept: “Kruisig Hem!”?

Zelfkritisch zijn

De evangelies plaatsen twee soorten mensen tegenover elkaar: zij die de wet correct naleven en de zondaars. Laten we onszelf niets wijsmaken alsof we aan de goede kant staan. In ieder van ons zit een heilige en een zondaar. De Schrift nodigt ons uit vooral zelfkritisch te zijn. De veertigdagentijd is een kans om in de spiegel te kijken en de anderen extra te beminnen, ook de joden.

2 . Op zondag 23 februari werd in de Gentse Sint-Baafskathedraal trappist Lode Van Hecke tot bisschop gewijd in opvolging van Luc Van Looy. In zijn homilie vraagt kardinaal Jozef De Kesel de wijdeling dat hij “de ziel van een monnik” zou behouden als bisschop. “Je bent een open iemand, een vrij iemand. Je komt van elders, niet uit de vertrouwde klerikale middens. Het geeft je juist nieuwe ogen”, merkt De Kesel verder op. In zijn dankwoord stelt Van Hecke dat “wie de kerk als moeder heeft, nergens vreemdeling is”. Hij groet in het bijzonder ook de politici met wie hij hoopt samen op te komen tegen armoede en onnodig lijden en voor meer rechtvaardigheid en vrede.

3 . In zijn boodschap voor de veertigdagentijd die Kerknet op 24 februari in het Nederlands publiceerde, herinnert paus Franciscus de gelovigen eraan dat Pasen geen gebeurtenis uit het verleden is, maar altijd aanwezig is en ons in staat stelt “het lichaam van Christus in zoveel lijdende mensen te zien”. Behalve tot gebed spoort de paus ook aan tot delen en tot aandacht voor “de structurele aspecten van ons economische leven”. In dat laatste past de geplande ontmoeting van jonge economen, ondernemers en changemakers van 26 tot 28 maart in Assisi. (Frederique Vanneuville)

In de naam van de Vader, met Luc Van Looy: De vreugde van het evangelie

Het verhaal van Abraham die op vraag van de Heer wegtrekt uit zijn vertrouwde omgeving, heeft in de geschiedenis van de Kerk missionarissen gemotiveerd om uit hun land te vertrekken om het evangelie te brengen ver van huis. Deze missionaire opdracht is vandaag een belangrijk thema voor paus Franciscus. ‘Wij zijn allemaal geroepen tot een nieuw missionair naar buiten treden. Ieder christen en iedere gemeenschap zal dienen te onderzoeken welke weg de Heer vraagt te gaan. Maar allen zijn we geroepen om op deze oproep in te gaan: weg te trekken uit ons eigen comfort om moedig iedereen die verwijderd is van het geloof tegemoet te treden in het licht van het evangelie’ (Evangelii gaudium, nr.20). We herinneren ons ook dat Jezus tegen zijn leerlingen zei: ‘Laten we ergens anders heen gaan, naar de dorpen in de buurt’ (Mc 1,38). Eropuit trekken, niet stil zitten, je niet opsluiten in je eigen beslommeringen… zijn allemaal oproepen die we constant horen van paus Franciscus. En hij geeft het voorbeeld. Hij verbindt dit met de vreugde, met gelukkig zijn. ‘Er is meer vreugde in het geven dan in het ontvangen,’ zegt de Schrift. Die vreugde vindt haar oorsprong in de kennis geliefd te zijn door God. De missionaire beweging start ook van die liefde, die we niet voor onszelf alleen kunnen houden, maar moeten doorgeven aan anderen, vooral dan aan die mensen die van liefde of welvaart verstoken blijven, aan de armen, en aan diegenen die ver van geloof of Kerk verwijderd leven. Paus Franciscus noemt dit: ‘Naar buiten treden en het evangelie verkondigen aan iedereen: op alle plaatsen, bij elke gelegenheid, zonder aarzelen, twijfel of angst. De vreugde van het evangelie is voor alle mensen: niemand wordt uitgesloten’ (Evangelii gaudium, nr.23).

Uit het boek: In de naam van de Vader, 365 fragmenten uit homilieën en toespraken van MGR. LUC VAN LOOY (uitgegeven door Halewijn in 2018)

zondag 8 maart 2020

Twintig jaar TERTIO

Het ganse nummer van 19 februari 2020 is gewijd aan de geschiedenis van het weekblad.

Hierbij enkele grepen uit de inhoud van de hand van Emmanuel Van Lierde, Frederique Vanneuville, Sylvie Walraevens, Geert De Cubber en Ludwig De Vocht.

Op 16 februari 2000 verscheen de eerste editie van het christelijk opinieweekblad Tertio met een huidige oplage van 6.000.

De spilfiguren bij de oprichting van Tertio waren: Toon Osaer, toenmalig woordvoerder van kardinaal Danneels, en de toenmalige directeur van uitgeverij Halewijn Jo Cornille.

Breed draagvlak

“Al noemden we het toen nog niet zo, we wilden dat Tertio een ‘verbindend’ project zou zijn. We wilden niet in polemiek of polarisatie belanden, zoals in Nederland toen het geval was”, vertelt Osaer. Om die verbinding te bewerken werd gezocht naar een zo breed mogelijk draagvlak, niet alleen onder religieuzen en bij de bisdommen, maar ook in het christelijke middenveld en bij katholieke burgers, zowel individuen als families. Osaer vindt het belangrijk te beklemtonen dat er van in het begin over werd gewaakt om Tertio te definiëren als een niet-kerkelijk project. “Jo en ik zetelden wel in de raad van bestuur en door onze functie waren we allebei vertrouwensmensen van de kardinaal en de bisschoppen, maar we zaten daar geenszins omdat de kerk greep wou hebben op het geheel.”

Pauselijke felicitaties

Het hoogtepunt uit de 20-jarige geschiedenis van Tertio is en blijft zonder twijfel het interview dat dit weekblad mocht hebben met paus Franciscus op donderdag 17 november 2016. Door de jaren heen kon Tertio ook in het Vaticaan een stevige reputatie opbouwen en het blad wordt in Rome beslist gevolgd. Dat blijkt onder meer uit de brief die staatssecretaris Pietro Parolin in naam van paus Franciscus op 16 januari schreef aan Gents bisschop Luc Van Looy.

Vertaling van de brief

“Aan Mgr. Luc Van Looy,

bisschop-referent voor de media

van de Belgische bisschoppenconferentie

Ter gelegenheid van de 20ste verjaardag van de oprichting van het weekblad Tertio , sluit de Heilige Vader zich aan bij de vreugde en de dankzegging van uzelf, zij die er werken en de lezers. Hij verzekert u daarbij van zijn geestelijke nabijheid en zijn gebed. Hij dankt God voor deze gebeurtenis die getuigt van deze 20 jaar, die toelieten aan dit kwalitatieve weekblad om zich een reputatie te smeden. Zijn naam ontlenend aan de apostolische brief Tertio Millennio Adveniente van paus Johannes Paulus II (10 november 1994), wenste Tertio in een steeds meer geseculariseerd medialandschap de stem van de christelijke intellectuelen in de publieke debatten te laten horen en te versterken. Paus Franciscus drukt de wens uit dat deze gelukkige verjaardag de journalisten in staat zal stellen een nieuwe adem te vinden in hun engagement en in hun inspiratie, in dienst van het geloof en de kerk. Hij vraagt aan de heilige Geest, door bemiddeling van de maagd Maria, hen te helpen getuigen van de jeugdigheid en de vreugde van het evangelie, en hen te helpen een cultuur van ontmoeting en dialoog met allen te versterken. Vanuit die hoop verleent hij u van ganser harte de apostolische zegen, alsook aan de journalisten, het personeel en de lezers van het weekblad Tertio.

+ Kardinaal Pietro Parolin

Staatssecretaris van Zijne Heiligheid”

Woorden van Rik Torfs

“Gelovigen spreken over ‘keuzekatholicisme’, over geloof als een individuele zaak, en benadrukken voortdurend dat ze een minderheid zijn. Dat laatste is een vaststelling, maar betekent nog niet dat je daarin moet berusten. Ik ben voor een wild expressief christendom. Dat is het toch van nature? De Blijde Boodschap nodigt uit ons enthousiasme te delen met anderen, net zoals we geestdriftig kunnen vertellen over een geweldige film of een sterke tentoonstelling. We moeten ons als christenen niet schamen; ik voel me alvast niet persoonlijk verantwoordelijk voor fouten die ooit door de kerk werden begaan.”

Woorden van Bert Claerhout, eerste hoofdredacteur, van 2000 tot 2007

“Welke richting moeten we uit? Hoe komt dat over? In het begin was dat moeilijk. We werden wat in de conservatieve hoek geduwd. Na ons memorabele interview met Steve Stevaert (zie Tertio nr. 196 van 12/11/’03, nvdr) is alles veranderd. Stevaert stond op dat ogenblik op zijn politieke hoogtepunt. ‘Ik ben tegen onverschilligheid en voor volle kerken’, zei hij toen bij ons. ‘Tertio, fijn blad, lees ik graag’, zei hij ook in De zevende dag. Plots waren we als het ware ‘ontsmet’.”

Woorden van Ludo Van den Eynden (85 jaar), waakt al 20 jaar over het taalgebruik en de kwaliteit van de artikels

“Het niveau dat Tertio nu haalt, is geleidelijk gegroeid. De afstand tussen de eerste nummers en de huidige is enorm. De kwaliteit is sterk toegenomen, maar soms is het niveau te hoog. Voor een gemiddelde lezer zijn sommige stukken zware kost, een vorm van filosofie. Er zou terug een ietwat plezierige maar intelligente kolom in mogen. Een soort ontspannend cursiefje van niveau met zachte ironie zou een aanwinst zijn.”

Wafelverkoop WOS Korbeek-Dijle 2020

Hartelijk dank aan alle mensen die ons op één of andere manier gesteund hebben bij de wafelverkoop, hetzij door te bakken, te verkopen, maar zeker zij die onze wafels blijven appreciëren en ze kopen.

Samen hebben we 2.385 euro bijeengebracht.

Zo kunnen wij onze vrienden in Congo, Kenia, Guatemala en Nicaragua weer een steuntje in de rug geven.

Onze hartelijke dank en hopelijk tot volgend jaar.

WOS Korbeek-Dijle

In de naam van de Vader, met Luc Van Looy: Nieuwe evangelisatie: catechese en vergeving

Het is opvallend hoe vaak Jezus spreekt over het einde, over her rijk dat zal komen, over glorie en over verdoemenis. Uit onze catechese en homiletiek is de verwijzing naar de ‘uitersten’, naar de uiteindelijke zin van het leven, of beter: naar het leven na de dood, vaak verdwenen. In de gebeden van de eucharistieviering wordt voortdurend daarnaar verwezen. Denk alleen maar aan de formule ‘tot in de eeuwen der eeuwen’. Het perspectief van het rijk der hemelen is nochtans de grote verwachting, de basis van onze hoop.

Een ander vergeten element is de vergeving van de zonden. We lezen er overheen in de teksten van de liturgie. Zonde wordt beschouwd als een oude term: er is geen zonde meer. En toch is het geen oude realiteit. De kranten staan er dagelijks vol van in een samenleving die gebouwd wordt op beschuldiging en repressie. Het Onzevader zegt: ‘Vergeef ons onze schulden, zoals ook wij vergeven aan onze schuldenaren.’ Durven wij die laatste zin nog wel uitspreken? Is het waar dat we tegen God zeggen dat wij onze schuldenaren vergeven? Nochtans is dat de boodschap van de Verrezene, Hij heeft de zonde en de dood overwonnen.

De nieuwe evangelisatie is door de bisschoppensynode van 2012 opnieuw in de startblokken gezet. De inspiratie voor hun slotboodschap is de ontmoeting van Jezus met de vrouw aan de put van Jacob. Hij komt bij ons zitten, Hij blijft in het dorp, zodat we zeggen: ‘Nu geloven we niet meer op grond van wat jij verteld hebt; we hebben hem zelf gehoord en nu weten we: dit is werkelijk de Redder van de wereld’ (Joh 4,42). Het komt erop aan ‘te erkennen dat Jezus het initiatief neemt om ons te ontmoeten, en dit voor te stellen in al zijn schoonheid en eeuwige nieuwheid aan de afgeleide en verwarde harten en geesten van de mannen en vrouwen van onze tijd, bovenal aan onszelf… Deze schoonheid moet in het bijzonder zichtbaar zijn in de handelingen van de heilige liturgie, bovenal in de zondagse eucharistie… Het is vandaag nodig oases in de woestijn van het leven te scheppen’ (Uit de slotboodschap van de synode in 2012, nr. 3).

Uit het boek: In de naam van de Vader, 365 fragmenten uit homilieën en toespraken van MGR. LUC VAN LOOY (uitgegeven door Halewijn in 2018)

woensdag 4 maart 2020

Arte Amanti op 7 maart in Korbeek-Dijle

Op zaterdag 7 maart komt Arte Amanti naar de kerk van Korbeek-Dijle. Jonathan van der Beek uit Veltem-Beisem en zijn hoornkwartet krijgen de eer het concert als Jong Talent te starten. Nadien laat je je betoveren door violiste Iona Cristina Goicea en pianist Boris Kusnezov, beiden internationale top.

Iona Cristina Goicea is een van de meest uitstekende violistes van haar generatie. Ze won meerdere internationale prijzen waaronder de prestigieuze Koningin Elisabethwedstrijd in 2019. Ze trad op in bekende concerthuizen en festivals over heel de wereld. Als soliste trad ze op met het Belgisch Nationaal Orkest, de Auckland Philharmonia, de Indianapolis Symphony… Naast haar carrière als soliste is ze ook een begeesterde kamermuzikante.

Ook pianist Boris Kusnezov won de ene na de andere internationale competitie, o.a. de Duitse Muziek Competitieprijs in 2009. Naast zijn optreden als solist kreeg hij een bijzondere passie voor kamermuziek en liedbegeleiding. Intussen speelt Boris Kusnezov wereldwijd concerten in diverse bezettingen voor kamermuziek en met grote solisten.

Het concert op 7 maart begint om 20 uur. De deuren openen om 19 uur. Kaarten kosten 12 euro en kan u kopen aan het onthaal in het gemeentehuis.

Meer info: vrijetijd@bertem.be of tel. 016 49 97 71.

woensdag 26 februari 2020

In de naam van de Vader, met Luc Van Looy: Vlaanderen missieland?

Reeds in 1943 werd in Frankrijk een boek gepubliceerd met als titel: La France, pays de mission? Kerk is inderdaad missie. Om echter aan het idee ‘missiegebied’ te wennen is meer nodig. Realistisch gezien is het wél zo, vermits vele mensen vervreemd zijn geraakt van het kerkgebeuren en van het evangelie. Past hier de uitspraak van de evangelist Lucas dat we moeten ‘zoeken en redden wat verloren is’ (Lc 19,10)?

De missie-ervaring leert ons dat de kennis van de Schrift essentieel is. Elke bijeenkomst van de gelovigen zou moeten beginnen met een Schriftlezing en commentaar daarop. In onze gemeenschappen ontbreekt vaak een Bijbelcultuur. Vandaar dat we geen woorden hebben om over geloof te spreken. We durven blijkbaar niet uitkomen voor ons geloof, onze vieringen zijn soms vlak en zonder enthousiasme, er wordt dan maar weinig ‘gemeenschap gevierd’. We kunnen nog wel bouwen op een culturele ondergrond die christelijk is en op wat vandaag nog uit een relatief ondiepe ondergrond opgediept kan worden. Maar expliciete verkondiging is echt wel nodig en dringend.

Mensen hebben het recht om Christus te ontmoeten en hem te leren kennen. Groeiende geloofsinteresse is te merken bij sommige jongeren die een frisse nieuwsgierigheid tonen. Nieuwe bewegingen vinden langzaam hun weg en elk jaar dienen zich meer catechumenen aan. De houding van gelovigen is bepalend voor de toekomst van de Kerk in Vlaanderen en de collegialiteit en samenwerking onder de vrijgestelden staat garant voor een geloofwaardige Kerk.

Uit het boek: In de naam van de Vader, 365 fragmenten uit homilieën en toespraken van MGR. LUC VAN LOOY (uitgegeven door Halewijn in 2018)

woensdag 19 februari 2020

Een ferme Maria Lichtmis


Op zondag 2 februari 2020 was er in de kerk van Korbeek-Dijle een woord- en communiedienst als herdenking van de opdracht van de Heer in de tempel. De dienst werd verzorgd door Ferm (het vroegere KVLV) en voorgegaan door Maria Maginelle.

Bij de zegening van de kaarsen baden wij samen:



God, Gij zijt de bron en het begin van alle licht. Als Gij spreekt dan wijkt het duister, dan wordt ons leven helder. Wij vragen U: zegen deze kaarsen en verhoor het gebed van ons allen. Mogen deze kaarsen licht en warmte brengen in de gezinnen die ze branden. Mogen ze ons eraan herinneren bij dagen van vreugde en verdriet, dat U het bent die voor ons zorgt en ons brengt naar de plaats waar licht en vreugde blijven tot in eeuwigheid.



Hierbij enkele foto’s van de viering.