woensdag 4 februari 2015

Tweede Wereldoorlog - deel 21

Bij besluit van de Regent van 6.4.1949 werd het diploma van het bijzonder landbouwereteken 1ste klas toegekend aan:

-Maginelle Jan (de Suisse)

-Michiels Constant (Staa den Ronne)

-Berthels Engelbert (Bert va Ciske)

-Van Geel Joseph (Lange Jef)

-Vermeulen Joseph (Jef Boer)

Waarschijnlijk waren dat de bestuursleden van de Boerengilde.

Een brief van 6.4.1951 van de burgemeester aan de Consulent in de Boerderijbouwkunde te Grimbergen, naar aanleiding van een aantal vragen van deze laatste, dringt aan op de aansluiting van de huizen van Korbeek-Dijle op de openbare waterleiding omdat er een gebrek aan drinkwater is ontstaan, vooral bij de hoger gelegen huizen, nadat de Nationale Maatschappij van Waterleidingen water is beginnen op te pompen in de Dijlevallei.

Door het Nationaal Instituut voor Landbouwkrediet werd aan de landbouwers, die schade hadden ondergaan aan hun graangewassen ten gevolge van de vorst in februari 1956, in totaal 60.275 fr schadevergoeding uitgekeerd. Het ging om 48 landbouwers.

In 1956 hadden 4 boeren in Korbeek-Dijle een tractor:

-Kamiel Coeckelberghs Steyr 30 PK bedrijfsoppervlakte: 22 ha 30 a

-Isidoor De Bontridder Man 40 PK bedrijfsoppervlakte: 21 ha 65 a

-Jan Van Caudenberg Schl├╝ter 30 PK bedrijfsoppervlakte: 9 ha 82 a

-Jozef Van Geel Man 40 PK bedrijfsoppervlakte: 28 ha 00 a

In 1959 was hun aantal aangegroeid tot 8 met:

-Jozef Maginelle 36 PK

-Herman Van Geel 25 PK

-Jozef Michiels 30 PK

-Jules Vanderwegen 23 PK

Vergoedingen voor de verbouw van voedergranen bestemd om de prijsstijging van de voedergranen te vergoeden voor landbouwers die voedergranen gebruiken:

-1.250 fr per ha voor rogge-, spelt-, wintergerst-, zomergerst- en masteluinteelten die in de telling van 15.5.1957 werden opgenomen

-750 per ha voor haverteelten en menggranen andere dan masteluin eveneens opgenomen in de telling van 15.5.1957

Op 26.4.1958 werd op voorgaande basis 107.465 fr uitbetaald aan 79 landbouwers;

Op 12.11.1959 werd 151.781 fr uitbetaald aan 70 landbouwers, maar nu werd de berekening gebaseerd op de totale bedrijfsoppervlakte: in onze streek, de zandleemstreek, 500 fr per ha voor bedrijven van 1 ha tot minder dan 10 ha, en 400 fr per ha voor bedrijven van 10 ha tot 20 ha.

Op 16.3.1961 werd 152.250 fr uitbetaald aan 55 landbouwers, ditmaal volgens een heel ingewikkelde berekeningswijze.

In de jaren 1950 werden de buitensporige repressiemaatregelen van vlak na de oorlog teruggeschroefd en werd veelvuldig eerherstel toegekend. In een nota van 3.5.1960 aan de burgemeester zegt de Procureur des Konings hierover:

“Het is niet alleen verboden op de getuigschriften van goed zedelijk gedrag van de in eer herstelde personen de door eerherstel uitgewiste veroordelingen te vermelden maar ook van het bestaan van eerherstel melding te maken.”

Tot zo ver mijn oorlogsrelaas.

Cyriel Letellier