woensdag 16 mei 2018

Gelezen in TERTIO van 2 mei 2018

1 . Quote

“Vanaf 1 juni zal in elk overheidsgebouw een kruis hangen.”

De Beierse minister-president en christendemocraat Markus Söder vindt de beslissing een heldere bekentenis van zijn regering tot de Beierse identiteit en de christelijke waarden (De Tijd, 24/4).

2 . Zwitserse garde “dapper en trouw” in dienst van de paus

Uit een artikel van Emmanuel Van Lierde

Elk jaar leggen nieuwe Zwitserse gardisten op 6 mei de eed af bereid te zijn in een noodsituatie hun leven op te offeren voor de paus. Dat herinnert aan Il Sacco di Roma, de plundering van Rome door Spaanse en Duitse soldaten op 6 mei 1527. Ook toen gaven Zwitserse wachten hun leven om de paus te redden en in veiligheid te brengen. Van de 189 Zwitserse wachten overleefden er slechts 42 Il Sacco di Roma. Hun kleine leger stond machteloos tegenover de huurlingen van keizer Karel V. Maar ze slaagden er wel in paus Clemens VII langs de geheime gang, de Passetto, van het Vaticaan naar de onneembare Engelenburcht te brengen. Om dat historische gebeuren te gedenken, vindt de plechtige beëdiging van nieuwe gardisten traditioneel plaats op 6 mei, de dag van die plundering van Rome in 1527. Hun leger zelf ontstond in 1506, op verzoek van paus Julius II. Op 22 januari 1506 arriveerden de eerste 150 Zwitsers in Rome om de paus en zijn residentie te beschermen. Al meer dan 500 jaar is dat hun ongewijzigde opdracht en ze doen dat “dapper en trouw”, zoals hun motto luidt.

Naast Zwitsers moeten de rekruten praktiserende katholieken zijn, over een goede gezondheid beschikken en ongehuwde mannen onder de dertig zijn. “Pas na minstens vijf jaar dienst mogen ze huwen, als ze beloven nog minstens drie jaar in dienst te blijven en minstens de rang van korporaal hebben. En ze moeten inderdaad ten volle achter het geloof staan, overtuigd zijn van de leer van de kerk. Er is een aalmoezenier die hun een volwassenencatechismus overhandigt bij hun intrede en bij wie ze met geloofsvragen terechtkunnen. Tijdens hun dienstjaren verdiepen ze beslist hun geloof. We verwachten van hen een grote liefde voor paus en kerk, want ze moeten beide trouw dienen”, zegt legerwoordvoerder Wachtmeister Urs Breitenmoser.

Vooral het kleurrijke renaissance-uniform van de Zwitserse wachten springt bij bezoekers van het Vaticaan in het oog. Toch zijn de gardisten geen folkloristisch relict uit het verleden. “Onder dat uniform zitten jonge en goed opgeleide soldaten. Ze zijn er trots op deel uit te maken van die meer dan 500-jarige traditie, maar tegelijk combineren ze dat erfgoed met de modernste veiligheids- en legertechnieken. Je kunt maar toetreden tot de Zwitserse garde als je de rekrutenschool van het Zwitserse leger doorliep. Daarna volgen ook bij ons twee maanden opleiding. Na het medische onderzoek in het Vaticaan keren de rekruten eerst een maand terug naar Zwitserland voor een opleiding bij de politie van het kanton Tessin in Isone. Ze krijgen er een cursus recht en leren er tactische bewegingen met en zonder wapens.”

“Voorts staan zelfverdediging en het omgaan met lastige mensen op de agenda. De tweede opleidingsmaand vindt in het Vaticaan plaats waar we hen diets maken in onze gewoonten zoals het begroeten, marcheren en omgaan met de hellebaard (middeleeuwse wapenstok met onder de punt bovenaan een bijl en een haak, nvdr). We brengen hun kennis bij over de Vaticaanse locaties, inwoners en bezoekers. Ook een cursus Italiaans staat hen te wachten. Na die twee maanden mag de rekruut zich een hellebaardier noemen. We verwachten dat ze minstens twee dienstjaren blijven en voortdurend krijgen ze bijkomende interne opleidingen”, legt de Wachtmeister uit.

Neires Kermes 2018

Op zondag 29 april 2018 danste KVLV Korbeek-Dijle de line dances mee met KVLV Neerijse. Een prachtig schouwspel!

Week 2018-20 - 004Week 2018-20 - 005Week 2018-20 - 007

De weggeefkast voor boeken van KVLV

Ze staat er! Op het plein vóór de kerk in Korbeek-Dijle. Met een rijke en wisselende inhoud! Op de rustbank kun je zelfs ter plaatse al beginnen te lezen.

Week 2018-20 - kast

Wijsheid en geloof van Godfried Danneels: Geënt in Hem

Het doopsel verenigt ons met Christus. Paulus zegt ons dat wij door het doopsel geënt zijn in hem zoals een ent op de wijnstok. Wij leven van zijn sap, wij sterven met hem, we worden verborgen in hem als we ondergedompeld worden in het doopwater, om uiteindelijk met hem op te staan. Alles wat zich in het hart en in de ziel van Christus bevindt, wordt door het doopsel in ons overgegoten volgens onze menselijke capaciteit. Door het doopsel en met Christus kennen wij de Vader, hebben wij hem lief, aanbidden we hem en smeken we hem. We worden zo gelijk aan Christus, dat de Vader, als hij naar Jezus kijkt, ons ziet in hem en ons liefheeft zoals hij Jezus liefheeft. Wat een immens mysterie van het doopsel! En dankzij ons doopsel ontvangen we in de kerk veel broers en zussen, we mogen binnengaan in de grote familie van God.

Uit het boek: Een jaar met kardinaal Godfried Danneels (uitgegeven in 2009)

zondag 13 mei 2018

Het kruim van de boerenstand in Korbeek-Dijle in de 19de eeuw - deel 1

1 . Uit het familiearchief van (Joannes) Josephus Coeckelberghs

Wie was Josephus (Jef) Coeckelberghs?

Josephus Coeckelberghs (°Neerijse 1805 / +Korb.D. 1881) was de zoon van Franciscus Coeckelberghs (°Korb.D. 1774 / +Korb.D. 1848) en Maria Catharina Vandenbosch (°Neerijse 1770 / +Korb.D. 1850).

Zijn grootvader Engelbertus Coeckelberghs (° 1739) kwam van Egenhoven, van het Hof van Rotspoel, en trouwde te Korbeek-Dijle met Maria Theresia Van Kildonck (°Korb.D. 1742 / +Korb.D. 1816).

Engelbertus’ “Hof van Coeckelberghs”, op de plaats van de huidige koiwinkel El Patio, behoorde voordien waarschijnlijk toe aan de Van Kildonck’s, zijn schoonfamilie. Dit leid ik af uit de Atlas van de Buurtwegen.
In de Atlas van de Buurtwegen (1845) behoort het domein van het Hof van Coeckelberghs, met inbegrip van het huidige domein van Frans Goovaerts, toe aan Franciscus Coeckelberghs, en het huidige domein van Guy De Coker en Hilde Velghe behoorde toe aan een weduwe Van Kildonck. De grond langs de Nijvelsebaan tussen de Twee Kantjes tot en met het vroegere domein van Jan Van Caudenberg behoorde toe aan Franciscus Coeckelberghs terwijl het domein ernaast, meer de Ruwaalstraat in, toebehoorde aan Guillaume Van Kildonck. Dit wijst op een verdeling van oorspronkelijke Van Kildonckeigendommen tussen Coeckelberghs en Van Kildonck of anders gezegd tussen kinderen Van Kildonck.

De huwelijken van Josephus Coeckelberghs:

Week 2018-21 - Huwelijken J.Coeckelberghs0001

Op 16.4.1837 overlijdt zijn derde dochtertje, 6 dagen oud, en op 27.4.1837 zijn eerste vrouw, 17 dagen na de geboorte van haar derde kind. Josephus blijft achter met twee dochtertjes van respectievelijk 3 jaar en 5 maanden en 1 jaar en 5 maanden.

Maar het leven gaat verder. Op 17 juni 1837 legt Josephus Coeckelberghs de eed af als gemeenteraadslid onder burgemeester Josephus Abts (burgemeester van 1836 tot 1842). Na de verkiezingen van 1839 wordt hij tot schepen benoemd bij koninklijk besluit van 13 januari 1840.

En op 10.11.1842 hertrouwt de 37-jarige Josephus Coeckelberghs met een dochter van zijn overburen, de 28-jarige Maria Theresia Bruffaerts, reeds moeder van een zoontje van 1 jaar en 8 maanden, dat door Josephus wordt erkend. Samen krijgen zij nog tien kinderen waarvan er vijf volwassen werden.

Onder burgemeester Remi Prosper Honnorez (burgemeester van 1843 tot 1872) was hij als schepen ook ambtenaar van de burgerlijke stand van 1843 tot 1856. Op 24 januari 1850 wordt hij daarenboven gekozen tot lid van het Bureel van Weldadigheid.

Na de verkiezingen van 1872 en het overlijden van burgemeester Remi Prosper Honnorez stopt Josephus Coeckelberghs als gemeenteraadslid en schepen, na meer dan 35 jaar onafgebroken politieke activiteit, waarvan 33 jaar als schepen.

Bij de verkiezingen van eind 1884 wordt Eduard Coeckelberghs (1855-1943), een zoon van Josephus, tot gemeenteraadslid verkozen. Maar bij de verkiezingen van 19.10.1890 komt zijn oudere broer Theophiel (1850-1916) in zijn plaats. Na de verkiezingen van 17.11.1895 wordt Theophiel Coeckelberghs schepen en hij blijft het tot eind 1903, wanneer hij ook uit de gemeenteraad verdwijnt. Het einde van de Coeckelberghs’en in de politiek.

woensdag 9 mei 2018

Gelezen in TERTIO van 25 april 2018

1 . Rol De Smedt in “Leuven Vlaams”

Uit een artikel van Leo Declerck, kanunnik van het bisdom Brugge, en Mathijs Lamberigts, decaan van de faculteit Theologie en Religiewetenschappen (KU Leuven)

De kwestie “Leuven Vlaams” verhitte vijftig jaar geleden de gemoederen, ook in het toenmalige Belgische episcopaat. Met een toespraak pro splitsing wekte bisschop Emiel Jozef De Smedt zowel lof als verbijstering.

Een overzicht van de gebeurtenissen:

Er was de Verklaring van de bisschoppen van 13 mei 1966, waarin sprake was van een verdubbeling – en niet van een overheveling – van Franstalige kandidaturen naar het kanton Waver. Die verklaring had hevige reacties opgeroepen in de Vlaamse publieke opinie, die De Smedt gepoogd had te kalmeren, onder meer door de benoeming van Edward Leemans als commissaris-generaal en van Pieter De Somer als Vlaamse prorector.

Op 14 januari 1968 eiste de Franstalige sectie in Leuven niet alleen dat ze er mocht blijven maar dat ze zelfs mocht uitbreiden. Voor de Vlamingen was de maat vol: er was een algemene revolte in Vlaanderen, niet alleen bij de studenten, maar over het hele Vlaamse land. De regering-Paul Vanden Boeynants liep gevaar. De Inrichtende Overheid zocht naar een oplossing. De Vlaamse bisschoppen met De Smedt als leidsman wilden af van de Verklaring van 13 mei 1966, maar de Waalse bisschoppen en de Franstalige Leuvense overheid weigerden elke vorm van verwijdering uit Leuven. Een ultieme verzoeningsvergadering werd gepland voor 3 februari met de afspraak voordien geen mededelingen te doen aan de pers.

Maar op 2 februari 1968 verklaarde Emiel Jozef De Smedt, bisschop van Brugge, op een provinciale bijeenkomst van de Boerenbond in Kortrijk onomwonden dat hij voorstander was van de overheveling van de Franstalige afdeling van de Leuvense universiteit naar Wallonië.

De verklaring van de Brugse bisschop op 2 februari was dus werkelijk een donderslag bij heldere hemel. Hij zei in Kortrijk zeer duidelijk: ‘Ik heb mij schromelijk vergist op 13 mei 1966… Als zoon van Vlaams-Brabant ben ik bekommerd om de gaafheid van dit taalgebied niet te laten in gevaar brengen. Ik zal trouw blijven aan het Vlaamse volk”. Voor De Smedt was het ondraaglijk dat hij werd afgeschilderd als een volksvreemde bisschop die zijn volk in de steek had gelaten.

Vrees voor geloofsafval

De Smedt was ervan overtuigd dat er op 3 februari geen oplossing gevonden zou worden en dat ook de politici daartoe niet in staat waren. Hij nam de kritiek van Vlaanderen ernstig, zag die als een reactie tegen de bisschoppen en vreesde voor een sterke geloofsafval in Vlaanderen.

De inrichtende overheid kwam, na de toespraak, niet tot een akkoord. Op 6 februari viel de regering-Vanden Boeynants. Na de verkiezingen besloot de nieuwe regering-Gaston Eyskens tot de overheveling. In Franstalig België, maar ook in het buitenland, verwonderde men zich over de houding van De Smedt, die als eenzijdig en eng flamingantisch gebrandmerkt werd. Maar De Smedt voelde zich vanaf zijn jeugd een Vlaming, zoals vele medestudenten, zonder daarom een Vlaams-nationalist of een fanatieke flamingant te zijn. In de jaren 1950 had hij zich actief ingezet voor het bewaren van een “christelijke maatschappij” in zijn bisdom. Hij was daarenboven een zeer sociale bisschop die te midden van zijn volk aanwezig wilde zijn. Zijn houding in de Leuvense zaak had alles te maken met die betrokkenheid bij zijn gelovigen, met zijn sociale zin en zijn pastorale bewogenheid.

Voor Leuven, maar niet tegen Louvain-la-Neuve

Bisschop Edouard Massaux, rector van de UCL, schrijft dat een belangrijke Vlaamse kerkelijke personaliteit eind jaren 1970 een grote gift schonk voor de bouw van de kerk van Sint-Franciscus van Assisi in Louvain-la-Neuve. De schenker wenste onbekend te blijven, want het was bisschop De Smedt.

2 . “Geschiedenis uitspelen met zin voor toekomst”

Uit een vraaggesprek van Emmanuel Van Lierde met Leuvens rector Luc Sels

Hoe kijkt de KU Leuven vijftig jaar later op mei 1968 terug?

“Zo’n revolte beleven we misschien niet meer, maar ingrijpende omwentelingen maken we voortdurend mee. Vijftig jaar na de splitsing zijn de twee Leuvense universiteiten trouwens meer een symbool van samenwerking tussen de regio’s in dit land, dan van scheiding.”

“Rector Roger Dillemans was de eerste die de UCL omschreef als onze zusteruniversiteit en die sprak over de twee takken van één boom. Zo voelt het vandaag effectief aan en er is een diepgaande toenadering tussen de rectoren en de vicerectoren. Ik zie Vincent Blondel van de UCL veelal meerdere keren per maand. Niets moet, maar veel kan en ik hoop onze samenwerking te versterken. We hebben nog altijd meer gemeen met de UCL dan met sommige Vlaamse universiteiten. Dat merk je ook bij rituelen zoals de stoet der togati. De splitsing leidde tot twee zelfstandige instellingen die vandaag elk in hun taalgebied de sterkste zijn. Je moet toch bewonderen dat daar in die velden een nieuwe stad gebouwd is en dat de UCL evengoed wereldwijd een begrip is geworden. Als ik vooruitkijk, dan denk ik dat we ons sterker samen internationaal kunnen positioneren door in te zetten op driehoeksverhoudingen. Bijvoorbeeld de al bestaande gemeenschappelijke programma’s van de UCL en de – trouwens tweetalige – universiteit van Ottawa breken we nu open naar de KU Leuven. Samen kunnen we nieuwe opportuniteiten creëren. Nog dit jaar reiken we een gezamenlijk eredoctoraat uit.”

“In plaats van een symbool van scheiding te zijn, kunnen de Leuvense zusteruniversiteiten vandaag een symbool van de samenwerking tussen de regio’s zijn en zo kunnen we heel wat betekenen voor Vlaanderen, België en Europa.”

U werd bijna een jaar geleden, op 9 mei, tot rector verkozen. Waar haalt u de mosterd voor uw kijk op de eigenheid van een universiteit?

“Kardinaal John Henry Newman (1801-1890) behoort tot mijn klassiekers. Die laatste nam ferme standpunten in over de relatie tussen universiteit en kerk. Dat moet je maar doen als man van het instituut. Hij wees op de eigenheid van geloof en wetenschap, elk met een eigen dynamiek maar ook met eigen rechten. Zijn waarschuwing voor overspecialisatie inspireert mij het sterkst. Vandaag wordt gehamerd op interdisciplinariteit, maar bij hem zat dat al ingebakken.”

Tot slot, hoe kijkt u aan tegen de K van KU Leuven?

“Die K staat waar ze verdient te staan en ze zal er wat mij betreft in 2025 nog staan. Ik ben blij met de open dialoog met de kerk. We hebben gemeenschappelijke zorgen. De vicerectoren en ik hebben een gemeenschappelijke bestuursvergadering gehad met de kardinaal en de andere Vlaamse bisschoppen. Dat gebeurde in februari een eerste keer en dat wordt herhaald. Alles kan er op tafel komen. Dat is een zinvolle en leerrijke dialoog voor beide partijen. Internationaal behoren de faculteiten Theologie en Filosofie tot de parels aan de kroon van onze universiteit. Ze zijn wereldtop. Dat wil ik zo houden. Ik ben niet van plan ze af te bouwen of te fuseren, ik zou er liever in investeren. Ook onze rol binnen de internationale federatie van katholieke universiteiten (IFCU) en de universitaire ontwikkelingssamenwerking mogen versterkt worden, vind ik.”

“Het idee van de katholieke dialoogschool die theologen Didier Pollefeyt en Lieven Boeve ontwikkelden, kunnen we als houding ook integreren in de universiteit. Het is niet omdat de universiteit op haar katholieke traditie steunt, dat we dat ook van anderen vragen. We vertonen vanuit onze identiteit een constructieve openheid voor andere religies en levensbeschouwingen.”

Kandidaten voor het Vormsel in 2019

Week 2018-19 - 004Week 2018-19 - 005Week 2018-19 - 007Week 2018-19 - 008

Op zondag 22 april 2018 was er in Korbeek-Dijle de viering van het engagement van de Korbeekse jongeren die volgend jaar het vormsel ontvangen. Bij het openingsgebed bad voorganger Gard:

Heer Jezus, Gij hebt uw leerlingen geroepen bij hun naam. Ook ons roept Gij met onze naam om U te volgen. Wij zijn vol goede wil. Wees voor ons een wegwijzer in de grote doolhof van de wereld. Geef ons sterkte en moed. Amen.

Wijsheid en geloof van Godfried Danneels: God, een vader en een moeder

Gods vaderschap is zo rijk dat hij twee beelden nodig heeft om het uit te drukken: vaderschap en moederschap. Dat wijst erop hoe rijk zijn liefde is en hoe arm onze middelen zijn om dit unieke vaderschap te verwoorden. Hij is tegelijk vader en moeder. Hij is wet én genade, gebod én medelijden, recht én barmhartigheid. Ons vader- en ons moederschap zijn slechts een afspiegeling van de Vader. Ze zijn als de maan die het licht van de zon opvangt en in verzwakte vorm weerkaatst. De bron van het licht is de zon, het Woord van God. De ware natuur van de Vader wordt alleen maar volledig geopenbaard in de Zoon. God heeft ons zozeer lief dat hij niet ophoudt dichter bij ons te komen, want liefde verdraagt geen afstand. Als Schepper was hij betrekkelijk ver. Als Bevrijder, Wetgever en Trooster krijgt zijn vader- en moederliefde steeds duidelijkere accenten van nabijheid. Maar wanneer God mens wordt, wordt hij zichtbaar en tastbaar. Op het kruis komt hij nog dichter bij ons, want daar vereenzelvigt hij zich met de beproefde mensheid en ondergaat hij uit liefde het lijden en de dood. Ten slotte kan God niet dichter bij ons komen dan door zijn Geest te zenden. Door in ons te wonen verbindt hij zich met ons eigen innerlijk. Hij verblijft in het hart van ieder afzonderlijk en van alle mensen. De liefde van de Vader is heel universeel en tegelijkertijd heel persoonlijk. Is het drama van veel mensen niet dat zij leven zonder een verwijzing naar een God-Vader, omdat zij niet weten dat ze er een hebben?

Uit het boek: Een jaar met kardinaal Godfried Danneels (uitgegeven in 2009)

woensdag 2 mei 2018

Wijsheid en geloof van Godfried Danneels: Laat je dragen

Goed vergeven vraagt veel liefde. ‘God alleen kan zonden vergeven.’ Hij alleen weet hoe hij ons weer kan oprichten. We kunnen alleen maar de vergeving die we van hem hebben ontvangen doorgeven. Voor vergeving zijn er net als voor een pianostuk twee handen nodig: een hand van God en een hand van de mens. De ene speelt de melodie, de andere de begeleiding. De melodie is het belangrijkst. De mens moet, net als een vogel bij het vliegen, zijn vleugels uitslaan en zich laten dragen. We moeten ons laten dragen en laten meeslepen door zijn liefde. Zoals iemand geen vader kan zijn zonder zijn eigen vader te aanvaarden, zo kunnen we ook niemand vergeven als we niet aanvaarden zelf vergeving te hebben gekregen. Gods barmhartigheid klopt op de deur van ons hart. Ze klopt hard, maar dwingt niemand.

Uit het boek: Een jaar met kardinaal Godfried Danneels (uitgegeven in 2009)

zondag 29 april 2018

Agenda bijgewerkt

Bekijk onze bijgewerkte agenda op de agenda-pagina.

woensdag 25 april 2018

Weggeefkast KVLV

Week 2018-17 - Weggeefkast KVLV 20180001

Wijsheid en geloof van Godfried Danneels: Een uur van mijn leven

Menslievendheid is gegrond in het feit dat de arme een mens is zoals wij. Liefde is gegrond in het geloof in de aanwezigheid van Christus in de arme. De oude Adam erkent in de ander ‘been van mijn gebeente, vlees van mijn vlees’. De nieuwe Adam kent het mysterie van de arme: ‘Ik was hongerig, ziek, gevangen… Alles wat je hebt gedaan (of niet), dat heb je voor mij gedaan’ (cf Mt 25). Een kerk worden voor armen is in de eerste plaats luisteren. Tijd geven aan iemand is veel lastiger dan hem geld geven. Het is een groter bewijs van zelfonthechting. 20 euro geven is me onthechten van iets wat uit mijn portemonnee komt. Een uur van mijn leven geven, is iets schenken van mijn ‘duur’, van mijn wezen zelf. Er zouden in onze kerk evenveel luisterpalen moeten staan als er praatpalen langs de autowegen staan. Er is geen betere manier om lief te hebben en weg te kijken van je eigen zelf dan naar een ander te luisteren. Al luisterend ben je niet bij machte te domineren.

Uit het boek: Een jaar met kardinaal Godfried Danneels (uitgegeven in 2009)

woensdag 18 april 2018

Gelezen in TERTIO van 4 april 2018: Onversneden evangelisch

Uit een Standpunt van Sylvie Walraevens

De maatschappelijke en politieke draagkracht van het christendom is verwaterd. We hebben van het christendom een softe boodschap gemaakt en dat is nefast voor zijn aantrekkelijkheid. Jezus was geen brave ziel, maar een schenenschopper, een rebel, een luis in de pels. Hij voerde het debat met uitdagende woorden en daden. Hij had lak aan formaliteit en schijnheiligheid. Jezus was radicaal maar nooit extremistisch: vanuit zijn scherpe boodschap trad hij steeds in dialoog.

Kunnen we politiek iets aanvangen met die boodschap? Het christendom heeft op de meeste maatschappelijke thema’s een klare kijk: ecologie, vrede en oorlog, migratie en samenleven, dood en leven, zorg en onderwijs. Met zijn uitgesproken mens- en wereldbeeld en een sterk ethisch appel is het christendom – en bij uitbreiding elke religie – per definitie politiek: het heeft een visie voor de polis, het samenleven in gemeenschap.

Maar hoe zit het met de christendemocratie? Kan en moet zij nog refereren aan het christelijke gedachtegoed? Zeker, en wel op deze manier: niet als “katholieke” partij die kerk en politiek verbindt, maar als vertolker van de uiterst actuele evangelische stem. De christendemocraten verwijzen naar het christendom als hun traditie, maar hun bekentenis mag best wat meer om het lijf hebben dan een obligaat respect voor de oude roots. Laat hen met trots verwijzen naar het actuele en rebelse karakter van de christelijke kijk en met overtuiging een tegenverhaal brengen voor verdraagzaamheid en diversiteit, tegen ongebreidelde consumptie. Moeten ze daarom aan hun vier G’s (Geborgenheid, Gezin, Gezondheid en Geld) – de CD&V-thema’s voor de gemeenteraadsverkiezingen – de G van Geloof toevoegen? Neen, geloof is op zich geen inzet van verkiezingen. Het christendom moet niet als programmapunt gepropageerd worden. Maar het zou wel van branie getuigen de christelijke visie expliciet het bindmiddel van het christendemocratische beleid te noemen. Christelijk in onversneden evangelische zin dan.

Paasviering 2018 in Korbeek-Dijle

Week 2018-16 - 002Week 2018-16 - 003Week 2018-16 - 007Week 2018-16 - 010

Het koor begon de eucharistieviering, voorgegaan door pater Daniel Taillieu, met het mooie intredelied:

Kondig het aan, de Heer is verrezen, zeg aan de wereld dat Jezus leeft.

Dit is de weg die Hij heeft gewezen, dit is de waarheid die Hij geeft.

Dit is het leven voor alle eeuwen! Alleluja! Christus leeft.

Vóór de mis (misschien wat te vroeg voor vele kleintjes?) was er naar goede traditie eierenraap en na de mis paasontbijt aangeboden door de Parochie, de Landelijke Gilde en Kinderonthaal.

Wijsheid en geloof van Godfried Danneels: De mythe van de onschuld

Een van de grote pathologieën van niet-gelovigen is de mythe van de onschuld. Dat is niet de visie van de bijbel. De gelovige zegt dat de mens goed is, maar daarbij ook gekwetst, gekneusd door de zondeval. Een mensbeeld waaruit de idee van schuld en vergeving verdwenen is, is niet meer christelijk. We mogen zonde en schuld niet teveel benadrukken, maar nu heerst vaak de waan dat wij bijna volmaakt zijn, en dat wat misgaat ‘zeker niet onze schuld is’. Uit zogenaamd respect niets zeggen over falen en allerlei technieken gebruiken die eigenlijk niet verlossen, brengt de mensheid niets bij. Begrip tonen en mild zijn is niet hetzelfde als je excuseren. Je mag mensen niet op hun fouten fixeren, maar je moet ze wel bewust maken van hun fouten en de weg van de vergeving aanwijzen. Dat brengt vreugde en gezond verstand in je menszijn.

Uit het boek: Een jaar met kardinaal Godfried Danneels (uitgegeven in 2009)

woensdag 11 april 2018

Charles neemt videoboodschap op voor vervolgde christenen

Uit de Nieuwsbrief van 30 maart van BLAUW BLOED, royaltyprogramma van de Nederlandse Publieke Omroep, met aandacht voor vorstenhuizen van Europa, de Oranjes, de staatsbezoeken, bijzondere koninklijke sieraden, royaltymode en het laatste koninklijke nieuws.

Prins Charles heeft een videoboodschap opgenomen waarin hij de moed van vervolgde christenen eert: “Ik wil met Pasen de standvastigheid eren van hen die vanwege hun geloof worden vervolgd omdat zij trouw blijven aan de ware essentie van hun religie.”

“Met Pasen, als wij terugdenken aan het lijden van Jezus Christus 2000 jaar geleden, denken wij aan de christenen die moeten lijden vanwege hun geloof op vele plekken wereldwijd. Ik wil hen laten weten dat zij zeker niet worden vergeten en dat wij voor hen bidden”, aldus de Britse prins.

Ontmoeting met kerkelijke leiders

De boodschap die op Goede Vrijdag werd verspreid, komt voort uit een ontmoeting die prins Charles heeft gehad met kerkelijke leiders uit het Midden-Oosten, onder wie de paus van de Koptische kerk. Charles spreekt over de gelovigen die de kracht hebben om te bidden voor hun vervolgers en “net als Jezus de vijand vergeven”. Het liefhebben van onze naasten is iets waar we met Pasen, volgens prins Charles, in het bijzonder bij stil kunnen staan.

Gelijkenissen tussen Christendom, Jodendom en Islam

Prins Charles spreekt ook over de gelijkenissen tussen het Christendom, het Jodendom en de Islam. “Eeuwenlang leefden de nakomelingen van Abraham naast elkaar als buren en vrienden.” Ook benoemt hij de unieke rol die Maria speelt in zowel de Bijbel als de Koran.

Chiro KaDee fiere prijswinnaar

Week 2018-15 - 002

In Kerk & leven van 28 maart laatstleden kwam op de foto’s de prijswinnende foto niet goed tot zijn recht. Hierbij een grotere versie met Lander, de hoofdredacteur van Kerk & leven en de afgevaardigde van Canon.

Gelezen in TERTIO van 28 maart 2018

Quote: “Arnaud sprak graag over zijn bekering.”

Volgens pater en geestelijk begeleider Jean-Baptiste uit de abdij van Lagrasse kan de heroïsche daad van luitenant-kolonel Arnaud Beltrame tijdens de aanslag in Trèbes alleen maar verklaard worden vanuit zijn christelijke geloof (La Croix, 25/3).

Wijsheid en geloof van Godfried Danneels: De macht van de dood

In ieders leven is het wel eens Goede Vrijdag. Niemand blijft ervan gespaard: onze ouders sterven, een kind, een vriend… En we rouwen, zoals de vrouwen. De eerste troost bieden de dagelijkse bezigheden. Er komt zoveel kijken bij een begrafenis! We denken dat we de steen niet kunnen wegrollen: de steen van de dood is veel te zwaar. We hebben alleen ons geloof: dat brengt ons in een andere wereld, de wereld van God. Hij rolt de steen weg en zegt als we bij een graf komen: ‘Hier is leven, geen dood.’ Ook nu zit er in al de graven van onze geliefden een man in het wit. Niet meer de engel, maar de kerk en haar priester. Ze zeggen: ‘Zoek je je dode? Hij is niet hier, hij leeft!’ Zo machtig is God, dat hij zijn Zoon heeft opgewekt uit de dood. En ook ons en onze geliefden zal God onze Vader doen verrijzen. Wat Jezus overkomen is, overkomt ook onze doden. De dood heeft niet het laatste woord! Maar is dat niet moeilijk te geloven zul je misschien zeggen. Ja, de vrouwen liepen ook weg, ze waren ontdaan. Ze hadden tijd nodig en ook de steun van de apostelen om te geloven. De boodschap van de verrijzenis heeft tijd nodig om in ons door te dringen. Want de steen van de dood is zwaar… Ook wij hebben in ons leven tijd nodig om tot geloof te komen in de prediking van de kerk. Daarom doe ik het steeds opnieuw. Het is in onze tijd té stil rond het verrijzenisgeloof geworden. En toch is het zo: we zijn door het doopsel met Christus aaneengegroeid tot één enkele plant. Kijk naar Christus, naar wat er met hem is gebeurd: hij leeft! En kijk naar je eigen leven en dat van je geliefden: ook wij zullen eens leven bij God! Dan pas zal het voor ons helemaal Pasen zijn.

Uit het boek: Een jaar met kardinaal Godfried Danneels (uitgegeven in 2009)

woensdag 4 april 2018

Gelezen in TERTIO van 21 maart 2018

Week 2018-14 - Tertio Paasdoop 20180001

Wijsheid en geloof van Godfried Danneels: De zachte kracht van liefde

Het kwaad kon slechts overwonnen worden door een mens die lijdt uit liefde: de lijdende Dienaar. De enige die voor altijd kan genezen, die kan afdalen tot in de diepte van het hart, is Jezus in zijn doodsstrijd voor de mensheid. Dit stille lijden, ogenschijnlijk weinig doeltreffend, is geen toegeving aan het geweld. Het is eigenlijk het grootste ‘geweld’, namelijk dat van de liefde. Je kunt het mysterie van het kwaad niet doeltreffend bestrijden behalve met het mysterie van liefde voor God en voor de mensen. En omdat het kwaad gewelddadig is, kan deze liefde niet anders zijn dan lijden en kruis. Alle andere oplossingen hebben wel waarde, maar ze zijn slechts voorlopig. Het laatste woord ligt elders. De helse cirkel van het kwaad en het geweld kan alleen maar doorbroken worden door een rechtvaardige die sterft zonder bitterheid, met een gebaar van vergeving voor hen die hem doden. Dit alles is alleen maar mogelijk omdat hij zich vol vertrouwen overgeeft in de handen van de Vader… Het mysterie van het kwaad schuilt in ons. Maar wees niet bang: er is vooral het mysterie van Jezus, overwinnaar van het kwaad. Door het doopsel en de heilige Geest hebben wij deel aan de zachte kracht van de liefde die zo eigen is aan de lijdende Dienaar. God roept ons om met hem en in hem dienaars te worden, lijdend voor de wereld. Hij vraagt het aan ieder van ons.

Uit het boek: Een jaar met kardinaal Godfried Danneels (uitgegeven in 2009)

maandag 2 april 2018

Bedevaart naar Scherpenheuvel 2018

clip_image002

Bedevaart naar Scherpenheuvel

Zoals elk jaar gaat OKRA Korbeek-Dijle ook dit jaar

op bedevaart naar Scherpenheuvel

op maandag 7 mei 2018.

Daarbij is iedereen uitgenodigd,

zowel leden als niet-leden.

Hoe ziet het programma er uit?

Om 12.30 u vertrekken we per auto

aan de kerk van Korbeek-Dijle.

Om 13.30 wonen we de Eucharistie bij in de Mariahal.

Daarna is er vrije tijd.

Om 16.30 u vertrekken we weer huiswaarts.

clip_image004

Deelname is gratis, een fooi voor de chauffeur mag.

Geef wel vóór 1 mei een seintje aan:

Maria Vancampenhout

Tel. 016 47 70 09 of

m.van.campenhout@telenet.be

woensdag 28 maart 2018

Chiro KaDee fiere prijswinnaar

Elke zomer schrijft Kerk & leven een fotowedstrijd uit, in samenwerking met Canon, voor de jeugdgroepen die op kamp gaan: wie de beste kampfoto bezorgt aan Kerk & leven wint een digitaal fototoestel van Canon.

In 2017 was het Chiro KaDee van Korbeek-Dijle die de prijs wegkaapte: met een foto waarop leider Lander Bonkowski in een ijskoud regenwaterbekken sprong en zijn gelaatsuitdrukking boekdelen spreekt. Het verhaal achter de foto was een spel waarbij de eerste die durfde in het bekken springen de winnaar zou zijn van het spel. Terwijl Lander zich ging omkleden om de sprong te wagen was er al iemand anders ingesprongen. Lander kon dus niet meer winnen. Maar men vertelde het hem niet opdat hij zich niet zou bedenken. En dus, Lander sprong! En de fotograaf stond klaar.

Op zondag 11 maart 2018 kwam hoofdredacteur Luk Vanmaercke van Kerk & leven en een vertegenwoordiger van Canon het gewonnen fotoapparaat overhandigen aan Chiro KaDee.
De man van Canon had ook nog twee kaders met een vergrote foto van Lander meegebracht: één om op te hangen in het chirolokaal en één voor Lander.
Ikzelf, als redacteur van Kerk & leven voor Korbeek-Dijle, werd bedacht met twee flessen wijn (voor op één van de volgende vergaderingen van de parochie!).

Proficiat Chiro KaDee, en hartelijk dank aan Canon en Kerk & leven!

Gelezen in TERTIO van 14 maart 2018

1 . Nabij blijven

Uit een Standpunt van Emmanuel Van Lierde

Palliatieve zorg is het antwoord van gelovigen op euthanasie. Dat bleek opnieuw tijdens een zopas door de Pauselijke Academie voor het Leven gehouden congres in Rome. Dokters, verplegers, ethici, theologen en aalmoezeniers uit alle continenten én uit alle wereldgodsdiensten – waar anders trouwens dan in het Vaticaan komt zo’n bont gezelschap bij elkaar? – getuigden er over het omringen van terminale patiënten. Ze wezen op het verschil tussen iemand “helpen sterven” en iemand “helpen aanvaarden dat hij of zij stervende is”. Al zetten de religies de heiligheid van het leven voorop en vinden ze niet dat de mens het recht heeft het leven van een ander of van zichzelf te beëindigen, toch ijveren ze voor de kwaliteit van het leven, verzetten ze zich tegen therapeutische hardnekkigheid, wensen ze de pijn te verzachten en staan ze in voor emotionele, existentiële en spirituele steun.

Staatssecretaris Pietro Parolin had een sterke boodschap voor de deelnemers: “Palliatieve zorg helpt de geneeskunde haar wezenlijke roeping te herontdekken, die er allereerst in bestaat zorg te dragen voor de patiënt. Het is altijd de taak van de dokter zorg te verstrekken, zelfs wanneer het niet meer mogelijk is te genezen”. De kardinaal vervolgde dat “als alle mogelijkheden om iets te ‘doen’ uitgeput zijn het meest belangrijke van menselijke relaties naar boven komt: het ‘zijn’, aanwezig zijn, nabij zijn, aanvaard zijn”. Palliatieve zorg leert dat grenzen niet alleen overwonnen en verlegd, maar soms ook erkend en aanvaard moeten worden. “En dat betekent zieken niet in de steek laten, maar hen nabij blijven en begeleiden”, stelde Parolin.

Rode draad tijdens het congres was sowieso dat palliatieve zorg relationele en barmhartige zorg is waarbij de ander nooit tot last is en de patiënt meer is dan zijn lichaam of ziekte.

“Er is maar één persoon nodig om eenzaamheid te doorbreken”, zei Bart Vanderhaegen, hoofdaalmoezenier van het UZ Gent, in de marge van het congres. De warme nabijheid van één iemand aan het ziekbed kan voldoende zijn om angsten en doodswensen weg te nemen. “Er bestaan vrijwilligers voor eenzame uitvaarten, maar misschien moeten we ook vrijwilligers zoeken die mensen gezelschap willen houden als ze sterven”, merkte topdokter Elisabeth De Waele vorige week in Knack op. Een grote opgave, zeker, maar volgehouden nabijheid aan het sterfbed toont dat liefde sterker is dan de dood.

2 . Kerk is belangrijke speler in sportgeschiedenis

Uit een artikel van Joris Delporte

“Typisch katholieke disciplines bestaan misschien niet, maar de kerk is beslist een belangrijke speler in onze vaderlandse sportgeschiedenis”, stelt (kerk)historicus Dries Vanysacker (KU Leuven). Tijdens de Nacht van de Geschiedenis (Davidsfonds) volgende dinsdag houdt hij een lezing over het “relatieveld” van sport en religie.

De Ronde van Vlaanderen is tegelijk de hoogmis voor wielerliefhebbers en een ware lijdensweg voor deelnemers. Echte kampioenen verrijzen na een inzinking. Supporters bidden voor mirakels en tegenover dopingzondaars tonen we ons doorgaans vol van genade. De beeldspraak liegt er niet om, wielrennen en andere volkssporten associëren velen met religie, meer bepaald het katholicisme.

“Die associatie kwam tot stand in een specifieke historische periode, vanaf het eind van WOII tot de jaren 1960. Dagbladen van katholieke signatuur, waaronder Het Volk en Sportwereld (gaandeweg geïntegreerd in Het Nieuwsblad, nvdr), interesseerden zich toen sterk voor ‘de koers’ en verbonden hun naam aan wielerwedstrijden”, vertelt Dries Vanysacker. “Het bekendste gelovige wielericoon was de Italiaanse kampioen Gino Bartali (1914-2000, nvdr) ofwel ‘de monnik’. Een bijnaam die hij dankte aan zijn lidmaatschap van de ongeschoeide karmelieten in het kader van hun derde orde. Paus Pius XII was alvast onder de indruk, want hij verhief Bartali tot een model van de Katholieke Actie.”

”Aanvankelijk wantrouwden kerkleiders zelfs de wielersport, omdat renners door wedstrijden aan hun zondagsplicht verzaakten. Daarnaast had een peloton veel ‘brute’ jongeren in zijn rangen. Eigenlijk was het wachten op Norbertijn Antoon Van Clé (1891-1955, nvdr) vooraleer een prominente katholiek besefte hoe in de marge van competities zeker kansen lagen voor apostolaat. Die ‘sportpater’ onderhield bijvoorbeeld contacten met wielermonument Albéric – ‘IJzeren Briek’ – Schotte (1919-2004, nvdr), een diepgelovige dwangarbeider van de weg, zoals Eddy Merckx na hem.”

Verzuiling

“Ook in de geschiedenis van het Belgische voetbal speelden katholieken een prominente rol, aangezien het voetbalvirus zich onder meer verspreidde via hun scholen. Lang voor het edele balspel geprofessionaliseerd werd, groeide uit het Luikse jezuïetencollege Saint-Servais de latere topclub Royal Standard de Liège. Huidig tweedeklasser-promovendus Cercle Brugge ontstond bij de lokale broeders xaverianen, waarbij oprichters vooral de liberalen van Club Brugges toenmalige voorloper wensten te counteren”, getuigt Vanysacker. “Naar het beeld van beide West-Vlaamse traditieclubs was onze voetbalwereld sterk ‘verzuild’. Een nog duidelijkere illustratie daarvan leverden twee Mechelse rivalen. Liberaal politicus Oscar Vankesbeeck (1886-1943, nvdr) was de sterke man van Racing Mechelen, terwijl kanunnik Francis Dessain KV Mechelen – ‘Malinwa’ – leidde. Wat bij die laatste bezwaarlijk een protocollaire functie bleek; Dessain – later trouwens nog bondsvoorzitter – betrad graag het veld.”

Heilige Geest in gezond lichaam

“Volgens een deel van onze publieke opinie verwaarloosde de kerk altijd de sportbeoefening. Dat is een zwarte legende. Wie kon de jongste eeuw voorbij aan enkele sportieve pausen, onder wie alpinist Pius XI en voetballer Joannes Paulus II?”

“De positieve houding tegenover lichaamscultuur spreekt in een recenter verleden uit de acties en publicaties van twee Curieorganen. Naast een in 2004 opgerichte sportafdeling binnen het Dicasterie voor Leken, Gezin en Leven, heeft paus Franciscus in 2013 de Pauselijke Raad voor de Cultuur uitgebreid met een sportdienst. Samen buigen die instanties zich over de behoefte aan specifieke pastorale zorg. Ook ethiek staat daar hoog op de agenda, want voor Rome dient competitiesport bovenal humaan te blijven. Doping is uit den boze en tegenstanders verdienen altijd respect; verliezers zijn nooit losers. Het katholicisme geeft dan ook zijn specifieke invulling aan het Latijnse adagium mens sana in corpore sano (een gezonde geest in een gezond lichaam). Op basis van Paulus’ 1 Korintiërs is het gezonde sportieve lichaam een tempel waarin de heilige Geest huist.”

Wijsheid en geloof van Godfried Danneels: Een verwend of verwonderd kind?

De eerste teelaarde waarin het christendom of het geloof gezaaid kan worden is de verwondering. Het kenmerkt onze tijd dat mensen alles normaal vinden, evident, dat zij menen ‘recht’ te hebben op zoveel dingen. De mens evolueert naar een type dat zich niet meer verwondert, levend in een wereld van vanzelfsprekendheden, zich niet bewust van het feit dat hij iets gekregen heeft. Hier schuilt het gevaar een ‘vlakke mens’ te worden, die het als normaal beschouwt dat hij leeft, ademt, gezond is, kan spreken, dat de zon opgaat, dat hij voedsel heeft… Zo sterft in deze wereld alle gevoel voor het geheim, voor verwondering, voor geven en ontvangen, voor onverdiend krijgen. Daarom worden zoveel mensen agressief, bitsig, humeurig, zo fundamenteel depressief. De mens gedraagt zich onbewust als een verwend kind. Het idee van ‘geschenk’, van het overstijgen van onze krachten, van intreden in een breder en dieper geheel, kan wegstromen uit onze cultuur tot een vlakke, platte vanzelfsprekendheid. Een mens die zich nooit meer verwondert, is in zijn menselijkheid gefnuikt en defect. Hij is geen mens meer. Uit zo’n cultuur verdwijnt ook de dankbaarheid. Ik denk dat we er alles aan moeten doen om in de wijze waarop we de natuur, de dingen en de mensen voorstellen, het geheim dat ze bevatten, het door God gegeven karakter, te doen uitkomen.

Uit het boek: Een jaar met kardinaal Godfried Danneels (uitgegeven in 2009)

woensdag 21 maart 2018

Reisverslag Gard Sri-Lanka

Goede morgen vanuit Sri Lanka.

Als je niet zou weten waar dat is, en je atlas nog zoek is: dit is het eiland dat als een grote diamant, of als een traan, naast Zuid-India uit de oceaan opduikt. Beide vergelijkingen zijn realiteit: het land puilt uit van de edelstenen en is redelijk welvarend, maar het heeft ook een pijnlijk dramatische geschiedenis achter de rug.

De oudste bewoners, de Vedda, zijn bijna helemaal verdwenen. Ongeveer zeshonderd jaar voor Christus arriveerden een grote groep Singalezen uit Noord-India. Zijn konden over een droge landstrook stappen die toen nog het eiland verbond met India. Die landbrug is ondertussen onder water gelopen en die Singalezen hebben heel het eiland ingenomen.

Driehonderd jaar later hebben ze zich bekeerd van het Hindoeisme naar het Boeddhisme. Volgens het verhaal was dat onder invloed van prins Mahindra, de zoon van keizer Ashoke van India. Tegelijk werd de stad Anuradhapura het machtigste koninkrijk van het eiland en bleef de hoofdstad voor duizend vijfhonderd jaar.

Maar geleidelijk en eeuwenlang kwamen er ook vele, vele Tamil uit Zuid-India. Zij vestigden zich in het noorden van het eiland en bleven vrome Hindoes. Nu maken ze ongeveer twintig procent uit van de bevolking. Terloops: Sri Lanka is ongeveer tweemaal zo groot als België en heeft ongeveer tweemaal zo veel inwoners.

Er is altijd wel wat inwendige strijd geweest en de hoofdstad heeft zich vaak verplaatst: van Anuradhapura over Polonaruwa, Kandy en de koloniale hoofdsteden naar Kotte sinds de onafhankelijkheid.

Bij het begin van de zestiende eeuw kwamen de Portugezen er aan. Zij bouwden enkele handelsposten langs de kusten omwille van de kaneel. Die groeide hier in overvloed en kon heel duur verkocht worden in Europa. Daar was immers weinig zout of kruiden en dit bracht smaak in het eten! De Portugezen, vurige katholieken, bekeerden heel wat inlanders zodat je nu overal kerken vindt. Zeven procent is nu katholiek. Toen de paus hier vier jaar geleden op bedevaart kwam, had hij tweemaal een half miljoen aanwezigen bij de misvieringen. Het moet gezegd: de geloofsbelijdenissen lopen hier wel wat door mekaar: boeddhisten lopen binnen in de hindoetempels, katholieken bezoeken boeddhistische heiligdommen of hindoes wonen katholieke erediensten bij. Alleen de Moslims houden zich strikt afgezonderd.

Na de Portugezen, kwamen de Nederlanders van de Verenigde Oost-Indie Coompanie (VOC) Zij namen de hele kuststreek in rondom het eiland. Zij waren vurige Calvinisten en zij vervolgden een tijdje de katholieken. Zij bouwden ook enkele forten op de kust, niet om zich te verdedigen tegen de inlanders waarmee ze zaken deden maar om hun andere handelsroutes over zee te verdedigen.

Bij het einde van de achttiende eeuw werden ze verdreven door de Engelsen. Die probeerden ook het binnenland te veroveren. Dat is hun uiteindelijk gelukt na veel strijd en opofferingen, want het Kandy-rijk verschool zich in de bergen, in een tropisch oerwoud. De Britten onteigenden gronden en startten met koffieplantages. Een plantenziekte stelde er een einde aan. Toen probeerden zij met thee, en zie, dat lukte wonderwel. Nog steeds is Ceylonthee (Ceylon is de koloniale naam voor dit eiland) geroemd als een van de beste thee’s. Maar de Singalezen wilden geen slavenwerk doen op de Britse plantages. Daarom brachten de Engelsen Tamil-vrouwkracht als pluksters uit Zuid-India naar de velden in de centrale bergen. De twee groepen Tamil in het land hebben geen verband met elkaar.

De kolonisten bevorderden echter de noordelijke Tamil met beter onderwijs, betere postjes, voordeliger handelsrelaties enzovoort. Als het land in 1948 onafhankelijk wordt, weegt de getalsterkte van de Singalezen (80 % van de bevolking) demokratisch door. Plots zijn de postjes, enzovoort van de Tamil weg en er groeit onrust, meestal vreedzaam. Eén enkele organisatie, de Tamil-tijgers, kiest voor sluipend geweld. Deze situatie doet me sterk denken aan de problemen in Rwanda met Hutu en Tutsi, die tot de genocide geleid heeft.

De regering van overtuigde boeddhistische Singalezen stuurt politie naar het noordelijk gebied en op een nacht worden twaalf van hen in hun slaap afgemaakt. Er volgen drie dagen van wraak, brandstichting en lynchpartijenn in heel het land. De politie en de regering laten betijen.

Dan volgen er jaren van burgeroorlog, blokkades, economische wurging en zo meer. Tot na de aanslagen in New York (nine-eleven) de bankrekeningen van de Tamil Tijgers in het buitenland geblokkeerd werden. In de hardste maffia-stijl persten ze de Tamils af die het geweld ontvlucht waren. Na 2001 hadden de rebellen plots veel minder inkomsten en verzwakte hun slagkracht.

De eindstrijd kwam in 2009 toen de twee legers naar mekaar toe marcheerden met tussen hen in tienduizend ongewapende, weerloze burgers. Vele duizende doden vielen en nog veel meer gekwetsten, naast de militaire slachtoffers. Want vele strijders waren gedwongen tot vechten, eerder dan overtuigden.

Een zucht van opluchting, een kreet van blijdschap ging door het hele land, niet om de overwinning of de nederlaag, maar om het einde van het geweld. En het moet gezegd: de centrale regering doet sindsdien sterk haar best met de wederopbouw. Ik ben nu in het oorlogsgebied van tien jaar geleden en er is niet echt veel oorlogsschade meer te zien. De wegen worden verbeterd, een nieuwe treinverbinding aangelegd, er is electricteit en drinkwater, de elektronische communicatie is vrijwel perfect.

Inderdaad, Ceylon, Sri Lanka, een dikke traan en een grote diamant.

Ik merk dat ik nog niets gezegd heb over mijn persoonlijke ervaringen maar dat laat ik voor een volgende keer. Hierbij zet ik de foto’s van een Boeddhistische stoepa, een Hindoe gopuram en een katholieke kathedraal.

------------------------------------------------

Langs de oceaan naar de bergen.

Reeds twee weken reis ik door Sri Lanka, meestal in een druk programma zen samengeperst tijdsschema.

Het eerste bezoek van de reis duurde slechts een halve dag. Enkele uren om door 1400 jaar geschiedenis te stappen van de eerste hoofdstad Anuradapura. Van de politieke inrichting blijft niet veel meer over, behalve de eerste “Tempel van de Tand”. Die tand erkent men als eentje uit het gebit van de Verlichte, de Boeddha, de grondlegger van het geloof van drie kwart van de Lankanen. Eeuwenlang heerste het gebruik dat wie de tand in bezit had, meteen koning was van het rijk. Die tempel stond in Anuradapura vrij ver weg van het paleis van de koning en kon een uitdager dus vrij gemakkelijk veroveren. De heersers in de latere tijd werden wijzer, en bouwden de tempel steeds dichter bij hun paleis. De huidige, de vijfde Tempel van de Tand stond midden in het paleis van de laatste koning in Kandy. De Britten complotteerden met verraders, namen zijne majesteit gevangen tijdens een staatsgreep van het leger en zetten hem af. Hij stierf in ballingschap. Maar dat is latere geschiedenis.

De religieuze monumenten van de oudste koningsstad waren in de loop der jaren verwaarloosd en werden pas in de laatste eeuw min of meer gerestaureerd. De grote stupa werd bijvoorbeeld herbouwd tot slechts 43 m hoog, dat is maar een derde van het oorspronkelijke gebouw. Dat monument was volledig gevuld met miljoenen bakstenen! Wat verder staat een oude bodi-boom (ficus religiosa), waarvan gezegd wordt dat het een originele zijscheut is van de boom waaronder Sidharta Gautama tot verliching kwam en Boeddha werd. Die scheut is als geschenk aan de koning naar hier gebracht en wordt nog met heel veel eerbied en zorg behandeld. Zijn wijde takken worden gesteund door gouden stutten. Bedevaarders knopen offergeld in witte doekjes en hangen die aan de afsluiting in gebed voor een vurige wens, zoals kinderen, een goede job, een gezond leven.

Belangrijker om te bezoeken is de ontmoetingsplaats van de Indiase prins Mahinda met de toenmalige koning, een wildeman. Mahinda bekeerde de koning tot het vredelievend boeddhisme. De rest van zijn land volgde. Ik schreef het al eerder: bijna alle Singalezen (het volk van de leeuwen) zijn overtuigde, vrome boeddhisten.

Daarna kwam ik in het meest noordelijke puntje van het eiland, de streek van de Tamils, het volk van de tijgers. Zij kwamen uit het meest zuidelijke deel van India en zijn merendeel Hindoe.

Zowel in Jafna al in Trincomalee verstoorde een taifoen mijn plannen: snorkelen en een safari naar de dolfijnen in zee zijn afgelast vanwege de storm. Niet getreurd, want er waren andere dingen te beleven. Op het Nagadeepa-eiland staat een prachtige gopuram. Dat kan je best vergelijken met een kerktoren bij ons: lang voor je een hindoe-tempel ziet, wenkt dit gebouw. Langs vier zijden loopt het geleidelijk spits uit in vele, vele verdiepingen. Ook hier is hij versierd met godenbeelden in de zachtste pasteltinten.

In Jafna zelf heb ik een dagelijkse avondceremonie bijgewoond als de god Vishnoe op zijn rijdier (een zilveren mythische vogel, de garuda) rondgedragen wordt doorheen zijn heiligdom vooraleer hij zich te ruste begeeft met zijn vrouw Laksmi. Alle mannen, ook vreemde toeschouwers, moeten er uit eerbied in bloot bovenlijf lopen. Luid tromgeroffel en het huilen van de kinkhoorn begeleidt die processie. Vele gelovigen vleien zich neer op de grond of kussen de plaats waar de dragers hebben gestapt. Foto’s helaas verboden.

Door de vele regen in Trinco, nam ik tweemaal het avondmaal in een klein restaurantje rechtover het hotel.

- Hoe heet je?

- John.

- Dat is een westerse, een christelijke naam. Ben je christen?

- Ik ben katholiek.

- Ben je van hier?

- Neen, ik kom uit Kandy, maar mijn vrouw is van hier.

- Heb je kinderen?

- Neen, nog niet. We zijn al vier jaar getrouwd.

- Wil je nu al kinderen?

- Ja, heel graag. Maar er komen er geen. Wil je voor mij bidden?

Ik heb het hem beloofd. Beide maaltijden, eentje met garnalen, eentje met vis, waren heerlijk en ik moest met hem op de foto. Als ik de laatste avond buiten stap, loopt hij me achterna en hij vraagt me opnieuw voor hem te bidden. Ik herhaal mijn belofte en raad hem aan in zijn vakantie rustig lang in bed te blijven en van seks te genieten zonder altijd aan kinderen te denken. Als hij binnenkort kinderen zou krijgen, dan blijft hij mij voorzeker eeuwig dankbaar. Voor mijn gebed of voor mijn raad.

Daarna zijn we met hele gezelschap naar Sigiriya gereden. Ik wou er graag de vijfhonderd jaar oude geschilderde nimfen op de rotsen nog eenmaal fotograferen, maar dat is nu verboden. Tegelijk viel de regen met bakken uit de hemel en de nimfen staan 1200 trappen hoog. Ik ben rustig droog in het restaurant gebleven.

’s Anderendaags zouden we de tweede hoofdstad van het land met de fiets bezoeken, maar de nacht voordien kreeg ik ernstige diarree. De volgende dag kwam er een lange busreis. Dus besloot ik een dokter te raadplegen. Want antibiotica zijn hier alleen op voorschrift te krijgen.

Dokters hebben hier geen privépraktijk, maar zijn deel van een polikliniek. Daarbij hoort ook een apotheek. Gelukkig sprak de arts vloeiend Engels, ondervroeg mij, luisterde naar mij, maar gaf dan de uitleg aan de reisleidster. Ik voelde me een beetje kinds. Maar de medicijjman was wel erg geïnteresseerd in de landen waar ik al gereisd had en in de reden waarom mijn Nederlandse begeleidster in Sri Lanka leefde. Toen hij plots mijn leeftijd hoorde, maakte hij zich ongerust en nam nog mijn bloeddruK. Volgens hem was die als van een jonge man. In de apotheek kreeg ik allerhande medicijnen (ook een fles water!) en een rekening van 18.00 € inbegrepen het doktershonorarium.

Dan naar Kandy de voorlaatste hoofdstad en met de huidige Tempel van de Tand. Driemaal daags wordt telkens gedurende een kwartier de buitenste relikwiekast getoond aan het publiek. De tand zit in zeven in elkaar geschoven kasten met zeven sleutels. Zes monniken en de president hebben elk één van de sleutels en moeten dus overleggen als ze de tand zelf willen tonen. Natuurlijk is het trekken, duwen, ellenbogenwerk van gelovigen, toeristen en curieuzeneuzen om bij die relikwie te komen als het deurtje geopend is. Dit was de derde keer dat ik er was en de eerste keer dat ik er in geslaagd ben het te zien EN te fotograferen. Hierbij zit een uiterst zeldzaam beeld van het gouden schrijn!

Ik heb niet verteld van de twee bezoeken aan de natuurparken, want in de komende week, verblijf ik in een derde. Van de twee die ik gezien heb was het eerste het meest indrukwekkende, met grote kuddes olifanten. Ook daarvan laat ik u mee genieten.

Ik wens je nog even het allerbeste. Ayuboya. Tot binnenkort.

------------------------------------------------

Koffie, thee en groenten

Het is mijn voorlaatste dag in Sri Lanka. Nog snel enkele verhaaltjes.

Om te beginnen enig pijnlijk nieuws. Toen ik twee dagen uit Kandy weg was, is er daar een jongetje doodgereden. Spijtig voorval, maar er volgde veel meer. De chauffeur en zijn hulpje waren moslims, het knaapje een singalees, dus hoogstwaarschijnlijk een boeddhist. De ergste nationalistische en/of religieuze fundamentalisten begonnen keet te schoppen. Een menigte is te hoop gelopen en hebben de twee moslims gelyncht. Enkele uren later al is de noodtoestand uitgeroepen en de avondklok ingesteld voor heel het Kandy-gebied. Dit incident toont hoe de verhoudingenin dit land nog steeds op scherp staan, negen jaar na het einde van de burgeroorlog.

In de nasleep zijn uitgaande berichten op Facebook, Twitter, WhatsApp en dergelijke geblokkeerd om uitbreiding van het conflict te voorkomen. Ik heb zonet e-mail geprobeerd en dat lijkt te werken. Zo niet krijg je dit bericht over een paar dagen. Om je gerust te stellen: Hier aan de zuidkust waar ik nu verblijf, is geen probleem.

Toen wij op de weg hierheen stopten voor een snack, kwam er een klas kinderen uit een Islamschool voorbij. Alle schooluniformen in dit land, van staatsscholen, scholen met religieuze inslag, privéscholen, enz. zijn wit. Kijk even heel nauwkeurig naar de foto: jongens en meisjes samen in de klas, de ene juf met, de andere zonder hoofddoek, naargelang ze het zelf willen. Ook die verdraagzaamheidi is deel van Sri Lanka.

Nu terug naar mijn belevenissen. Toen de Britten hier toekwamen in het begin van de negentiende eeuw en ook het binnenland innamen (De Portugezen en de Nederlanders hadden alleen de kust ingenomen met handelsposten) leden ze vreselijk onder de vochtigen hitte. Airconditioning bestond niet en ze waren ‘deftig’ gekleed. Ze leden onder malaria, moeraskoorst, knokkelkoorts en heimwee. Hun ontspanning was whisky, liefst met ijsblolkjes ‘on the rocks’. Het was dus telkens een feest als een schip toekwam met een ijsvoorraad.

Om even te ontsnappen uit die hitte trokken ze de bergen in. Ons reisgezelschap deed dat ook. De kolonisten vonden een onbewoond gebied op 1800 meter hoogte met een eeuwig lenteweertje! Ze hebben bossen gerooid, villa’s gebowd, wegen aangelegd en er inlanders naar toe gebracht om voor hen te werken. Ze creëerden de stad Nuwara Eliya. Even later gingen de koffieplantages ten onder aan een dodelijke plantenziekte, maar net toen had James Taylor zich bekwaamd in het kweken en bereiden van de beste thee. De hoge bergen met een mild klimaat waren de ideale plaats voor deze cultuur en de Ceylon-thee raakte wereldberoemd en werd vooral in Engeland gesmaakt. (Ceylon is de naam die de Britten aan dit eiland gaven.) Dit bleek ook een beste plaats om groenten te kweken op kleine terrasjes. Enkele vierkante meter, telkens een andere variëteit. Deze streek produceert bijna alle groenten voor heel Sri Lanka. Dit is ook de enige plaats op het eiland waar men rozen vindt, elders is het immers te heet. Ik voeg hier twee foto’s daarover bij.

In het Udawalawa Nationaal park waren weer olifanten op de afspraak, maar ook buffels, krokodillen, en veel, veel vogels. Tegelijk bood het park een moment van rust in een druk reisprogramma. Toen ik er drie dage geleden toekwam, vertelde de chauffeur dat het pas de derde regendag was na een droog seizoen. Beide dagen van mijn verblijf zijn er verschillende buien gevallen, maar ons gezelschap had geluk bij de safari: ik zag overal om ons heen donkere wolken en sluiers regen er onder, verschillende jeeps waren drijfnat, op de wegen stonden grote plassen water en wij hielden het droog!

Straks gaan we nog de stad Galle bezoeken, een nederzetting door de Nederlanders voorzien van een fort. Dit oude fort uit de zeventiende eeuw is nog bewoond en is een toeristische attractie geworden, vol winkeltjes met de duurdere souvenirs voor buitenlandse toeristen. Daarna volgt het afscheidsmaal.

Morgen nog een te kort bezoek aan de hoofdstad Colombo. Van daaruit vlieg ik terug.

Tot later. Geniet van en wees dankbaar voor het leven.

Gard

Week 2018-12 - GopuramWeek 2018-12 - Islam schoolWeek 2018-12 - Kathedraal

Gelezen in TERTIO van 7 maart 2018

1 . Dienstmaagdendag

Uit een Standpunt van mevr. Frederique Vanneuville

Met ongedifferentieerde mannenhaat heeft het feminisme vandaag niets meer van doen, wil het relevant zijn. Met systeemkritiek des te meer. Een essentieel probleem dat een centrale plaats moet bekleden in het hedendaagse feministische denken is de schijnbaar banale kwestie van huishoudelijk werk en de miskenning daarvan als wezenlijke bijdrage aan economie en samenleving.

Onder de titel Huishoudelijke arbeid: de stille vennoot van het kapitalisme beschrijft de maandelijkse vrouwenbijlage van L’ Osservatore Romano aan de hand van incognito getuigenissen het wijdverbreide en alombekende systeem van zusters die on(der)betaald in huishoudelijke dienst staan van kerkelijke instituten, priesters, bisschoppen en prelaten, vaak zonder enig arbeidscontract en zonder blijk van waardering voor hun werk. Wie door ziekte of ouderdom haar taken niet meer kan vervullen, wordt simpelweg vervangen – en vergeten, zelfs na dertig jaar trouwe dienst. Interne rebellie en frustratie zijn het gevolg, soms in die mate dat antidepressiva het enige redmiddel zijn om vol te houden.

Het artikel belicht voorts dat de verantwoordelijkheid voor vrouwonvriendelijke structuren in kerk en maatschappij niet uitsluitend in de schoenen van mannen kan worden geschoven. Een universiteitsprofessor die getroffen was door de intellectuele capaciteiten van een zuster en haar een doctoraat wilde laten maken, kreeg een njet van haar overste – ze zou het wel eens te hoog in haar bol kunnen krijgen. Dergelijk stilzwijgend doch actief in stand houden van het systeem maakt hun oversten mee verantwoordelijk.

2 . “Met Franciscus kreeg geloof veel concreter gezicht”

Uit een artikel van Emmanuel Van Lierde

Op 13 maart is het vijf jaar geleden dat Jorge Mario Bergoglio verkozen werd tot paus en daarbij koos voor de naam Franciscus. Naar aanleiding van dat lustrum laat Tertio Bruno Nève de Mévergnies aan het woord. Hij is de vorige Belgische ambassadeur bij de Heilige Stoel. “Paus Franciscus bewerkte een accentverschuiving naar de barmhartigheid. Dat was een meer dan welkome verademing.”

Naar de periferie

“Al te vaak werd en wordt het christendom gezien als een persoonlijke moraal, maar paus Franciscus gaf een veel concreter gezicht aan ons geloof. Hij verlegde de klemtoon naar de prioriteiten van het verhaal over het Laatste Oordeel in Matteüs 25. Daar wordt niet gevraagd of je wekelijks naar de eucharistie ging en de dogma’s accepteerde, wel wat je voor de minsten hebt gedaan. Franciscus vraagt ons niet naar binnen te kijken maar naar buiten, niet naar onszelf maar naar de anderen. Hij richt onze ogen op de mensen in de periferie, op de armen in de derde wereld én in ons midden, op de mensen die door oorlog en geweld moeten vluchten. Hij alarmeert ons: kijk naar die mensen, het zijn uw broeders en zusters, allen kinderen van God. Help hen.”

Wijsheid en geloof van Godfried Danneels: Groenen avant la lettre

De bijbel heeft een voorliefde voor elke uitdrukking, elke vorm van leven – ook voor de natuur, de dieren, maar vooral voor de mens, omdat God de Schepper en de ‘eigenaar’ is van het leven. Joden waren dus ‘groenen’ avant la lettre. Het verwondert me dat men in onze beschaving, die zo gevoelig is voor de zure regen en de jacht op zeehondjes, zo gemakkelijk beschikt over mensenlevens. Met al onze zorg voor de natuur vergeten we de mens… Hoe beschaafder een samenleving, hoe meer ze moet beseffen dat het menselijke leven heilig is, omdat geen mens zichzelf het leven geeft. God geeft het ons. Hoe beschaafder, ontwikkelder, geperfectioneerder een samenleving is, des temeer moet ze het leven beschermen. En hoe zwakker, bedreigder een mensenleven is, hoe meer aandacht en tederheid het vraagt. Ik durf zelfs te zeggen dat de liefde voor het ongeboren kind groter moet zijn dan voor een volwassene. Die liefde voor het kleine is in onze natuur ingebakken. Dus doet de kerk eigenlijk niets anders dan zeggen wat ook jij diep in je hart voelt, als je het helemaal vrij laat spreken, zonder passies, zonder egoïsme: de vanzelfsprekende liefde voor het kleine, zwakke en gehandicapte, de liefde voor oudere mensen.

Uit het boek: Een jaar met kardinaal Godfried Danneels (uitgegeven in 2009)

Week 2018-12 - K & L lay out titels0001

woensdag 14 maart 2018

Wijsheid en geloof van Godfried Danneels: De aarde in zijn zonnestelsel

Tijdens de vasten wordt er veel over bevrijding gesproken: persoonlijke, collectieve en sociaal-economische… Allerlei pastorale initiatieven worden in dat verband genomen, maar de bijbel komt daarbij weinig ter sprake. Onze vastencampagnes lijken soms op satellieten die hun baan om de zon kwijtgeraakt zijn. Als onze acties niet wortelen in een gelovige lezing van de Schrift, dan zal het Woord Gods ons leven en dat van de maatschappij nooit diepgaand veranderen. Wij gaan er altijd van uit dat wij zelf het heil tot stand brengen! In zijn brief over de tijd na het jubeljaar nodigt paus Joannes Paulus II ons uit om alle activisme te corrigeren en over te schakelen van doen op zijn, om eerst naar God te kijken en deel te hebben aan zijn leven. Het beste middel om de aarde weer in haar zonnestelsel te brengen is haar verbinden met Gods handelen.

Uit het boek: Een jaar met kardinaal Godfried Danneels (uitgegeven in 2009)

woensdag 7 maart 2018

Ons Leuven over Bertem, Korbeek-Dijle en Leefdaal

Artikel van Timo Van Havere uit de Nieuwsbrief nr. 28 van juli 2013 van de Erfgoedkamer Bertem

Tijdens de jaren 1920 werden verschillende lokale katholieke kranten opgericht. Zo bestond er Ons Tienen. Orgaan der katholieke partij van Tienen en omstreken en Ons Tervuren. Katholiek Vlaamsche Weekblad voor Tervuren, Duisburg, Vossem, Everberg en omstreken.

Toevallig konden we enkele nummers inkijken van nog een ander blad, Ons Leuven. Katholiek weekblad voor Leuven en omstreken. Deze krant werd opgericht in juli 1928, maar verwaterde al snel tot een politiek pamflet. Tijdens de eerste twee jaren van haar bestaan publiceerde ze allerhande artikeltjes over Bertem, Korbeek-Dijle en Leefdaal. We kozen er enkele uit.

BERTHEM. – Vandalenstreek. – Vorige nacht, werd aan het bekend rijwielmakershuis E. Meeus, Alsemberg, alhier, de kostbare gummidarm, ter waarde van 400 fr., dienende op de naftavergaarbak voor auto’s, doorgesneden, waardoor een massa benzine verloren liep. Een streng onderzoek is ingesteld. (7 oktober 1928)

CORBEEK-DYLE. – Zooals door ons aangekondigd, werd zondag het beeld van de H. Theresia van ’t Kindje Jezus, op luisterrijke wijze gewijd en ingehuldigd. Reeds van 1½ uur vormde zich een praalstoet in de Broekstraat, grensscheiding van Heverlee en Corbeek-Dyle. Vervolgens toog deze stoet, bestaande uit groepen, verkleede ruiters, padvinders, H. Hartbonden, Boerengilden, muziek- en andere maatschappijen, maagdekens en gekostumeerde groep, verbeeldende het lijden van O.L.H, enz., door het puik versierde dorp. Ook het groote beeld van de lieve Heilige Theresia en een praalwagen, puik ingericht, waar de Heilige Theresia verbeeld werd door een lief, braaf meisje van de gemeente. De geestelijkheid sloot den stoet.

Overal had men om het meest geijverd en gewerkt om huizen en straten te versieren en te bevlaggen. Tientallen zegeboogen waren opgericht. Het volk was van alle kanten toegestroomd, daar het puik weder als weggeleid scheen voor dit feest.

Door Mgr Quirius Nols, Prelaat der abdij van Park (Heverlee), bijgestaan door eenige E.H. Kanunnikken derzelfde abdij, werd op een prachtig verhoog, de stoet in oogenschouw genomen. De Hoogw. Prelaat zegende het volk en inzonderheid de kleine kinderen. Z.H.W. volgde dan met mijter en staf, den stoet en ging vervolgens over, in de kerk, tot de wijding van het groote beeld van de H. Theresia.

Week 2018-10 - 001

Lof volgde met sermoon, en de lieve kerk was stampvol. In een woord, het was meer dan een feestdag te Corbeek-Dyle – het was een Hoogdag – De brave bevolking haalt eer van de versiering. (21 oktober 1928)

LEEFDAEL. Wij maakten melding van de brutale aanranding op den eenzamen weg Berthem-Leefdael (gehucht Ste-Verone) van het 16-jarig meisje B…, van Berthem, die ’s avonds alleen huiswaarts ging en benevens de kapel van Ste-Veronica, te Leefdael, op ’t onverwachts aangevallen werd door zekeren V…, van Leefdael, een slecht befaamde kerel. Daar de klacht niet onmiddellijk ingediend werd, kon het gerecht ook niet eerder ingrijpen. Gedurende het ingestelde onderzoek, waarbij tal van getuigen naar Leuven geroepen werden, bleken de feiten nogal bezwarend voor den dader, die dan ook ingerekend werd en gevankelijk te Leuven werd gevoerd Dinsdag morgen. Het is voor de bevolking aldaar een ontlasting en die zaak wordt druk besproken. Het onderzoek duurt steeds voort. (21 oktober 1928)

LEEFDAEL. – Baankoers. – Heden Zondag, 11 Oogst, zal alhier, door de club “De Snelle Wielrijders”, lokaal “Casino”, bij A. Van Esch, een baankoers voor alle onderbeginnelingen ingericht worden over een afstand van 50 km. goede wegen, 600 frank geldprijzen worden uitgeloofd. Inschrijvingen bij Van Esch, tot aan ’t vertrek der koers te 14½ uur. (T.) (11 augustus 1929)

Wijsheid en geloof van Godfried Danneels: Gebroken lichaam

Men zegt weleens dat onze tijd gekenmerkt wordt door de ontdekking van het lichaam. Van het mooie, sterke, atletische lichaam. Van het lichaam als meesterwerk van de Schepper en als tempel van de Geest. Het is wellicht zo dat wij meer dan ooit proberen ons lichaam echt te bewonen. Maar onze tijd is ook de tijd van de gekwetste lichamen, verscheurd door zoveel oorlogen, van binnenuit aangetast door zoveel kwaad. Christenen moeten leren gekwetste mensen te ontdekken, hen lief te hebben en mee te werken aan hun heling. Want een gekwetst lichaam kan een bron van levend water worden: is het niet uit de doorboorde zijde van de gekruisigde Christus dat het water en het bloed stroomden die de wereld zouden redden? De diepe liefdesband met de arme, de zwakke, de verdrukte leidt ons binnen in de liefde van Jezus en zijn Vader. Op het eerste gezicht kan het kijken naar de verwondingen van anderen ons verdrietig maken. We zouden ons liever willen wegdraaien van lijdende mensen. Hun verwondingen openbaren ons immers wat er in onszelf nog gekwetst is. Maar als je deze mensen aanraakt, als je je verbindt met hen, dan pas zal dat levend water van het mee-lijden in je opborrelen, in de ware betekenis van het woord: samen met de gebroken mens kun je binnengaan in het geheim van Jezus’ paasmysterie: sterven om te leven. Want Jezus leeft in arme, gekwetste lichamen. Hun verwondingen zijn de zijne.

Uit het boek: Een jaar met kardinaal Godfried Danneels

woensdag 28 februari 2018

Wijsheid en geloof van Godfried Danneels: Moord op God

Op een of andere manier is onze westerse cultuur schuldig aan een soort moord op God. Daardoor is de situatie van de moderne mens in meerdere opzichten eigenlijk ondraaglijk geworden. Men heeft zonde vervangen door vergissing en men heeft alles verdrongen. En de grondslagen van de moraal zijn afgebrokkeld. De kwestie is nu niet meer zozeer te weten wat goed of kwaad is, maar wel de vraag: ‘Is er nog wel goed of kwaad?’ De vraag: ‘Wat moet ik doen om mijn geweten te vormen en te volgen?’ heeft plaats gemaakt voor een andere vraag: ‘Is mijn geweten niet altijd onfeilbaar en vanzelf gevormd, zodat ik altijd mag doen wat het mij voorschrijft?’ De moord op God is voor een deel te verklaren vanuit de karikaturen van de ware God. Er heeft een soort ontwaken plaatsgevonden van het menselijke ik, dat er niet in geslaagd is zich juist te situeren ten overstaan van God zoals hij werkelijk is: een God die, omdat hij Vader is, absoluut niet de mens wil onderdrukken, maar juist de grondslag is van zijn kindschap, zijn autonomie en zijn leven.

Uit het boek: Een jaar met kardinaal Godfried Danneels

woensdag 21 februari 2018

Wafelenbak 2018

clip_image002[1]

WOS

Werkgroep

Ontwikkelings-

Samenwerking.

De wafelijzers zijn weer opgeborgen
en de wafels verkocht …

Dan past een woord van dank

aan alle vlijtige bakkers en lieve bakkerinnen,
aan alle gulle schenkers van materiaal of eieren,
aan alle moedige verkopers en even moedige verkoopsters
aan allen die deze actie in het hart dragen en aanbevelen
en vooral aan alle vriendelijke mensen
die de WOS-wafels kopen en waarderen
of die een gift stortten.

We hebben dit jaar 90 kg bloem verwerkt en …
we maakten een winst van 2.670 euro.

Hartelijk dank in naam van de werkers in de derde wereld
rond de projecten die door WOS ondersteund worden en…

Tot volgend jaar wellicht

De W.O.S.

Gelezen in TERTIO van 7 februari 2018

Uit een reactie van Johan Plas in een lezersbrief op het standpunt van David Van Reybrouck over de politiek. (Zie Kerk & leven van 7 februari 2018)

Als ik Van Reybrouck volg, zouden politici zich niet moeten laten leiden door overwegingen van het kiespubliek, maar in de eerste plaats hun ideaal moeten volgen. Wie daar dieper over nadenkt, merkt dat zoiets haaks staat op het grondprincipe van de democratie, namelijk dat politici het volk vertegenwoordigen en zodoende in de eerste plaats rekening moeten houden met hun kiespubliek. Politiek die hoofdzakelijk steunt op idealen, mondt trouwens vrijwel altijd uit in de dictatuur van het ideaal.

Wijsheid en geloof van Godfried Danneels: Schamele woorden, rijk hart

Als je weet dat je je partner elke dag ontvangt uit de hand van God, zeg je telkens weer: ‘Je hebt het recht om vandaag te zijn zoals je bent, ik respecteer je en hou van je, juist daarom. Ik wil je niet veranderen, niet gebruiken, niet manipuleren als een object.’ Veel christenen hebben een al te vaag begrip van de heiligheid van het huwelijk. Een huwelijk is Gods werk: hij heeft man en vrouw geschapen en hen – met alle respect voor hun vrijheid – naar elkaar geleid. Als mijn vrouw, mijn man mij tekens van liefde geeft, doet hij of zij dat niet alleen uit eigen kracht en wil, hij of zij geeft ze me vanuit de Heer. Dat is het sacrament van het huwelijk. Het is God die ik in hem of haar mag ontmoeten. En mijn partner zegt me: ‘Kijk mijn woorden zijn schamel, maar mijn hart dat bewoond wordt door God is immens rijk.’ Waar twee of drie mensen in Jezus’ naam samenzijn, daar is hij in hun midden. Waarom zou Christus dan niet aanwezig zijn als man en vrouw verenigd zijn? In het huwelijk voor God gesloten, is de Heer die zegt: ‘Ik waarborg je dat de liefde die je op dit ogenblik voor elkaar voelt altijd jong en echt zal blijven, want het is mijn liefde die ik je geef en waarmee je elkaar mag beminnen. En mijn liefde is sterker dan de dood.’

Uit het boek: Een jaar met kardinaal Godfried Danneels

woensdag 14 februari 2018

Gelezen in TERTIO van 31 januari 2018

1 . CM, ACV en beweging.net verzetten zich tegen de bewering dat de opvang van vluchtelingen onze sociale zekerheid in gevaar brengt. Ze wijzen erop dat vluchtelingen geen rechten hebben in de Belgische sociale zekerheid zolang zij er niet toe bijdragen. De organisaties stellen dat de sociale zekerheid niet van buitenaf wordt bedreigd maar van binnenuit. De beslissing van de federale overheid in het kader van de taxshift om de werkgeversbijdragen fors te laten dalen, weegt immers zwaar op de ontvangsten van de sociale zekerheid.

2 . Het Vaticaan neemt dit jaar voor de eerste maal deel aan de biënnale voor architectuur in Venetië (26 mei tot 25 november). Tien architecten uit tien verschillende landen zullen elk een kapel ontwerpen die na de biënnale weer opgebouwd wordt op een plaats die niet over een gebedshuis beschikt.

(1. en 2. Ludwig De Vocht en Joris Delporte)

3 . Liefde in tijden van onrust

Uit een artikel van Sylvie Walraevens

Brussels staatssecretaris Bianca Debaets (CD&V) publiceert vandaag Brussel, mijn weerbarstig lief.

In dat boek maakt ze van de passie voor haar “geliefde” geen geheim, al is dat lief verdraaid tegendraads. Debaets wil haar eigenzinnige beminde niet temmen, maar geeft de relatie zuurstof voor een nieuwe adem.

Afwezige vaders

Waarom jonge mensen met allochtone wortels in onze samenleving geen thuis vinden, is deels te verklaren doordat de vaders in het verleden te weinig betrokken werden bij het integratieproces, gelooft Debaets. “Het beleid van de jaren 1970-’80 was vooral op de moeders gericht. We verloren uit het oog dat de nieuwkomers uit een patriarchale samenleving kwamen, waarin de vaders een sterke gezagspositie innamen. Veel mannen twijfelden aan hun identiteit omdat ze in deze samenleving geen duidelijke rol toegekend kregen. Ze trokken zich terug in hun theehuizen en werden afwezige vaders. Veel Syriëstrijders komen niet uit sociaaleconomische probleemsituaties, maar misten een vaderfiguur.”

“Daarom starten we binnenkort een project met buurtvaders. Het idee komt uit Nederland en heeft daar zijn vruchten afgeworpen. Vaders uit verschillende gemeenschappen zullen in een aantal moeilijke Brussels wijken op straat aanwezig zijn om crimineel gedrag preventief een halt toe te roepen. De Rotterdamse probleembuurt die met die aanpak werkte, is vandaag niet meer te herkennen. Net als in Brussel had ze te kampen met rellen en criminaliteit. Vandaag is de wijk, mede door stadsinnovatie, een aantrekkelijke plek geworden. De Marokkaanse theehuizen, staaltjes van allochtoon ondernemerschap, floreren er broederlijk naast Italiaanse restaurants of hippe cafés. Ze schenken alcohol en vrouwen zijn er welkom. Het kan echt anders, als de overheid de juiste keuzes maakt, bijvoorbeeld door het handelsaanbod in een wijk te diversifiëren, zodat er geen getto’s ontstaan.”

Maria Lichtmis 2018

Week 2018-07 - 003Week 2018-07 - 006Week 2018-07 - 007Week 2018-07 - 009

Op zondag 28 januari 2018 hield KVLV Korbeek-Dijle haar jaarlijkse Lichtmisviering in de kerk. De viering, voorgegaan door Maria Maginelle, was een aaneenschakeling van mooie teksten waarbij de eerste lezing toch bijzonder opviel. Van dat verhaal laat ik u graag mee genieten:

Er was eens een klein meisje dat graag God wilde ontmoeten. Ze was zich ervan bewust dat de weg naar de plaats waar God leefde heel lang zou zijn. Dus pakte ze haar rugzak, stopte er enkele blikjes frisdrank en een paar chocoladerepen in, en ging op stap.

Na een kleine wandeling kwam ze bij een park. Daar zag ze een oud vrouwtje op een bank. Ze keek naar de duiven die de broodkruimels oppikten die ze voor hen op de grond gooide. Het kleine meisje ging bij de vrouw op de bank zitten en deed haar rugzak open. Toen ze een blik frisdrank wilde opentrekken, ontmoette haar blik die van de oude vrouw. Dus pakte ze een chocoladereep en gaf die aan de vrouw.

Dankbaar nam die de zoetigheid aan en glimlachte daarbij. Het meisje vond het een heel mooie glimlach en gaf de vrouw ook een blikje frisdrank. De vrouw glimlachte weer, nog mooier dan eerst.

Het kleine meisje vond het prachtig. Zo zaten die twee een hele tijd op de bank in het park en aten met elkaar de chocoladerepen en dronken frisdrank, maar geen van beiden zei een woord. Toen het donker werd, voelde het meisje dat ze moe werd en besloot ze terug naar huis te gaan. Na enkele stappen stopte ze, keerde terug naar het oude vrouwtje en gaf haar een dikke knuffel. Het vrouwtje glimlachte weer heel gelukkig.

Toen ze thuiskwam zag haar moeder de vreugde op het gezicht van haar dochtertje en vroeg: “Wat heb je vandaag voor leuks gedaan dat je zo vrolijk kijkt?” En het kleine meisje zei: “Ik heb vandaag met God gegeten en ze heeft een heel mooie glimlach!”

Ook de oude vrouw was naar huis gegaan waar haar dochter op haar wachtte. Ook die vroeg waarom ze er zo blij uitzag. En ze antwoordde haar: “Ik heb vandaag met God gegeten en ze is veel jonger dan ik had gedacht.”

We moeten het niet te ver zoeken om God te ontmoeten.

Wijsheid en geloof van Godfried Danneels: Liefde in september

Liefde is een soort plant die groeit en die in de loop van haar groei van gedaante verandert. Elke liefde begint met de woorden: ‘Omdat jij mooi, verstandig, lief, ijverig, goed, begrijpend bent, omdat jij al deze kwaliteiten hebt, daarom hou ik van je.’ Maar welke vrouw of man kan in de loop van haar of zijn leven, dertig, veertig, vijftig jaar lang, al deze kwaliteiten, die de partner haar of hem toebedacht, blijven waarmaken? Indien liefde daarop blijft voortbouwen, indien je elkaar zo in bezit blijft nemen, dan zal je liefde sterven. Want mannen en vrouwen worden ouder en verliezen sommigen van hun kwaliteiten… Zo zijn er liefdes die breken, zoals een blad van een boom na het volle leven van de zomer in september of oktober op de grond valt. Intussen moet er iets met die liefde gebeuren. Zoals een pop vlinder wordt en van gedaante verandert, zo moet de liefde ook veranderen. Steeds meer wordt liefde: ‘Ik bemin je om wie je bent, gratis. Ik geef me prijs aan jou en geef me aan jou, ook met je fouten en gebrek aan kwaliteiten.’ Liefde wordt dan in plaats van grijpend en ‘iets voor mezelf nemend’, gevend en aan de ander overgeleverd. Met de liefde moet gebeuren wat met de hand van een kind gebeurt: als een kindje wordt geboren, houdt het de vuistjes toe. Dat is bijna symbolisch: mijn leven hangt af van wat ik kan grijpen. Naarmate een kind groeit, gaat het handje open. Het gaat alsmaar minder grijpen en meer geven. Dat moet ook met de liefde gebeuren, anders overleeft ze de maand september niet.

Uit het boek: Een jaar met kardinaal Godfried Danneels

woensdag 7 februari 2018

Gelezen in TERTIO van 24 januari 2018

1 . Operatie Moed en Stijl

Uit een standpunt van Sylvie Walraevens

In een lucide Facebookpost sloeg David Van Reybrouck nagels met koppen toen hij zich afvroeg of politieke partijen door electoraal te redeneren aan de juiste kant van de geschiedenis staan. Hij raadde politici aan te getuigen dat ze liever verkiezingen verliezen dan idealen, dat ze niet alleen politiek leiderschap, maar ook moreel leiderschap nastreven. Die oproep formuleerde Van Reybrouck in volle Soedankwestie, maar geldt voor het hele politieke bedrijf. Niemand verwoordde de nood aan politieke moed treffender dan hij.
Politici met een rustige ongekunstelde stijl, die helder feiten, afspraken en standpunten verdedigen, genieten veel aanzien, omdat ze zelden in nauwe schoentjes geraken.

2 . Dieu a besoin des hommes

Uit een lezersbrief van Jean-Pierre Claeys Bouuaert

Waarom ondervinden de hedendaagse pastores zo weinig steun van hun overheid? Waarom krijgen ze geen antwoord op hun terechte vragen?

Er is een onomkeerbare culturele verschuiving aan de gang waardoor de traditionele ambtelijke invullingen tekortschieten. Maar het blijft ook waar dat God mensen nodig heeft. Want zonder (profetische) mannen en vrouwen zullen velen vergeten dat ze broeders en zusters zijn van dezelfde liefdevolle Vader. Het komt als een weerkerend refrein in de Schrift naar voren: als het volk zijn God verlaat, loopt het fout af. Dat zal in onze tijd niet anders zijn. Daarom: “Dieu a besoin des hommes”. Mannen en vrouwen, jongeren en ouderen, profeten, die de noodkreten van de hedendaagse mens horen en naar Gods beeld tot hun medemens zeggen: “Ik zal er zijn”. Hopelijk worden die mensen ook gezonden door hun leiders om zelf voorganger en herder te worden.

3 . Quote

“God dien je niet alleen met de handen gevouwen, maar vooral met de handen uit de mouwen.”

Everhard van Dalen, geëngageerd in armen- en vluchtelingenhulp

Wijsheid en geloof van Godfried Danneels: Heb medelijden!

Jezus ervaren betekent dat je hem ziet, hem aanraakt, dat de Geest tot in je hart doordringt. Zonder die ervaring van Jezus is er geen christelijk leven mogelijk. Laat hem in je hart doordringen. Geloof niet dat je daardoor naïef bent. Als jij dat bent, wil ik het samen met jou zijn. Wees niet bang, want de ervaring van Jezus is het begin van een leven vol vreugde, vrede, vruchtbaarheid. Er is maar één iets waardoor je weet of je ervaring van Jezus authentiek is: de eenvoud en de nederigheid van hart, van waaruit je zegt: ‘Heer, heb medelijden met mij.’ Als je zegt: ‘Ik ben zonder zonde,’ dan leeft God niet in je. Ik nodig je uit je hart te openen, in het licht te wandelen, niets te verbergen, je helemaal te openen voor God en eenvoudig te zeggen: ‘Heer heb medelijden met mij, want ik ben een arm mens.’ God alleen weet wat die oceaan van barmhartigheid en tederheid, van bekering en innerlijke vrede, het sacrament van de verzoening, in de wereld heeft gebracht. God alleen weet tot welke intensiteit van vreugde, geluk en bevrijding die eenvoudige belijdenis van zonden ons brengt.

Uit het boek: Een jaar met kardinaal Godfried Danneels

woensdag 31 januari 2018

Gelezen in TERTIO van 17 januari 2018

Hoe Luthers geschriften antisemitische catechismus werden

Uit een artikel van Emmanuel Van Lierde

De verhouding van Maarten Luther tot de joden blijft een heikele kwestie. Boeken blijven over het onderwerp verschijnen en lezingen erover lokken veel volk.

Het antisemitisme behoort tot de zwarte bladzijden uit de geschiedenis van het christendom. Door de eeuwen heen werden joden afgeschilderd als Godsmoordenaars en die negatieve beeldvorming voedde de afkeer. Historicus Bart Wallet publiceerde onlangs nog het vlot verkopende boek Christendom en antisemitisme over twee eeuwen confrontatie tussen joden en christenen. Een hoofdstuk over Maarten Luther kon niet ontbreken. Toonaangevend blijft het standaardwerk Luthers Juden van de Duitse kerkhistoricus Thomas Kaufmann.

Bekering

Kaufmann was afgelopen najaar te gast bij het Instituut voor Joodse Studies en het Universitair Centrum Sint-Ignatius Antwerpen waar hij 150 toehoorders wegwijs maakte in Luthers visie en de receptie ervan in de 19de en 20ste eeuw. Een eerste vaststelling is dat het gebied waar Luther leefde, vrij was van joden en hij in zijn leven amper ontmoetingen met joden heeft gehad. De reformator vond het niet zo vreemd dat de joden zich tot dan toe niet bekeerd hadden. Omdat de rooms-katholieke kerk zo ontspoord was, kon ze hen alleen afstoten van het christelijke geloof. Maar met het naderen van het einde der tijden en de doorbraak van de Reformatie, zouden ze wel christen worden. Dat dit niet gebeurde, zette Luther ertoe aan hun koppigheid te veroordelen en sancties tegen de joden te bepleiten. Nogmaals beklemtoonde Kaufmannn dat de reformator zich met zijn geschriften niet tot de joden zelf richtte, maar tot de christenen. Zij moesten hun Verlosser omarmen en Luther hoopte op een homogeen christelijk Duitsland. Hij wilde “ketterse ideeën” uitbannen, zodat ze geen slechte invloed konden hebben op de christenen. “Zijn enige zorg was dat de mensen Christus zouden erkennen.”

Politieke recuperatie

Volgens Kaufmann werd de visie op het jodendom van de latere Luther lang geminimaliseerd. Pas in een pamflet van 1882 of ’83 wordt de reformator afgeschilderd als de eerste antisemiet. Het leidt tot het heruitgeven van zijn Judenschriften. Vanaf dan wordt zijn gedachtegoed steeds meer een wapen tegen de joden, met als driest hoogtepunt het misbruik ervan door het nazisme. Luther werd politiek gerecupereerd om het beleid en de daden van het Derde Rijk goed te praten. “We kunnen niet ontkennen dat er kiemen voor antisemitisme in zijn werk staken waardoor Luther effectief kon uitgroeien tot een boegbeeld van de jodenhaat. De enige remedie bestaat erin de context en de adressanten (de christenen) van zijn oeuvre te zien”, besluit Kaufmann.